Gezocht: Gemeenten en bedrijventerreinen met ambitie voor klimaatadaptatie en vergroening

Op maandag 17 mei van 10.00 tot 11.15 uur wordt een digitale bijeenkomst georganiseerd over het programma "Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen". 

Een coalitie bestaande uit ministeries, provincies, onderwijsinstellingen en ondernemers is bezig met de aanvraag “Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen”, dat ingediend wordt bij het Nationaal Groeifonds. Het doel van het programma is om bedrijventerreinen grootschalig te vergroenen. 

De ruim 3.000 bedrijventerreinen in Nederland zijn essentieel voor de werkgelegenheid. Velen zijn echter niet toekomstbestendig: grijze, versteende gebieden met weinig groen en water. Bedrijventerreinen kunnen een stuk duurzamer, gezonder en aantrekkelijker. Het programma zal bijdragen aan biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezonde leefomgeving en vestigingsklimaat en er wordt een boost gegeven aan innovatie van de groene sector. 

Tijdens de bijeenkomst wordt toegelicht wat het programma inhoudt en hoe gemeenten en bedrijven kunnen aansluiten. We zoeken minimaal 10 combinaties van bedrijventerreinen en gemeenten die mee willen doen. Door deel te nemen maak je gebruik van de kennis, het netwerk en een financiële bijdrage van een nationaal programma, waarmee met een innovatieve en integrale vergroeningsaanpak het bedrijventerrein wordt omgevormd tot werklandschap van de toekomst.

Via deze link kunt u zich aanmelden en meer informatie lezen

Deze bijeenkomst wordt georganiseerd door IVN Natuureducatie, Stichting Steenbreek, Stadswerk en de Natuur en Milieufederaties.

card image

Event

2021-05-17
Bijeenkomst: Groene Gezonde Klimaatbestendige Bedrijventerreinen

Event

2021-05-17

Bijeenkomst: Groene Gezonde Klimaatbestendige Bedrijventerreinen

Gezocht: Gemeenten en bedrijventerreinen met ambitie voor klimaatadaptatie en vergroening

Op maandag 17 mei van 10.00 tot 11.15 uur wordt een digitale bijeenkomst georganiseerd over het programma "Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen". 

Een coalitie bestaande uit ministeries, provincies, onderwijsinstellingen en ondernemers is bezig met de aanvraag “Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen”, dat ingediend wordt bij het Nationaal Groeifonds. Het doel van het programma is om bedrijventerreinen grootschalig te vergroenen. 

De ruim 3.000 bedrijventerreinen in Nederland zijn essentieel voor de werkgelegenheid. Velen zijn echter niet toekomstbestendig: grijze, versteende gebieden met weinig groen en water. Bedrijventerreinen kunnen een stuk duurzamer, gezonder en aantrekkelijker. Het programma zal bijdragen aan biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezonde leefomgeving en vestigingsklimaat en er wordt een boost gegeven aan innovatie van de groene sector. 

Tijdens de bijeenkomst wordt toegelicht wat het programma inhoudt en hoe gemeenten en bedrijven kunnen aansluiten. We zoeken minimaal 10 combinaties van bedrijventerreinen en gemeenten die mee willen doen. Door deel te nemen maak je gebruik van de kennis, het netwerk en een financiële bijdrage van een nationaal programma, waarmee met een innovatieve en integrale vergroeningsaanpak het bedrijventerrein wordt omgevormd tot werklandschap van de toekomst.

Via deze link kunt u zich aanmelden en meer informatie lezen

Deze bijeenkomst wordt georganiseerd door IVN Natuureducatie, Stichting Steenbreek, Stadswerk en de Natuur en Milieufederaties.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Herontwikkeling oude Indolafabriek tot woon- en werkplek aan het water in Harbour Park Plaspoelpolder

Nieuws

05-03-2021

Herontwikkeling oude Indolafabriek tot woon- en werkplek aan het water in Harbour Park Plaspoelpolder

Een levendige ontmoetingsplek aan de kop van de korte haven, met circa 300 woningen, 4.000 m2 aan bedrijfsruimten, 2.000 m2 voor horeca en fitness, een parkeergarage en een park. Dat is wat vastgoedontwikkelaar Ridge samen met haar partner Dev_real estate wil realiseren op het terrein van de oude Indolafabriek aan de Nijverheidsstraat. De gemeente Rijswijk sloot hiervoor op 5 maart 2021 met de ontwikkelcombinatie een intentieovereenkomst.

De herontwikkeling van de voormalige Indolalocatie is een eerste stap op weg naar de transformatie van het Havenkwartier: van een verouderd bedrijvengebied naar een aantrekkelijke wijk waar Rijswijkers straks prettig kunnen wonen, werken of vrije tijd doorbrengen. 

