Ruimte voor circulaire bedrijvigheid moet politieke prioriteit worden

Als gemeenten blijven vasthouden aan de oude manier van plannen, dreigt de circulaire transitie vast te lopen op ruimtenood. Bedrijventerreinen spelen een sleutelrol in het verduurzamen van onze economie, maar krijgen in de lokale politiek nauwelijks aandacht. Tijdens het SKBN Kenniswebinar op 20 mei benadrukte lector Cees-Jan Pen dat dit moet veranderen: “Vertel het verhaal, en herhaal het. Want juist op deze terreinen werk je aan de economie van morgen.”

Ruimtenood dreigt het grootste knelpunt te worden voor de circulaire transitie. Bedrijventerreinen spelen hierbij een cruciale rol. Het zijn dé plekken waar (milieu)ruimte is om te ondernemen en produceren. Om de circulaire potentie van bedrijventerreinen te benutten, is publiek-private samenwerking essentieel. Geen enkele organisatie kan dit alleen; bedrijven, overheden en kennisinstellingen moeten de krachten bundelen. De huidige manier van samenwerken, is zoals de RLI in 2023 al stelde, onder de maat. In het SIA-RAAK onderzoeksproject ‘Samen Beter’ is door de hogescholen Fontys en de HAN gekeken hoe deze samenwerking vorm kan krijgen in de praktijk. 

Tijdens het SKBN Kenniswebinar, deelde Cees-Jan Pen de inzichten van twee jaar ‘Samen Beter’ en deed hij suggesties om ruimte voor circulaire bedrijven op de agenda voor de raadsverkiezingen in 2026 te krijgen. Hieronder kun je het webinar terugkijken en de lessen lezen.

TERUGKIJKEN

 

Dit zijn de 8 inzichten van het webinar: 

1. De basis moet op orde zijn voordat je aan circulariteit begint

Samenwerking tussen gemeenten, ondernemers en parkmanagement moet goed zijn georganiseerd. Zonder vertrouwen en organisatiekracht is circulariteit dweilen met de kraan open. Zowel gemeenten als ondernemersverenigingen moeten professionaliseren en structuureel meer investeren in parkmanagement. Onderdeel hiervan is dat terreinen gewoon schoon, heel en veilig moeten zijn anders blijft er wantrouwen en gebrek aan samenwerking.

2.      Ruimtegebrek is hét knelpunt voor circulariteit

De circulaire transitie op bedrijventerreinen stokt vooral door gebrek aan fysieke en milieuruimte. Gemeenten moeten expliciet ruimte behouden en reserveren voor circulaire functies, anders wordt de transitie letterlijk onmogelijk. Van hubs tot opslag van grondstoffen – zonder aandacht voor locatiekeuzes en planvorming komt circulariteit niet van de grond. Dit botst met de grote woningbouwambities en zet deze onder druk.

3. Circulariteit raakt meer dan de economie alleen

Het is teveel de opgave van het team EZ, terwijl klimaatadaptatie, afvalbeheer, energie, water en sociaal beleid allemaal samenkomen op het bedrijventerrein. Het vraagt dus om integrale samenwerking tussen afdelingen binnen de gemeente maar ook daarbuiten. De duurzame potentie is groot dus daar zal meer het trekkerschap moeten liggen.

4. Zonder duidelijke keuzes verzand je in vaagheid

Circulariteit is een containerbegrip. Gemeenten moeten kiezen: focussen op bijvoorbeeld afval, water of restwarmte – anders raakt beleid versnipperd en onbegrijpelijk voor bedrijven en partners. Nu valt alles eronder en wie niet kiest, verliest.

 5. Praktijkvoorbeelden zijn nodig om circulariteit politiek te agenderen

Circulariteit moet vertaald worden naar lokale belangen en opgaven. Storytelling richting raadsleden, bestuurders en bewoners is essentieel om draagvlak te creëren. Voorbeelden uit de praktijk kunnen daarbij helpen. Ondernemers overtuig je met verhalen van ondernemers.

