KENNISARCHIEF 2020 - 2021

Nieuws

card image

Nieuws

RSD Clothing BV start nieuwe ontwikkeling in Roermond via OML

Nieuws

Nieuws

RSD Clothing BV start nieuwe ontwikkeling in Roermond via OML

In 2020 sloot OML een koopovereenkomst met RSD Clothing BV voor de koop van een bedrijfskavel ter grootte van circa 6.500 m2 in Roermond. Na enige vertraging vanwege coronaperikelen, draagt OML op 9 april 2021 de grond over aan de nieuwe eigenaar.

RSD holding BV - REHALL ontwikkelt een bedrijfspand op bedrijventerrein Boven de Wolfskuil. De heer Hans Coppus, directeur bij OML, is zeer content met deze kwalitatief hoogwaardige ontwikkeling op het terrein. ‘Het sluit perfect aan bij de doelen van beeldkwaliteit, zoals vooraf is afgestemd’, zoals hij omschrijft.

Bedrijventerrein Boven de Wolfskuil

Het bedrijventerrein is gelegen ten zuiden van de stad Roermond, dichtbij de kern van Herten. Met een ligging pal naast de A73 is er een uitstekende bereikbaarheid naar het achterland met eenvoudige aansluitingen naar België en Duitsland. Het bedrijventerrein is gesplitst in een kantorengedeelte met panden van Rabobank, Numidia, Koenen en Co en Businesscenter de Roerpoort. Aan de andere zijde, bestemd voor bedrijvigheid, realiseert RSD-REHALL haar nieuwe bedrijfspand op een royaal perceel van circa 6.500 m2. Met een directe ligging aan de Rijksweg betreft het hier een mooie zichtlocatie.

Over RSD-REHALL

Ronald Smits is eigenaar van RSD Holding BV waaronder RSD Clothing BV valt. Deze ontwikkelt en produceert een eigen merk ski- en snowboard kleding onder de naam REHALL. Niet alleen is hij eigenaar, maar ook de creatief bedenker van de kleding, inmiddels uitgegroeid tot internationaal outerwear merk. De kleding is te omschrijven als modern, sportief en technisch. Gemaakt van functionele materialen om hoogwaardige, sportieve kleding te ontwikkelen met een prettig draagcomfort. RSD-REHALL gaat het bedrijfspand in gebruik nemen als ontwerpstudio, werkplaats en opslag. Daarnaast zijn er diverse kleine en grote units beschikbaar voor de verhuur. En zoals Ronald Smits zelf aangeeft; bij voorkeur voor creatieve ondernemers, passend  bij zijn eigen onderneming.

Over OML

OML BV draagt bij aan de economische ontwikkeling van de regio Midden-Limburg en doet dit in samenwerking met gelieerde partijen, bedrijfsleven en overheden. OML B.V. heeft de volgende kerntaken: ontwikkeling en uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen, acquisitie van bedrijven en sales van bedrijventerreinen, locatie- en gebiedsontwikkeling alsmede advisering bij ruimtelijk-economische vraagstukken. OML heeft percelen te koop op de bedrijventerreinen: Businesspark Midden-Limburg in Echt, Windmolenbos en Zevenellen in Haelen, De Schroof, De Hanze, Boven de Wolfskuil, De Grinderij en Oosttangent in Roermond.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Plannen voor natuurinclusief pand op Green Park Aalsmeer

Nieuws

Nieuws

Plannen voor natuurinclusief pand op Green Park Aalsmeer

Heembouw/ Stellar Development heeft onlangs plannen gepresenteerd voor een nieuw pand aan de Hollandweg (de kavel tussen de N201, de Hornweg en de Hollandweg). Het gaat om een ‘duurzaam, natuurinclusief en klimaatadaptief’ distributiecentrum ontworpen door Heembouw Architecten. Zo krijgen de gevels een groene plint met klimplanten en geïntegreerde nestkasten, die geschikt zijn voor inheemse vogelsoorten, zoals de gierzwaluw.

“We vinden het belangrijk om met ons gebouw een positieve impact op mensen en hun leefomgeving te hebben”, zegt Robert Dolieslager, manager bij Heembouw Bedrijfsruimten B.V. “Met dit ontwerp sluiten wij aan op de ambities van Green Park Aalsmeer wat betreft ecologie, circulariteit, energie en klimaatbestendigheid.”

Veel groen

Het pand krijgt een natuurlijk groene uitstraling. Aan de achterzijde en de zijkanten van het pand komt een brede, bloemrijke groenstrook met volwassen bomen. En boven de expeditieruimte (aan de voorzijde van het pand) komt een daktuin van circa 3000 m2 met onder andere fruitbomen. Op de rest van het dak komen wat de ontwikkelaar betreft PV-panelen, die bijna 1000 huishoudens van stroom kunnen voorzien. Verder krijgt het pand rondom (behalve aan de voorzijde) een groene plint van circa 3 meter hoog, voorzien van klimplanten en nestkasten voor vogels en vleermuizen. Het pand krijgt een aardentint, die goed past bij het groen.

Oog voor omgeving

Heembouw heeft ook goed nagedacht over de relatie van het pand met zijn directe omgeving, zegt Dolieslager: “Daglicht komt aan de achterzijde van het gebouw binnen via kunststof panelen. Deze zijn lichtdoorlatend, maar niet transparant, zodat de privacy van omwonenden is geborgd.  Verder komen de parkeerterreinen aan de kant van de Middenweg en dus uit het zicht van de omwonenden. Het verkeer komt via een aparte afrit van de N201 aan bij  het gebouw en verlaat het terrein via de Hollandweg. Ook daar zullen omwonenden relatief weinig overlast van ondervinden.”

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

2,5 miljoen voor minder CO2-uitstoot Noord-Hollandse bedrijventerreinen

Nieuws

Nieuws

2,5 miljoen voor minder CO2-uitstoot Noord-Hollandse bedrijventerreinen

De provincie Noord Holland stelt 2,5 miljoen euro subsidie beschikbaar voor duurzame energiemaatregelen op bedrijventerreinen.

Gemeenten en ondernemers kunnen de subsidie besteden aan onder andere zonnecollectoren en dakisolatie. De provincie wil er met deze regeling voor zorgen dat de CO2-uitstoot op bedrijventerreinen substantieel afneemt.