In 2017 heeft de gemeenteraad de Toekomstvisie Plaspoelpolder vastgesteld, waarin staat dat dit bedrijvengebied een impuls moet krijgen. Dat willen we onder andere doen door wonen en werken te vermengen. Het Havenkwartier biedt door de ruimte en de aanwezigheid van het water, volop kansen om een kwalitatief hoogwaardig woon-werkgebied te maken. Vastgoedeigenaren en ontwikkelaars zoals Dev_real estate en Ridge hebben hiervoor al plannen ontwikkeld. Op 2 maart jl. heeft de gemeenteraad ingestemd met het Ontwikkelkader Havengebied, dat richtlijnen geeft voor die plannen.

Harbour Park

Ontwikkelaar Ridge en haar partner Dev_real estate willen de Indolalocatie, dat al sinds 2004 niet meer als fabriek functioneert, herontwikkelen tot Harbour Park. De ruim 300 woningen in het plan komen deels aan de haven. De bedrijfsruimten komen aan de Nijverheidsstraat. Het huidige industriële bouwdeel aan de Klipperstraat wordt verbouwd voor horeca en fitness en is straks een echte blikvanger. Ook komt er een parkeergarage. Bovenop de parkeergarage komt het park. Caroliene van Veen van Dev_: “Op deze prachtige locatie aan het water werken we samen met MIES Architectuur aan een modern binnenstedelijk verblijfsklimaat. Een aantrekkelijke plek waar functies en mensen samenkomen die bij elkaar passen en elkaar versterken.”

Concreet

Wethouder Armand van de Laar is blij dat na de instemming van de gemeenteraad  met het ontwikkelkader Havengebied er nu concrete stappen gezet worden om in het gebied aan de slag te gaan. “Het plan voor de Indolalocatie is een mooie ontwikkeling dat een goede invulling geeft aan de ambities van de gemeente Rijswijk om wonen, werken en verblijven te combineren. Daarbij is er ook aandacht voor de inrichting van het openbaar gebied en het toevoegen van groen. Het plan geeft niet alleen een impuls aan het Havenkwartier, maar aan de hele Plaspoelpolder.”

Op basis van de intentieovereenkomst werken de ontwikkelaars het bouwplan verder uit. De planologische procedure start later dit jaar. Harbour Park maakt onderdeel uit van fase 1 van het Havenkwartier. Wie op de hoogte wil blijven van de ontwikkelingen in het gebied kan zich via de projectwebsite aanmelden voor de nieuwsbrief.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Beperkte transportcapaciteit remt energietransitie en economie

Nieuws

01-02-2021

Beperkte transportcapaciteit remt energietransitie en economie

Er is een stroomcrisis in Nederland. Er is voldoende elektriciteit beschikbaar, maar door een beperkte transportcapaciteit zijn er lokale tekorten. Naast het maatschappelijke probleem dat deze tekorten met zich meebrengen, krijgt ook de energietransitie een grote klap. Deze loopt vertraging op in aanloop naar de klimaatdoelstellingen in 2050.

Liander, het nutsbedrijf dat het midden- en laagspanningselektriciteitsnet in Nederland voor een groot deel beheert, brengt in kaart in welke regio’s er sprake is van een beperkte transportcapaciteit. Significante delen van Noord-Holland, Friesland, Flevoland en Gelderland staan op code rood. Vooral in Noord-Holland, Flevoland en Friesland zijn er problemen met de transportcapaciteit. Het gaat niet alleen om buitengebieden, maar ook juist om stedelijke gebieden zoals Hoofddorp-Schiphol en Nijmegen, waar nieuwe ontwikkelingen tot stilstand komen.

Code rood betekent dat er onvoldoende transportcapaciteit is voor zakelijke grootverbruikaansluitingen (meer dan 3x80 ampère). Dat betekent dat in deze gebieden door een beperkte transportcapaciteit elektriciteit niet of nauwelijks van naar A naar B komt. De reden: te weinig onderstations en te weinig kabels om de stroom naar locatie te brengen. Zakelijke grootverbruikaansluitingen zijn nodig voor bedrijventerreinen, laadstations voor elektrische auto’s, voor het spoornetwerk, en voor bijvoorbeeld liften in een verzorgingstehuis.

Jarenlang wachten op capaciteit

‘Wij maken ons zorgen over het toenemend gebrek aan transportcapaciteit in Nederland. Doordat de basis niet op orde is, zit er zowel een rem op de ontwikkeling van woningen, als op de vestiging, groei en uitbreiding van bedrijven’, zegt Reinoud Fleurke, bestuurslid van de Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland (SKBN). ‘Code rood betekent simpelweg dat je als ondernemer jarenlang moet wachten, totdat er weer stroomcapaciteit beschikbaar is. In de tussentijd moet je het zelf maar uitzoeken. Deze problemen met basisvoorzieningen komen nog eens bovenop de coronacrisis, waar veel bedrijven al onder te lijden hebben. Daarnaast stokt de energietransitie hierdoor ook. Juist bedrijventerreinen spelen een belangrijke rol in deze transitie door de mogelijkheden voor besparen, en het lokaal opwekken van energie met zonnepanelen. Wanneer een gebied echter op code rood is gezet, gaat ook door die verduurzaming jarenlang een streep.’