6. Lokale professionals zijn sleutelspelers

Ambtenaren en parkmanagers blijken cruciale schakels om de circulaire potentie van bedrijventerreinen te benutten. Hun rol vraagt om een breed palet aan competenties, van technische kennis tot politieke sensitiviteit en storytelling. Het schaap met duizend poten bestaat helaas niet, dus zorg voor een breed interdisciplinair team als je circulair echt belangrijk vindt.

7. Meer focus op schaal en ketensamenwerking is nodig

Circulaire samenwerking vindt niet alleen plaats binnen één terrein. Ketenbenadering en samenwerking tussen meerdere terreinen vraagt om nieuwe vormen van ruimtelijke en bestuurlijke afstemming.

8. Koppel circulaire doelstellingen aan andere duurzaamheidsopgaven

De circulaire transitie staat niet op zichzelf. Bedrijventerreinen worden steeds vaker geconfronteerd met waterproblematiek, zoals waterschaarste, waterkwaliteit en piekbelasting bij hevige regenval. Tegelijkertijd zorgt hittestress voor onaantrekkelijke werkomgevingen, wat de concurrentiepositie op de arbeidsmarkt onder druk zet. Door circulaire doelen – zoals wateropvang, hergebruik en vergroening – te koppelen aan bredere duurzaamheidsopgaven, kunnen terreinen klimaatadaptief, aantrekkelijk én toekomstbestendig worden ingericht. Zo ontstaat een meervoudige waardecreatie die zowel ondernemers als overheden aanspreekt en ontstaan er nieuwe mogelijkheden voor financiering.


Meer lezen

Lees hier het Rli-advies ‘Samen werken: kiezen voor toekomstbestendige bedrijventerreinen’ of bekijk de animatie

Lees hier het artikel 'Negen manieren om ruimte te scheppen voor circulaire (maak)bedrijven' verschenen in ROmagazine (2024)

Lees hier het artikel '‘Circulaire hubs’ als leidraad voor strategisch locatiebeleid' verschenen in ROmagazine (2024)

Lees hier het kennisartikel 'Samen werken aan circulaire bedrijventerreinen' verschenen in het magazine Kringen van CLOK (2024)


Over het Samen Beter onderzoek
Het onderzoek Samen Beter is uitgevoerd door onderzoekers van de Hogeschool Arnhem Nijmegen (HAN) en Fontys Hogescholen. SKBN is een van de partners in dit onderzoek. Het project is medegefinancierd door een stimuleringssubsidie uit de regeling RAAK-publiek van het Nationaal Regieorgaan SIA, onderdeel van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Kijk hier voor meer informatie over dit onderzoek.

Nieuws
Lage Weide slecht bereikbaar per fiets: ondernemers slaan alarm
Lage Weide slecht bereikbaar per fiets: ondernemers slaan alarm