Gedeputeerde Ilse Zaal: “Ondernemers zijn zich steeds meer bewust van het belang van duurzaamheidsmaatregelen en de economische voordelen ervan. De coronacrisis heeft de aandacht hiervoor naar de achtergrond gedrukt. De provincie wil de verduurzaming op gang houden en bedrijven aansporen én ondersteunen zodat zij toch besparende maatregelen gaan treffen en op een duurzame manier energie gaan opwekken. Door dit te doen valt de nodige winst te behalen als het gaat om CO2-uitstoot op de bedrijventerreinen. De 2,5 miljoen euro komt uit het economisch herstel- en duurzaamheidsfonds dat de provincie afgelopen jaar in het leven heeft geroepen.” 

Gemeenten, parkmanagementorganisaties en samenwerkingsverbanden van tenminste 3 ondernemers kunnen een subsidieaanvraag indienen voor onder andere LED-verlichting, zonnecollectoren, warmte- en koudeopslag (WKO), dakisolatie en HR isolatieglas. 

Herstelfonds 

De provincie Noord-Holland stelt 100 miljoen euro beschikbaar om de economische en maatschappelijke effecten van de uitbraak van corona te verzachten. Het economisch herstel- en duurzaamheidsfonds wordt de komende jaren ingezet voor minder CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving, steun aan de culturele en maatschappelijke sector en voor meer en goed geschoold personeel voor de technische sector. 

Geschat wordt (Bureau BCI) dat ongeveer 60% van het totale energieverbruik in de economie plaatsvindt op bedrijventerreinen. Verduurzamen door energiebesparende aanpassingen en verduurzaming van de opwek en het gebruik van energie kan daarom een substantiële vermindering van de CO2-uitstoot opleveren. De provincie zet daarom een deel van het herstelfonds in voor duurzaamheidsmaatregelen op bedrijventerreinen. 

Subsidie aanvragen 

Meer informatie over de Uitvoeringsregeling subsidie HIRB+ duurzaamheid Noord-Holland 2021 staat vanaf begin april in het subsidieloket op de website van provincie Noord-Holland. Aanvragen van een subsidie kan tot eind december 2021. Verduurzaming is in het economisch beleid van de provincie al een aandachtspunt en subsidiëring daarvan is in huidige regelingen al mogelijk, mits in het kader van een algemene herstructurering van een bedrijventerrein. 

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Grote stap naar ontwikkeling van het Vijfde Dorp in de Zuidplaspolder

Nieuws

Nieuws

Grote stap naar ontwikkeling van het Vijfde Dorp in de Zuidplaspolder

In navolging op het bidboek (2017) en de concept-ontwikkelingsvisie (2019) presenteert de gemeente Zuidplas nu het “masterplan Middengebied Zuidplaspolder”. In dit plan worden de contouren geschetst van een nieuw dorp met 8.000 woningen en nieuwe bedrijventerreinen in een vernieuwend landschap. Dit plan is mede tot stand gekomen in constructieve samenwerking met bestuurlijke partners, ideeën van omwonenden, ondernemers en (natuur)organisaties. Daartoe is er een bestuurlijke overeenkomst opgesteld tussen de gemeente Zuidplas, de provincie Zuid-Holland en de Grondbank RZG Zuidplas die de basis vormt voor de realisatie van het masterplan.

De provincie Zuid-Holland heeft de Zuidplaspolder in 2004 aangewezen als ontwikkellocatie voor woningbouw. Dat had een reden, want er is al jaren een grote vraag naar woningen. En dan vooral betaalbare woningen en huizen voor kleine huishoudens. Tot nu toe heeft de gemeente Zuidplas zich vooral gefocust op de uitbreiding van de bestaande dorpen. Echter dat is niet voldoende. Er is noodzaak om samen verder te bouwen. De afgelopen jaren heeft de gemeente Zuidplas in samenspraak met de bestuurlijke partners hard gewerkt aan de planvorming voor het Middengebied: van bidboek, concept-ontwikkelingsvisie tot masterplan en een bestuurlijke overeenkomst met de partners. De gemeente Zuidplas toont lef door de regie voor de ontwikkeling van het nieuwe ‘Vijfde Dorp’ in eigen hand te nemen. De provincie Zuid-Holland en de deelnemers aan de Grondbank RZG Zuidplas dragen hieraan bij door het aanpassen van beleid, het inbrengen van grond en het inzetten van geld.

drs. ir. Anne Koning, gedeputeerde Wonen en Ruimtelijke Ordening Provincie Zuid-Holland: “Trots dat we na een periode van bijna 20 jaar nu echt een doorbraak hebben bereikt. Door een constructieve samenwerking realiseren we 8.000 nieuwe woningen, voor een belangrijk deel in het betaalbare en sociale segment. Hier ontstaat een groen en duurzaam gebied waar mensen prettig kunnen wonen, werken en recreëren.” 

Het college van Zuidplas committeert zich aan de realisatie van de opgave
De presentatie van het masterplan bestendigt de regierol die Zuidplas al enige tijd op zich neemt en concretiseert de ambities en uitgangspunten uit het raadsbesluit van juni 2019. Vaststelling van dit masterplan en de bestuurlijke overeenkomst betekent daarmee ook duidelijkheid over het vervolgproces met de bestuurlijke partners. 

Wethouder Jan Hordijk van Zuidplas: “Het openbaar kunnen maken van het masterplan is een mijlpaal in een proces dat al bijna twee decennia loopt. Tegelijkertijd is het een startpunt voor uitwerkingen, het betrekken van de omgeving, het versterken van draagvlak en het uitvoeren van beleid en wordt hiermee een hele belangrijke stap in de ontwikkeling van Zuidplas gezet.”

 

8.000 woningen in plaats van de eerdergenoemde 4.000

In de concept-ontwikkelingsvisie sprak de gemeente over de bouw van vier tot tien duizend woningen in het Middengebied. Dit was in die fase nog een variabele optie. Omdat de woningnood zo hoog is, is Zuidplas met haar bestuurlijke partners overeengekomen 8.000 woningen te bouwen in het nieuwe Vijfde Dorp. Van deze 8.000 woningen bestaat meer dan de helft uit betaalbare huur- en koopwoningen. Het andere deel valt onder het hogere segment huur- en koopwoningen. Zo garandeert de gemeente voor ieder wat wils. Daarvan worden circa 4.500 woningen als dorpskern op de kreekrug gebouwd en later nog eens 3.500 woningen direct aangrenzend aan de nieuwe dorpskern.