Bronnen melden dat (nieuwe) bedrijven wel aansluiting krijgen van Liander, maar niet kunnen gebruikmaken van de benodigde stroom. De transportcapaciteit ligt op nul kilowatt. Voor de economische ontwikkeling in deze rode gebieden is dat funest.

Datacenters niet de enige veroorzaker

Er wordt vaak gewezen naar datacenters als belangrijkste oorzaak achter overbelasting van het net, maar een blik op de code-roodkaart van Nederland leert dat dit onterecht is. Overbelasting van het net speelt door heel Nederland, ook in gebieden waar geen datacenters zijn. Vooral voor de energietransitie is het een grote klap. Deze loopt vertraging op in aanloop naar de klimaatdoelstellingen in 2050. De grote druk op het net komt onder meer door de glastuinbouw, energietransitie, laadinfrastructuur voor auto’s, datacenters, het upgraden van het spoornetwerk en het gasloos maken van wijken. Aardgasvrije wijken verbruiken veel meer stroom dan aanvankelijk voorspeld.

Het is niet vanzelfsprekend dat het probleem tijdig wordt opgelost. Omdat Liander onder toezicht staat van de Autoriteit Consument & Markt kan het niet zomaar investeren in nieuwe onderstations en kabels. Ook het aanvragen van vergunningen neemt tijd in beslag. Naar verluidt duurt het tussen de zeven en negen jaar om een investering te realiseren.

Praktijkvoorbeeld: Haarlemmermeer

Een voorbeeld van een nijpende stroomsitutatie vinden we in het gebied Haarlemmermeer. Economisch gezien was dit de afgelopen jaren een van de sterkste regio’s van Nederland, door de nabijheid van de luchthaven Schiphol. Sinds 2015 wordt gezocht naar een locatie voor een nieuw transformatorstation in Hoofddorp, de hoofdplaats van de gemeente Haarlemmermeer. Liander gaf onlangs aan dat een locatie is gevonden, maar het duurt dan nog tot zeker 2025 voordat het station gebruiksklaar is. De facto duurt het dus tien jaar voordat een station er staat. Inmiddels is er ook al behoefte aan een tweede station om de economische groei aan te kunnen.

De netwerkbedrijven proberen momenteel met noodoplossingen de levering van elektriciteit gaande te houden. Bijvoorbeeld met de uitbreiding van omliggende elektriciteitsstations, zoals in De Liede. Genoeg is het echter niet. Sinds oktober 2020 kan Liander nieuwe bedrijven in Hoofddorp, Schiphol-Rijk en Rijsenhout niet meer aansluiten.

'Geen stroomcrisis'

Liander erkent dat er problemen zijn met de transportcapaciteit, maar wil niet spreken van een stroomcrisis. ‘We staan voor een uitdaging van grote omvang, die vraagt om intensieve samenwerking met gemeenten, provincies en andere partners binnen en buiten de energiesector’, aldus woordvoerder Marloes de Vink.

‘Wij lossen de komende jaren veel knelpunten op door het net fors uit te breiden. Maar we voorzien ook dat er nieuwe knelpunten blijven komen. We werken met maatschappelijk geld, dus we moeten goed nadenken over wat we waar investeren. Daarnaast duren vergunningstrajecten voor nieuwe onderstations jaren en is de fysieke ruimte schaars. Meer technisch personeel zou het proces ook versnellen, daar is nu een groot tekort aan.’

‘Het is een puzzel hoe we dit gaan oplossen’, gaat ze verder. ‘Maar we zitten aan tafel met veel partijen. Wat voor investeringen zijn er nodig? Wat is de wens van de gemeente? Dat zijn gesprekken die nu worden gevoerd. Door het energiesysteem zo optimaal mogelijk te gebruiken, houden we de maatschappelijke kosten zo laag mogelijk.’

Balans tussen zonne- en windenergie

Een betere balans in het opwekken van zonne- en windenergie is belangrijk bij het plannen van de te ontwikkelen elektriciteitsinfrastructuur. Nu ligt de focus volgens De Vink nog te veel op zonne-energie. ‘We zien een verhouding van tachtig procent zon en twintig procent wind in 2030. Dat heeft stevige impact op de toekomstplannen. Dat komt omdat een windmolen vaker en relatief meer energie produceert: het waait vaker dan dat de zon schijnt.’

‘Een mix tussen zon en wind is ideaal, want zon en wind pieken zelden gelijktijdig. Bij heel veel zon is er weinig wind en andersom. Om het energiesysteem zo optimaal mogelijk te gebruiken, is een optimale zon-wind mix van 50-50 van groot belang. Niet alleen houden we de maatschappelijke kosten dan zo laag mogelijk, het kost ook nog eens minder ruimteopslag en het is sneller realiseerbaar.’

De consument merkt volgens Liander momenteel niet zoveel van de beperkte transportcapaciteit: ‘Sommige consumenten ervaren spanningsproblemen met zonnepanelen. Grote bedrijventerreinen waar veel ontwikkelingen zijn stagneren nu misschien wel. In Nijmegen-Noord bijvoorbeeld moeten sommige bedrijven tot 2023 wachten, tot er een nieuw station gerealiseerd is.’

Lees verder