Er moet een gedekt uitvoeringsprogramma komen om de bereikbaarheid en verkeersveiligheid van het Utrechtse bedrijventerrein Lage Weide te verbeteren. Dat staat in een brandbrief waarmee bedrijven georganiseerd invloed willen uitoefenen op het aanstaande coalitieakkoord van de gemeente. Sommige bedrijven bouwen fietsstimuleringsprogramma’s af, en bouwbedrijf Strukton herintroduceerde de shuttlebus naar station Maarssen. ‘Als je prettige werkplekken wilt maken, moeten mensen er ook prettig kunnen komen’, zegt Roeland Tameling, parkmanager van Lage Weide. Ondernemers investeren in vergroening en klimaatadaptatie, maar lopen vast op de openbare ruimte. ‘De verantwoordelijkheid voor fietsveiligheid en bereikbaarheid ligt bij de wegbeheerder: de gemeente’, verduidelijkt Tameling.Tameling noemt kruisingen waar vrachtwagens, fietsers en andere weggebruikers elkaar op korte afstand kruisen, met gevaarlijke situaties tot gevolg. Ook de Demkabrug is een bekend pijnpunt, zegt een woordvoerder van bouwbedrijf Strukton. ‘Een collega weigert eroverheen te gaan. Ze vindt het doodeng.'‘Wij vinden het heel belangrijk dat onze collega’s veilig op de fiets of met ov naar hun werk kunnen komen', aldus Michiel Muller, medeoprichter van online supermarkt Picnic. Picnic heeft meerdere locaties op Lage Weide. ’Voor werknemers heeft Lage Weide helaas hoge drempels om er te kunnen komen!'Te veel uitdagingenJohn Faas, Business Unit Manager van Stiho, herkent dit. ‘Ons grootste kapitaal als 100-jarig familiebedrijf zijn onze medewerkers. Voor collega’s die fietsen of met de bus komen zien wij nu te veel uitdagingen. Dat vinden wij zorgelijk.’Strukton, Picnic en Stiho zijn drie van de 900 bedrijven met een vestiging op Lage Weide die samen ruim 19.000 werknemers tellen. Het terrein is cruciaal voor bouw, logistiek, energie en circulaire economie. Bovendien is de verwachting dat het aantal banen de komende jaren met 4000 zal groeien. Juist daarom is bereikbaarheid volgens Tameling geen intern probleem van ondernemers, maar een stedelijke randvoorwaarde. Acht jaar plannen, weinig daadkracht Sinds 2018 ligt er een analyse die aantoont dat 40 procent van de werknemers op fietsafstand woont. Er volgden goede voornemens, overlegstructuren en de Bereikbaarheidsalliantie A2. Werkgevers gingen aan de slag met fietsstimulering, terwijl wegbeheerders zouden investeren in infrastructuur. Toch ontbreekt daadkracht. Fietsroutes zijn onveilig, openbaar vervoer is voor veel werknemers geen optie door onhandige aankomst- en vertrektijden, en looproutes vanaf haltes zijn op delen onaantrekkelijk of gevaarlijk, zeggen de bedrijven.Bedrijven op Lage Weide waren zelfs zo teleurgesteld dat werd overwogen om met een one-issuepartij aan gemeenteraadsverkiezingen deel te nemen. ‘Dat plan ging uiteindelijk niet door, toen de raad instemde met extra investeringen. Maar dat heeft er niet toe geleid dat alle problemen zijn opgelost.’ Investeringen noodzakelijkCees-Jan Pen, docent Duurzame stedelijke transformatie aan de Hogeschool Fontys en lid van de adviesraad van de kennisalliantie voor bedrijventerreinen SKBN, stelt dat de gemeente actie moet ondernemen. ‘De vorige gemeenteraad in Utrecht heeft het grote sociaaleconomische belang van Lage Weide voor de stedelijke economie en het vestigingsklimaat benadrukt. Waar moeten de bewoners van nieuw te bouwen huizen werken, en hoe komen ze op hun werk?’ De komende jaren zal honderden miljoenen in bereikbaarheid moeten worden geïnvesteerd, aldus Pen. ‘In het geval van Utrecht heeft de gemeente A gezegd, en is de oproep van Lage Weide logisch en noodzakelijk. Het is nu zaak B te zeggen door de nieuwe raad en dezelfde coalitiepartijen.’Een compleet en financieel gedekt plan brengt volgens Pen de basis weer op orde en versterkt het vertrouwen van ondernemers. ‘Dit helpt ook om verdere verduurzamingseisen aan gevestigde bedrijven te stellen en congestie op het wegennet te voorkomen.'Cofinanciering'Ook kun je deze investeringen gebruiken als cofinanciering richting EZ, I&W en VRO, die met stevigere verduurzamingsbudgetten voor werkgebieden moeten komen. De provincie en Ontwikkelmaatschappij Utrecht zullen dan ook eerder geneigd zijn te investeren, net als bedrijven in het gebied zelf.’ Dit sluit aan bij Utrechtse plannen voor ruimte voor circulaire bedrijven. Tameling beaamt dat de oplossing niet in kleine, losse ingrepen ligt, maar dat een groot investeringsplan nodig is. ‘Nu worden vooral cosmetische aanpassingen gedaan op korte stukken. Daarna belanden fietsers op aangrenzende wegen opnieuw in onveilige situaties.’ Lage Weide wil daarom een meerjarig investerings- en uitvoeringsprogramma. Coalitieakkoord beslissend De timing van de brandbrief is bewust gekozen: in Utrecht lopen de coalitiebesprekingen. Lage Weide wil dat het nieuwe college de bereikbaarheid van het bedrijventerrein vastlegt in het coalitieprogramma, inclusief financiële dekking en een uitvoeringspad. Volgens Tameling zijn de contacten met de gemeente goed, maar nog te vrijblijvend. In eerder overleg met wethouders Suzanne Schilderman en Senna Maatough wordt de noodzaak van verbeteringen erkend, maar onvoldoende opgevolgd door actie. De gemeente Utrecht wil voor nu enkel bevestigen de brief te hebben ontvangen en de zorgen van Lage Weide te herkennen. ‘Iets wat ook nadrukkelijk aan bod komt in de Omgevingsvisie Lage Weide die naar verwachting na de zomer ter besluitvorming aangeboden wordt aan de raad.’ ‘Graag zetten we de gesprekken met ILW en de bedrijven op Lage Weide voort en nemen we de signalen uit de brandbrief daarin mee.’Het verbeteren van de bereikbaarheid van bedrijventerreinen is een van de drie hoofdpunten in het huidige provinciale coalitieakkoord. Met ingang van december 2025 rijden er bijvoorbeeld meer bussen naar Papendorp en Lage Weide en is bedrijventerrein Broekweg-Langshaven bij Wijk bij Duurstede voortaan bereikbaar met openbaar vervoer.Bron: BT Online.nl