8.000 woningen betekent dat ongeveer tussen de 10.000 en 20.000 woningzoekenden zich in het nieuwe Vijfde Dorp kunnen vestigen. Daarmee is er voldoende draagvlak voor een zelfstandig en levendig dorp met genoeg mogelijkheden voor voorzieningen. Het gebied is geschikt om 8.000 woningen in te bouwen. Gezamenlijk ontstaat een sterke gemeente bestaande uit 5 dorpskernen met ieder een eigen karakter

Wethouder Bas Kurvers van Rotterdam (Bouwen en Wonen): “Ik ben blij dat we samen met alle partners tot dit resultaat zijn gekomen. Met de ontwikkeling van 8000 nieuwe woningen gaan we de druk op de woningmarkt in Zuid-Holland verlichten’’
Wethouder Rogier Tetteroo van Gouda: “8000 woningen erbij in onze regio, een enorme bijdrage aan het terugdringen van het woningtekort. Met maar liefst de helft van de woningen in het betaalbare segment, waaronder 1/3e deel sociaal. Dat is niet niks. Er wordt geïnvesteerd in duurzaamheid en groen en gezorgd voor goede (fiets)infrastructuur. Wat goed dat dit in Zuidplas gaat gebeuren. Het belooft een inspirerend en divers nieuw dorp te worden. Ik kijk uit naar onze nieuwe buren.”

 

Vervolg

Na verwachte vaststelling van dit masterplan door de gemeenteraad, wordt het masterplan als leidraad gebruikt door de gemeente Zuidplas onder andere om een of meerdere bestemmingsplannen te maken. Bij de ontwikkeling hiervan betrekt de gemeente wederom inwoners, ondernemers, (natuur)organisaties en andere belangstellenden. Voordat de bestuurlijke overeenkomst ondertekend wordt en gestart kan worden met de verdere uitwerking wordt deze voor reactie voorgelegd aan de gemeenteraad van Zuidplas, Provinciale Staten en de gemeenteraden van de overige deelnemers aan de Grondbank RZG Zuidplas.

Hoogheemraad Agnes van Zoelen van het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard: “Mooi dat de gemeente kiest voor een nieuw dorp dat ontworpen is met water en bodem als uitgangspunten.”
Wethouder Jan Willem Schuurman van Zuidplas: “Wij bieden de gemeenteraad met een financieel robuust kader en voldoende grondpositie de regie aan voor de bouw van een prachtig Vijfde Dorp”.
Wethouder Kortleven van Waddinxveen: “Om de grote tekorten op de woningmarkt aan te kunnen is het bouwen van extra woningen hard nodig, we zijn dan ook blij dat in Zuidplas, na jaren van gezamenlijke voorbereiding, het Vijfde Dorp wordt ontwikkeld. Met een groot aandeel sociale en betaalbare woningen, maar ook ruimte voor voorzieningen en bedrijven gaat het een belangrijke rol spelen in de regio. We wensen de gemeente Zuidplas veel succes met het realiseren van de plannen.” 
Mevrouw Willy de Zoete-van der Hout, voorzitter van de Grondbank: “De Grondbank RZG Zuidplas is verheugd dat haar strategisch aangekochte grondbezit ingezet gaat worden voor de gebiedsontwikkeling van het Middengebied in de Zuidplaspolder”.

Het masterplan is het resultaat van heel veel ‘samen’. De inbreng van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties hebben een plek in het masterplan gekregen. Op welke wijze deze inbreng is verwerkt in het masterplan, kan teruggelezen worden in het document “Participatie Masterplan Middengebied Zuidplaspolder”. 

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Woon-werkakkoord voor regionale gebiedsontwikkeling in Haagse regio

Nieuws

Nieuws

Woon-werkakkoord voor regionale gebiedsontwikkeling in Haagse regio

Provincie Zuid-Holland en de gemeenten Delft, Den-Haag, Leidschendam-Voorburg en Rijswijk hebben een woon-werkakkoord light gesloten. In dit akkoord zijn afspraken gemaakt die bijdragen aan extra woningen, extra banen én meer omgevingskwaliteit.

Akkoord op hoofdlijnen

De forse woningbouwopgave in de Haagse regio, de schaarse stedelijke ruimte en het belang van een vitale economie vragen om een goede ruimtelijke afstemming. Met het woon-werkakkoord light stellen partijen als doel om de bestaande ruimte beter te benutten. Door het maken van afspraken over locaties ontstaat er ruimte voor woningbouw en werkgelegenheid. De woningbouwplannen passen bij de regionale afspraken. Tegelijkertijd blijft er door de afspraken voldoende ruimte in deze regio beschikbaar voor passende bedrijvigheid op de korte en lange termijn. De vier gemeenten en de provincie streven ernaar om in het vierde kwartaal een definitief woon-werkakkoord te bereiken.

Woningbouwimpuls

Door het Rijk zijn middelen beschikbaar gesteld voor woningbouw. De provincie heeft aanvragen ondersteund voor woningbouw voor de Binckhorst in Den Haag en de Schieoevers in Delft. Voor de locatie Kesslerpark (Plaspoelpolder) hebben de provincie, de MRDH, Rijswijk, Den Haag en Shell afspraken geformuleerd voor een campusmilieu (wonen, leren, werken). Delft, Den Haag en Rijswijk hebben afspraken gemaakt in het kader van het verstedelijkingsakkoord Zuidelijke Randstad. Deze dragen bij aan de woningbehoefte tot 2040, onder andere door binnenstedelijke verdichting, langs en nabij de Oude lijn Leiden-Dordrecht.

Woningbouw, bedrijvigheid en mobiliteit

Woningbouw op de transformatielocaties die nu nog vrijwel uitsluitend in gebruik zijn voor bedrijfshuisvesting, vraagt om een goede oplossing waarbij voldoende bedrijfsruimte beschikbaar blijft. Dit zowel vanuit het oogpunt van werkgelegenheid en welvaart als vanuit het streven om mobiliteitsbewegingen te verminderen en een meer circulaire economie mogelijk te maken.

Transformatielocaties

In het akkoord zijn afspraken gemaakt over diverse transformatielocaties. Zo heeft Den Haag plannen met de Binckhorst. Rijswijk werkt aan plannen voor de Plaspoelpolder, Delft aan de Schieoevers en Leidschendam-Voorburg aan Vliethaven en Klein Plaspoelpolder. Allemaal gebieden waar van oudsher bedrijvigheid met een hogere milieucategorie gevestigd was. Daarnaast zijn al deze terreinen ontsloten door de waterweg De Vliet/ De Schie. Hoewel er tegenwoordig minder zware industrie op deze terreinen zit dan voorheen, zijn de betreffende terreinen nog steeds planologisch bestemd als vestigingsplek voor industrie en watergebonden bedrijvigheid. De ruimte voor bedrijven met een hogere milieucategorie is schaars. Dit moeten we beschermen. Met dit woon-werkakkoord spreken partijen af om via maatwerk een goede balans te vinden tussen ruimte voor zowel wonen als werken.

Parallel aan dit woon-werkakkoord wordt momenteel de provinciale behoefteraming geactualiseerd. De hogere milieucategorie bedrijvigheid is hierin een belangrijk onderdeel. De vier betrokken gemeenten nemen, naast een aantal andere partijen, deel aan de klankbordgroep van dit onderzoek. De resultaten hiervan zijn relevant voor de verdere uitwerking van het woon-werkakkoord. De MRDH is voornemens om deze geactualiseerde behoefteraming nader uit te werken tot een geactualiseerde regionale visie werklocaties. Zo werken we gezamenlijk aan de realisatie van extra woningen, extra banen en meer omgevingskwaliteit.

Photo by Vyacheslav Koval on Unsplash

Lees verder

Achtergrond

card image

25-03-2021

Vier lessen over menging wonen en werken

Achtergrond

Achtergrond

Vier lessen over menging wonen en werken

Het mengen van wonen en werken is hot. Onder invloed van de gevolgen van corona is dit thema relevanter dan ooit. Bianca Lemm van Bureau Stedelijke Planning deelt graag enkele geleerde lessen.

Door Bianca Lemm, adviseur bij Bureau Stedelijke Planning

De voordelen van het mengen van wonen en werken worden steeds meer erkend. Zo nemen vervoersbewegingen af wanneer men in de buurt van de woning kan werken en gebruik kan maken van voorzieningen. Onder invloed van de coronapandemie is dit nog belangrijker geworden door de mobiliteitsbeperkingen. Ook veranderen de vestigingscriteria van bedrijfsruimtegebruikers en kan door functiemenging op een toekomstbestendige en efficiënte manier in de grote ruimtevraag van zowel werken als wonen voorzien worden.

Vijf pijlers voor een goede programmering

Een veel terugkomende vraag binnen projecten is hoe een aantrekkelijk gemengd milieu gecreëerd kan worden, dat bijdraagt aan stedelijke doelstellingen zoals het terugdringen van het woningtekort en de versterking van de economie en werkgelegenheid. Een goede programmering steunt op vijf pijlers:

  • Optimale afstemming op de marktbehoeften, het beleid en de eindgebruikers. Gedegen marktonderzoek voor alle functies is een belangrijke basis.
  • Versterken van de synergie tussen de functies en met de openbare ruimte. Zo leidt synergie tussen functies tot hogere bestedingen, levendigheid en leefbaarheid.
  • Gebruik maken van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van de locatie.
  • Bevorderen van de financiële haalbaarheid.
  • Stroomlijnen van de mobiliteit. Bij verdichting binnen stedelijk gebied dient er rekening te worden gehouden met de verkeerstoename, bijvoorbeeld door middel van innovatieve mobiliteitsvormen.

Maar hoe, is dan de vraag. Hoe kom je tot een kansrijk programma waarbij de functies niet alleen goed samen gaan, maar er ook synergievoordelen worden behaald? Hier vier lessen:

Les 1: Match de doelgroepen voor wonen en werken

Een zorgvuldige selectie van kansrijke doelgroepen is essentieel voor het succes van de ontwikkeling. Wanneer het vastgoed niet aansluit bij de wensen en eisen van de eindgebruikers, heeft dit invloed op de afzet en kan (op termijn) leegstand ontstaan. De kansrijke doelgroepen hangen naast de marktbehoefte onder meer af van de locatie en van de dichtheid van het toekomstige gebied. Ook zijn de doelgroepen voor wonen en werken afhankelijk van elkaar: niet elk type bedrijvigheid is te mengen met alle woondoelgroepen.

Les 2: Bepaal de optimale verhouding tussen de functies

Wat is de optimale balans tussen wonen en andere functies, zoals kantoren, bedrijfsruimten, retail en horeca? Belangrijke aspecten die dit beïnvloeden zijn onder meer voldoende massa, een haalbare businesscase en voldoende draagvlak voor voorzieningen. Veelal is de verhouding tussen wonen en andere functies ongeveer 80 procent wonen en 20 procent niet-wonen, zoals in de voorbeelden van Strathcona-Village (Vancouver) en het Havenkwartier (Deventer).

Wanneer wordt gebouwd in lage dichtheden of als er een ruim aanbod publieksfuncties gerealiseerd kan worden, kan het aandeel niet-wonen functies hoger uitvallen. Het borgen van functies met de minste opbrengstpotentie (met name werkfuncties) in het programma is veelal een uitdaging en we merken dat opdrachtgevers vaak op zoek zijn naar handvatten hiervoor. Oplossingen hiervoor zijn verevening binnen de gebiedsontwikkeling, investeren in kwaliteit van de plinten en gedeelde voorzieningen en semi-openbare ruimten.

Les 3: Hanteer een doordachte plintinvulling

De plintinvulling moet aansluiten bij de wensen en eisen van de gebruikers, maar ook zorgen voor een aantrekkelijke omgeving met voldoende levendigheid. Een groot deel van de bedrijfsruimtegebruikers heeft bijvoorbeeld een voorkeur voor de plint, maar de gehele plint invullen met bedrijfsruimten is niet altijd wenselijk met het oog op de levendigheid. Dit hangt echter wel van het type bedrijvigheid af: waar opslag voor een dichte plint zorgt, kan ambachtelijke bedrijvigheid wel bijdragen aan de levendigheid. In de ruimtelijk-functionele uitwerking is een optimale plintinvulling daarom van groot belang. Daarentegen kan een deel van de bedrijfsruimtegebruikers ook goed op de bouwlagen landen, waaronder de creatieve industrie of hybride gebruikers met de productie op de begane grond en het kantoor erboven.

Les 4: Voorkom hinder op voorhand

Zorg vooraf voor het zoveel mogelijk voorkomen van hinder, zowel voor bewoners als voor bedrijven. Denk bijvoorbeeld aan een goede isolatie van woningen en het scheiden van de logistieke afwikkeling van bedrijven en de entrees van woningen. Ook het situeren van bedrijven op de juiste plek en het creëren van ontmoetingsplekken kunnen helpen. Doordat bewoners in contact komen met de werknemers van de bedrijven in de buurt van hun woning, ontstaat er vaak meer wederzijds begrip en dit vermindert irritaties. Door bij de programmering al goed na te denken over een juiste inpassing en de juiste bouwtechnieken, kunnen hinder en mogelijke bezwaren op voorhand voorkomen worden.