20-05-2026
Nieuws
Voormalige verffabriek aan de Schansweg transformeert naar groene woon- en werkwijk
Voormalige verffabriek aan de Schansweg transformeert naar groene woon- en werkwijk

Op de locatie van de voormalige verffabriek aan de Schansweg in Overschie-Oost komt een groene, levendige nieuwe buurt. Gemeente Rotterdam en projectontwikkelaar Wilma Wonen werken samen aan de ontwikkeling van een woonwijk met ruimte voor bedrijven. Het fabriekscomplex uit 1923 krijgt een nieuwe bestemming en wordt het middelpunt van de wijk.Het hoofdgebouw van het fabriekscomplex wordt opgeknapt. Het hoofdgebouw krijgt een nieuwe bestemming met waarschijnlijk bedrijven. De vleugels worden gesloopt en als woningen teruggebouwd. In het plan komen ongeveer 125 woningen (overwegend koop). Aan de zuidzijde wordt een appartementencomplex gemaakt. Hier komen middeldure woningen. Op de begane grond komt ruimte voor bedrijvigheid. In het plan is er in totaal ruimte voor 800 tot 1.000 m² bedrijfsruimte.Wethouder Chantal Zeegers (o.a. Bouwen en Wonen): “De Schansweg wordt een plek waar geschiedenis, wonen, werken en natuur mooi samenkomen. Binnen de wijk maken we het groen, gezond en klaar voor het klimaat. We zorgen voor genoeg parkeerplekken bij de snelweg, zodat het goed bereikbaar blijft. In het hart van de wijk is het juist rustig en autoluw, met veel aandacht voor duurzaamheid en natuur. Een mooie aanwinst voor Overschie!”AmbitiesDe gemeente Rotterdam en Wilma Wonen willen van deze nieuwe wijk een fijne plek maken voor iedereen. Daarom zijn zes uitgangspunten opgesteld die helpen bij het maken van de juiste keuzes. Het fabriekscomplex uit 1923 krijgt een nieuw leven. De wijk wordt een gemengde buurt waar wonen en werken samenkomen. Er is veel aandacht voor groen, zodat de omgeving prettig en natuurlijk aanvoelt. De nieuwbouw sluit aan bij het industriële karakter en is duurzaam. Ook komen er goede verbindingen met de omgeving. Tot slot wordt gezorgd voor rustig wonen, ondanks de ligging bij de snelweg.PlanningEr zijn twee participatiemomenten geweest. Omwonenden waren overwegend positief over de ontwikkeling. Na de vaststelling van de Nota van Uitgangspunten en ambities door de gemeenteraad, komt er een voorlopig ontwerp. Daarna wordt er verder gewerkt aan een definitief ontwerp. De geplande start voor de bouw is nu in 2029. Uiteindelijk is de verwachting dat nieuwe woonwijk rond 2031 gereed is. Meer informatie is te vinden op www.nieuwbouw-schansweg.nl

31-03-2026
Aanmelden nieuwsbrief