Deze lessen laten het belang van het integraal benaderen van de opgave zien. Ook met de naderende omgevingswet stappen we steeds meer af van het sectorale denken, waar wonen, werken, en voorzieningen apart benaderd worden. Een integrale benadering van gebiedsontwikkeling is nodig om te komen tot aantrekkelijke gemengde gebieden. Hiervoor zijn partijen met lef en gemeenten met een open mindset nodig: verder kijken dan het eigen specialisme en de verbinding zoeken met andere disciplines. Het opstellen van een goede ruimtelijk-functionele visie met een doordachte doelgroepenmatch is hierin een belangrijke eerste stap.

Foto: Novacity, Brussel, bron: DDS+

Lees verder

Achtergrond

card image

22-03-2021

Corona, thuiswerken en het effect op kantoren: dit weten we nu

Achtergrond

Achtergrond

Corona, thuiswerken en het effect op kantoren: dit weten we nu

Een jaar na het uitbreken van de coronacrisis zijn de effecten van het thuiswerken voor de kantorenmarkt zichtbaar. De belangrijkste trends op een rij.

De coronacrisis zet spanning op de Nederlandse gebruikersmarkt voor kantoren. Verhuizen is zo’n beetje het laatste waar bedrijven zich in 2020 mee bezig hielden. Nadenken over hun toekomstige ruimtebehoefte deden ze des te meer. Een half jaar geleden gaven deskundigen in Vastgoedmarkt hun visie op de toekomst van het thuiswerken. Nu, een jaar na het uitbreken van de coronacrisis, rijst de vraag: wat zijn de waarneembare effecten?

Eerste klap is raak

Voor de Nederlandse kantorenmarkt was de eerste tik niet mis. Dynamis meldt over 2020 een opnamedaling van 41 procent op jaarbasis in de regio’s waar de aangesloten regionale makelaars actief zijn. Gebruikers huurden of kochten vorig jaar nog maar 879.700 m2 kantoorruimte. Voor de volledigheid moet daar wel bij worden vermeld dat relatief veel kantoorruimte in het voorgaande jaar een andere gebruiker had gekregen: 2019 was wat dat betreft een topjaar. In 2020 kregen vooral de kantoorgebruikersmarkten van grote steden rake klappen.

Een andere graadmeter is kantorenwalhalla Amsterdam. Internationaal vastgoedadviseur Savills drukt zich voorzichtig uit wanneer het over onze hoofdstad gaat. Maar toch: in vergelijking met andere grote Europese steden brengt Amsterdam het er niet zo goed vanaf. ‘De effectieve netto huren van Europese kantoren zijn in de afgelopen zes maanden slechts met gemiddeld 2 procent gedaald. Amsterdam heeft te maken met een grotere daling dan gemiddeld, namelijk 5 procent’, aldus Savills.

Bedrijven leveren ruimte in

Een groeiend aantal grote bedrijven verwacht minder vierkante meters kantoorruimte af te nemen. Jacco Vogelaar heeft dat van dichtbij ervaren. Vogelaar is directeur van Dynamis-partner BMV Makelaars. Namens Rijsterborgh Vastgoed, eigenaar van kantoorgebouw Rijnpoort, zat hij onlangs tegenover Vitens aan de onderhandelingstafel. Het waterbedrijf had in 2013 nog bijgetekend voor 7.000 m2 in een kantoorgebouw op IJsseloord in dezelfde stad. Zeven jaar later zocht Vitens nieuwe huisvesting.

‘We merkten dat het voor Vitens een lastig moment was om over de toekomstige huisvesting te beslissen. Het bedrijf maakte een pas op de plaats. Maar erg veel tijd had het daar niet voor. In de eerste helft van 2021 loopt de huur af.’ Over de precieze afwegingen van Vitens kan Vogelaar niet in detail treden als makelaar van de verhuurder, die aan de andere kant van de onderhandelingstafel zat. Maar het lijkt erop dat de thuiswerktrend niet aan het waterleidingbedrijf voorbij is gegaan. ‘Vitens verlaagde zijn zoekvraag met 20 procent’, aldus Vogelaar. Resultaat: een huurovereenkomst voor 4.300 m2 kantoorruimte in Rijnpoort.

ABN Amro zelfs 40 procent minder kantoor

Zoals Vitens zijn er meer bedrijven die met minder kantoorruimte toe denken te kunnen. Actualiteitenprogramma Nieuwsuur maakte eind januari een inventarisatie met opvallende uitkomsten. Vooral in de financiële sector kan het hard gaan. Naar verwachting daalt het kantoorruimtegebruik 40 procent bij ABN Amro, 30 tot 40 procent bij Aegon Nederland, 30 procent bij Triodos Bank en 10 procent bij ASR.

Wie zegt dat medewerkers van dienstverleners altijd bij elkaar moeten zitten om samen te werken? Volgens Nieuwsuur kan softwarebedrijf Capgemini met 25 tot 50 procent minder kantoorruimte toe, de ingenieurs en adviseurs van Arcadis met 30 procent, energiebedrijf Essent met 15 procent en PostNL met 10 tot 20 procent. De lijst vermeldt zegge en schrijve één partij die uitbreidt. Betalingsverwerker Adyen krijgt er 1.100 werkplekken bij.

Verwachting dat gebruikers terugkeren

Ondanks de plannen van corporates om kantoorruimte af te stoten verwacht Dynamis dat de gebruikersmarkt zal terugveren. ‘Zodra werknemers weer terug kunnen keren naar kantoor zal naar verwachting een sterke inhaalslag plaatsvinden op de kantorenmarkt’, schrijft het samenwerkingsverband in de publicatie Sprekende Cijfers Kantorenmarkten 2021.

Is dat een geval van wensdenken? Dat hoeft niet zo te zijn. Dynamis baseert zijn inschatting in ieder geval gedeeltelijk op waarnemingen. ‘Door de onzekerheid rondom corona hebben veel bedrijven hun aflopende huurcontracten in 2020 flexibel verlengd. Deze partijen komen tegelijkertijd op de markt met de bedrijven waarvan het huurcontract in 2021 afloopt’, schrijft het samenwerkingsverband.

Korter huren

In heel Europa gebeurt hetzelfde. Volgens Savills nemen verhuurders steeds vaker genoegen met kortere huurovereenkomsten. ‘Er worden overeenkomsten aangegaan die korter zijn dan 5 jaar.’ Overigens ook met hogere incentives: die kunnen oplopen tot wel 50 procent. ‘Maar de incentives waren in Amsterdam voor de pandemie dusdanig laag, dat ze zelfs na een dergelijke stijging nog steeds op een erg laag niveau liggen.’

Voor de gebruikers is het nu ‘achterover leunen in de hoop dat duidelijk wordt wat de langetermijnconsequenties van de coronacrisis zullen zijn’, zegt Vogelaar vanuit Arnhem. ‘Als grote partijen niet nu de keuze hoeven te maken, stellen ze die uit. Vooral onder grote partijen zijn er niet zoveel die in deze periode moeten beslissen. Grote organisaties huren nog steeds met looptijden van vijf tot tien jaar.’

Flexibel huren

Intussen loopt de Arnhemse markt voor flexibele kantoren in een hoge versnelling, meldt Vogelaar. Verhuurders als The Office Operators (TOO), Newday en Regus doen daar goede zaken. ‘In de business centers zien we een interessante beweging’, zegt Vogelaar. ‘Aan het begin van de coronacrisis werden flexcontracten uit onzekerheid opgezegd. Maar die mensen kwamen terug en er kwam nieuwe vraag. Deze keer van mensen die in Amsterdam werken, reizen in het openbaar vervoer lastig vinden en toch een kantoorplek willen. Vooral de vestiging van TOO in de voormalige V&D loopt rap vol. Dat is ook een van de mooiste ontwikkelingen van de laatste tijd in Arnhem. Het complex is compleet vernieuwd.’

In Twente ziet Roy Duijn ook een nieuwe klantengroep voor flexibele kantoorruimten. Duijn is vennoot van Snelder Zijlstra Bedrijfsmakelaars in Enschede. ‘Mensen die normaal bij een klant werken, zoals medewerkers van accountantsorganisaties, kunnen daar nu niet terecht. Want veel grote organisaties ontmoedigen het kantoorwerk. Zulke werknemers zie je nu ook meer in business centers.’

Flexibiliteit kan overigens ook worden bereikt zonder de tussenkomst van een business center. ‘We zien allerlei contractvormen’, zegt Duijn. ‘Onbepaalde tijd met een opzegtermijn van twaalf maanden. Een kern met een flexibele schil. Of ruim huren en een daarvan deel onderverhuren. In afwachting van groei van het personeelsbestand.’

Kantoorvilla voor eigen gebruik kopen

Terwijl grote bedrijven hun kruit droog houden, gonst het van de bedrijvigheid op de markt voor kleine kantooroppervlakten. Volgens Dynamis bleef het aantal transacties voor kantoorruimten kleiner dan 500 m2 in 2020 ongeveer stabiel. Hoezeer het aanzien van de kantorenmarkt daardoor kan veranderen, laat Dordrecht zien. Daar verdwenen de grote gebruikers van het toneel met als gevolg een opnamedaling van 64 procent. Maar onder kleine kantoorgebruikers nam de vraag juist toe. Het aantal transacties tot 250 m2 steeg met vier naar 25.

‘Kleinere kantoorgebruikers lijken zich in mindere mate belemmerd te voelen door de coronacrisis’, meldt Ooms Bedrijfshuisvesting vanuit Dordrecht. ‘Een kleiner personeelsbestand maakt het voor deze bedrijven eenvoudiger om de toekomstige wensen en behoeftes rondom thuiswerken in te schatten. De benodigde hoeveelheid kantoorruimte op lange termijn is daardoor veel inzichtelijker binnen het MKB. Bedrijven in dit segment zijn daardoor meer geneigd om nieuwe huisvesting te betrekken dan grotere kantoorgebruikers.’

Vanuit Twente meldt Duijn dat het midden- en kleinbedrijf niet alleen in de markt is om te huren. ‘Vanuit het MKB is er een sterke behoefte om een eigen kantoor met een oppervlakte tot 1.000 m2 te kopen. Zoals villa’s op zichtlocaties langs grote wegen of garages die om te bouwen zijn tot kantoor. De rente is te geef, de financieringslasten zijn laag. Waarom zou je zo’n pand nog moeten huren?’

Niet terug naar kantoor, maar naar clubhuis

De vraag blijft wat grote partijen gaan doen waarvan de huur in 2021 afloopt. ‘Roy, houd ons op de hoogte, want we zijn nog steeds op zoek. Dat krijg ik vaak te horen’, zegt Duijn. ‘Ik zou de Twentse kantorenmarkt daarom een uitstelmarkt noemen, niet een afstelmarkt. De grootste vraag komt hier op de lange termijn vanuit de ICT. Dat thuiswerken zien ze in die sector niet als bestendig. Stel dat je een applicatie ontwikkelt. Dan zit je in een projectgroep. moet je testdraaien en afstemmen. Dan is er behoefte om elkaar te ontmoeten.’

Die bedrijven zoeken alleen niet naar een traditioneel kantoor. ‘Ze zoeken een soort thuis, een clubhuis, een café. Ze vragen daar om, wij faciliteren dat’, aldus Duijn. Veelzeggend vindt hij dat nu ook een organisatie als de Belastingdienst met zijn huisvesting experimenteert. In het midden van het land richt de fiscus een plek in waar zijn medewerkers elkaar kunnen ontmoeten. En met elkaar een hapje kunnen eten: er komt een landelijk bekende cateraar aan te pas. ‘Het moet een echte belevingsplek worden’, aldus Duijn.

En die trend biedt weer kansen voor de Twentse kantorenmarkt. Aan bijzondere gebouwen is in de oostelijke regio geen gebrek. ‘Door ons sterk industriële verleden hebben we verhoudingsgewijs veel erfgoed’, zegt Duijn. ‘Er zijn hier heel gave plekken die een nieuw leven krijgen.’

Weinig schade beleggingsmarkt

Op de beleggingsmarkt valt de schade door het thuiswerken op dit moment mee. Nederlandse kantoren werden in 2020 zelfs 2,5 procent meer waard, meldt ABN Amro in zijn sectorprognose vastgoed van begin maart. De bank wist toen al wel te melden dat kantoren in 2021 met 4,5 procent in waarde zullen dalen. Maar dat is nauwelijks slechter dan het totaal voor Nederlands vastgoed: 4 procent daling in 2021 na 2,5 procent stijging in 2020.

Ook DWS, de assetmanager van Deutsche Bank, meldde in februari weinig schade in zijn outlook voor de Nederlandse vastgoedmarkt. Anders dan ABN Amro signaleerde DWS al in 2020 een ‘bescheiden prijscorrectie’. Maar die krijgt een vervolg in de vorm van gematigd herstel.

Beleggers zijn kieskeurig. ‘Voor de uitbraak van covid hebben we nog een aantal sale-and-lease-back-transacties tot stand gebracht’, zegt Vogelaar. ‘De verkoop van de kantoren Van Wijnen in Arnhem en Deventer werd gesloten in het laatste weekeinde voor de eerste lockdown. Nu zijn beleggers voorzichtiger. Er is ontzettend veel geld voor vastgoed, maar 90 procent gaat naar woningen, logistiek en zorg. Alleen kantoren op de allerbeste plekken hebben nu de interesse van beleggers. Op stationslocaties bijvoorbeeld.’

Duijn: ‘Er is nog wel vraag naar afwijkende kantoren. Oude, mooi gerestaureerde fabrieken, dicht bij de stadscentra. Waar het leuk is tussen de middag naar buiten te gaan, omdat je dan niet steeds hetzelfde rondje over het bedrijventerrein hoeft te lopen. De uitdaging komt te liggen op de kantorenparken die het moeten hebben van het grote aantal parkeerplaatsen en de goede bereikbaarheid via de grote weg. Daarin verschilt de Twentse kantorenmarkt niet van die van heel Nederland.’

Bron: Vastgoedmarkt

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Provincie Zuid-Holland en Schiedam tekenen Woon-werkakkoord Nieuw-Mathenesse

Nieuws

Nieuws

Provincie Zuid-Holland en Schiedam tekenen Woon-werkakkoord Nieuw-Mathenesse

Voor het noordelijk deel van bedrijventerrein Nieuw-Mathenesse in Schiedam zijn afspraken gemaakt om het terrein te transformeren naar een gebied voor wonen en werken. Waar Nieuw-Mathenesse nu nog uitsluitend een bedrijventerrein is, biedt het in de toekomst ruimte voor werken, wonen en recreëren.

Het akkoord is een belangrijke stap om vaart te maken met het bouwen van nieuwe woningen én tegelijkertijd te voorzien in voldoende en kwalitatief goede en passende ruimte voor bedrijvigheid in Schiedam.

Woningbouw toevoegen

In de Van Deventer-driehoek in het noordelijk deel van Nieuw-Mathenesse zullen minimaal 1.000 woningen worden gerealiseerd. Woningen in een aantrekkelijk, goed bereikbaar gebied in de directe omgeving van veel voorzieningen. Minimaal 30 procent van de woningen zal vallen in het sociale segment en minimaal 40 procent in het middensegment. Dit draagt ook bij aan het gebruik van het openbaar vervoer, zowel langs de Oude Lijn als langs de Hoekse Lijn.

Ruimte voor bedrijven

Naast woningen komt er tot maximaal 40.000 m² werkruimte voor kleinschalige bedrijvigheid, die zich goed laat mengen met de woonfunctie van het gebied. Zo krijgt ook het economisch vestigingsklimaat nieuwe impulsen. De totale ruimte voor bedrijvigheid neemt door de voorgenomen plannen uiteraard af. Ook is er in het noordelijke gedeelte geen ruimte meer voor bedrijven in de hoogste milieucategorieën. Op grond van provinciale regelgeving bestaat een compensatieplicht voor die ruimte (in deze ontwikkeling circa 6,6 ha), waarbij in geval van grote urgentie voor een ontwikkeling, in woon-werkakkoorden afspraken worden gemaakt over de wijze van compenseren. Met een compensatieplan zet de gemeente Schiedam breed in op versterking van het vestigingsklimaat binnen de gebiedsontwikkelingen Nieuw Mathenesse, Havens en Schiedistrict. Daarmee voldoet Schiedam ruimschoots aan de compensatieverplichting.

Distilleercluster en zuidelijk deel

Het aanwezige distilleercluster in Nieuw-Mathenesse wordt verder ontwikkeld. Het ambachtelijke en historische karakter van de gevestigde distillateurs behoudt een belangrijke rol binnen het gebied. Het zuidelijk deel van Nieuw-Mathenesse wordt een eigentijds en duurzaam bedrijventerrein.

Meepraten

De ideeën voor Nieuw-Mathenesse zijn vastgelegd in een Ruimtelijk raamwerk, dat door burgemeester en wethouders is vrijgegeven voor de participatie. De plannen voor de deelgebieden Noord en het Distilleerderscluster zijn al iets concreter uitgewerkt. Daar is herontwikkeling dan ook actueler en urgenter. Om te komen tot de best mogelijke invulling van het gebied, nodigt de gemeente in de periode tot de zomer Schiedammers, ondernemers en investeerders uit om mee te denken en ideeën aan te dragen. Voor de deelgebieden Gustoweg en Nieuwe Maas is verdere uitwerking nodig. Dat staat gepland voor het najaar van 2021.

Luchtfoto Nieuw-Mathenesse: Dudok Groep / Fotografie Paul Martens

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Provincie Zuid-Holland zet ambassadeurs in voor ondersteuning op bedrijventerreinen

Nieuws

Nieuws

Provincie Zuid-Holland zet ambassadeurs in voor ondersteuning op bedrijventerreinen

Vanwege de coronacrisis lukt het ondernemers niet altijd om voldoende tijd vrij te maken voor de taken van een ondernemersvereniging, terwijl samenwerking in deze tijden erg belangrijk is.

In 2020 heeft provincie Zuid-Holland daarom 3 parkmanagers als ambassadeurs ingehuurd die ondernemersverenigingen op bedrijventerreinen gaan ondersteunen. In 2021 huurt de provincie de huidige ambassadeurs Edwin Markus, Ad van de Berg en Boyd Bartels in, aangevuld door Elize Amons. Dit team zal zich inzetten om ondernemerscollectieven te ondersteunen en nieuwe ondernemerscollectieven op te zetten.

Voor ondernemers door ondernemers

De negatieve effecten van de Covid-19-crisis hebben zich sterk doen gelden voor veel (MKB-)bedrijven. Daarom is het dit jaar extra belangrijk voor een goed vestigingsklimaat op bedrijventerreinen dat de zittende ondernemers en vastgoedeigenaren zich goed organiseren en samenwerken. Gedeputeerde Willy de Zoete: “De basis van een duurzame ontwikkeling is de goede organisatie van een lokale ondernemersvereniging op een bedrijventerrein, samenwerking om te overleven en steun aan elkaar is essentieel blijkt in deze coronatijd. Onze deskundige ambassadeurs kunnen daarin goed adviseren”. Lokale ondernemersverenigingen voeren overleg met de gemeente over allerhande zaken en zorgen voor communicatie naar de ondernemers. Elke ondernemersvereniging heeft een eigen rolopvatting die varieert van het organiseren van de gezamenlijke activiteiten tot het als collectief ophangen van camera’s, het uitvoeren van energieprojecten, het neerzetten van wegwijsborden, voeren van gezamenlijke marketing, het behartigen van belangen richting vastgoed en in de huidige ‘coronasituatie’ het opzetten van gezamenlijke websites en bezorgservices, etcetera. Ook kunnen deze ondernemersverenigingen een belangrijke rol spelen bij het stimuleren van nieuwe thema’s als digitalisering en verduurzaming. Wat ze gemeen hebben is het motto: ‘voor ondernemers door ondernemers’.

Het belang van samenwerking

De afgelopen jaren is in het algemeen de samenwerking op bedrijventerreinen gestegen. Deze samenwerking staat onder druk door de coronacrisis. Terwijl in deze tijden het juist belangrijk is om goed te blijven samenwerken om de kwaliteit en veiligheid van een bedrijventerrein blijvend te versterken. Daarom zorgt de provincie er voor dat door de extra ondersteuning door ambassadeurs, ook nu de crisis op zijn einde lijkt te lopen en vooral ook na de coronacrisis, bedrijventerreinen verder kunnen werken aan een sterk duurzaam en veilig lokaal bedrijfsleven met een toekomst.

Naast het in stand houden van de huidige samenwerking op bedrijventerreinen, gaan de ambassadeurs ook aan de slag op bedrijventerreinen waar nog geen of een minder goede samenwerking is.

Resultaten 2020

“Ondernemersverenigingen op bedrijventerreinen hebben het zwaar in deze lastige tijd. Als ambassadeur kon ik hen meestal bijstaan met praktische tips en raad om de, juist nu broodnodige saamhorigheid, verder te vergroten.” (Edwin Markus)

“In de praktijk is gebleken dat ondernemers echt wel willen, maar vaak met zoveel verschillende prioriteiten worstelen dat het algemeen belang er een beetje onder lijdt. Het is heel nuttig gebleken dat we als ambassadeurs een handje bij konden steken, zodat beoogde plannen daadwerkelijk gevormd zijn en tot uitvoering komen.” (Boyd Bartels)

Wat gaan jullie in 2021 doen?

“Dit jaar staat in het teken van het vergroten van de organisatiegraad op bedrijventerreinen waar nog geen sprake is van samenwerking. Juist nu is het van belang om gezamenlijk op te trekken voor de uitdagingen die ons te wachten staan (onder andere op het gebied van verduurzamen). De ambassadeurs zullen hiertoe in gesprek gaan met ondernemers die dit ook belangrijk vinden, en hen helpen dit voor elkaar te krijgen.” (Edwin Markus)

“Afgelopen jaar is al gebleken dat sommige gebieden onvoldoende en niet georganiseerd zijn, waardoor goede initiatieven sneuvelen. Komend jaar ga ik met hen aan de slag om daar verandering in te brengen, zodat de aanwezige positieve energie omgezet kan worden in concrete plannen en resultaten.” (Boyd Bartels)

“Het is van het grootste belang dat ondernemers op bedrijventerreinen zich organiseren. Er komen de komende jaren veel ontwikkelingen op de terreinen af en zonder georganiseerde bedrijven zijn initiatieven met betrekking tot waterberging, hittestress, biodiversiteit, warmte- en koudeopslag en dergelijke niet kansrijk. Ik help graag mee om de organisatiegraad van terreinen binnen provincie Zuid-Holland verder omhoog te krijgen.” (Ad van den Berg)

“Als nieuwkomer in het team ligt mijn focus op het verbinden en realiseren van ondernemerscollectieven met het aangeven van een heldere en realistische doelstelling, samen staan ze sterker! Het ondersteunen van bestaande collectieven in de uitdagingen die hen te wachten staan, o.a. collectieve inkoop, verduurzaming en klimaatadaptie mag daarbij niet vergeten worden en blijft tevens een aandachtspunt.” (Elize Amons)

Aanmelden

Heeft u een goed idee of een concreet project ten behoeve van het bedrijventerrein als geheel, maar ontbreekt het aan organisatie en samenhang? Dan kan het nuttig zijn om eens te sparren met één van de ambassadeurs. Zij kunnen helpen met concrete verbindingen, oplossingsrichtingen, planvorming, subsidie aanvragen en/of operationele ondersteuning.

De ambassadeurs zullen ondernemersverenigingen op bedrijventerreinen en gemeenten actief benaderen. Mocht u hier niet op kunnen wachten of heeft u een urgent verzoek, mail dan naar ambassadeurswerklocaties@pzh.nl.

Verdeling gemeenten ambassadeurs (in sommige gemeenten zijn meerdere ambassadeurs actief):

Elize Amons

Bodegraven-Reeuwijk, Delft, Goeree-Overflakkee, Hillegom, Lansingerland, Lisse, Maassluis, Oegstgeest, Rotterdam, Schiedam, Teylingen, Vlaardingen, Westland, Zoetermeer.

Boyd Bartels

Albrandswaard, Brielle, Hoeksche Waard, Krimpen a/d IJssel, Krimpenerwaard, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Rozenburg, Schiedam, Westvoorne.

Ad v/d Berg

Alblasserdam, Alphen a/d Rijn, Barendrecht, Bodegraven-Reeuwijk, Capelle a/d IJssel, Dordrecht, Giessenlanden, Gorinchem, Gouda, Hardinxveld-Giessendam, Hellevoetsluis, Hendrik Ido Ambacht, Hoeksche Waard, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Midden Delfland, Molenwaard, Noordwijk, Noordwijkerhout, Papendrecht, Sliedrecht, Voorschoten, Waddinxveen, Westland, Zoeterwoude, Zuidplas, Zwijndrecht.

Edwin Markus

Barendrecht, Den Haag, Leiderdorp, Leidschendam-Voorburg, Nieuwkoop, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Wassenaar.

Lees verder

KENNISARCHIEF