Ontmoet SKBN tijdens de Provada. In deze sessie - georganiseerd door Buck Consultants International - maak je kennis met de ontwikkelingen op de Plaspoelpolder.

Herontwikkeling van (delen van) bedrijventerreinen is voor de toekomstkracht van bedrijven én de stedelijke economie cruciaal. Vaak is er echter sprake van een (korte termijn) financieel tekort, terwijl het herontwikkelingsproject wél duidelijk economische voordelen (groei van bedrijven en werkgelegenheid) én positieve maatschappelijke effecten heeft in de vorm van een toekomstbestendige bedrijvenlocatie met een duurzame inrichting en ruimte voor energietransitie.

Een brede organisatie van het proces, samenwerking met vastgoedpartijen én risicodragende cofinanciering door overheden moeten en kunnen in plaats komen van langdurige processen en subsidies. Maar hoe kan dat in de praktijk?

In deze sessie worden drie praktijkvoorbeelden toegelicht door betrokkenen, gevolgd door een interactieve discussie met experts en aanwezigen. De sessie staat onder leiding van Paul Bleumink, managing partner van Buck Consultants International.

Het programma ziet er als volgt uit:

15.00 - 15.15 uur Anders organiseren en financieren van herontwikkeling
Herontwikkeling van bedrijventerreinen komt van de grond door kansenzones binnen terreinen af te bakenen. In zo’n kansenzone ontwikkelen bedrijven in het gebied, ontwikkelaars/beleggers en de gemeente samen haalbare plannen. Wat zijn de succesfactoren? Marcel Michon, managing partner Buck Consultants International.

15.15 - 15.30 uur Deventer pakt het integraal op samen met ondernemers
De gemeente Deventer werkt in het programma Toekomstbestendige Bedrijventerreinen Deventer 2030’ (TBBTD) intensief samen met ondernemers. Menno ten Heggeler, projectleider TBBTD geeft een toelichting op die samenwerking met concrete voorbeelden op grote terreinen zoals Bergweide en Kloosterlanden.

15.30 - 15.45 uur Er is iets moois gaande op de Plaspoelpolder
Plaspoelpolder kent met name in het Middengebied verouderd vastgoed. Maar er is weinig leegstand en recent worden panden en kleinere deelgebieden herontwikkeld. Ivar van der Drift (Industrieschap Plaspoel Polder) en Armand van de Laar (wethouder Gemeente Rijswijk) vertellen aan de hand van de plankaart van het gebied wat er aan vernieuwingen plaatsvindt. Er is sprake van een kentering in de markt, doordat ontwikkelaars/beleggers panden en kavels opkopen, om die opnieuw als bedrijfsruimtes in de markt te zetten. Waar nodig zet het Industrieschap ook haar eigen vermogen in. 

15.45 - 16.00 uur Herontwikkeling van brownfields is een must in het logistiek knooppunt Venlo
Er zijn in Venlo in de afgelopen tien jaar veel gronden uitgegeven aan grote logistieke bedrijven. Tegelijkertijd zijn er ook verouderde locaties, zoals in Belfeld. Erwin Boom (wethouder gemeente Venlo) en ontwikkelaar René Geujen (NextLevel Development) gaan in op de succesvolle herontwikkeling van zo’n brownfieldlocatie in Belfeld. Wat waren de knelpunten, hoe heeft het samenspel tussen gemeente en ontwikkelaar zich ontwikkeld en welke lessen kunnen daaruit voor andere brownfields worden afgeleid?

16.00 – 16.15 uur Discussie met panel en met de zaal
De inleiders vormen het panel van deskundigen, dat onder leiding van moderator Paul Bleumink ingaat op vragen vanuit de zaal.

Meer informatie

  • Datum: Woensdag 27 oktober 2021
  • Tijd: 15:00 - 16:15 uur
  • Organisatie: Buck Consultants International in samenwerking met Provada
  • Locatie: RAI, Amsterdam – Zaal E107

NB: Aan deelname aan de Provada zijn kosten verbonden, koop je toegangsbewijs via deze link.

 

Opinie
Moeten we voor herontwikkeling naar Europa?
Moeten we voor herontwikkeling naar Europa?

Havens en overheden in Nederland en Vlaanderen haalden samen miljoenen aan Europees fondsen binnen voor een betere benutting van kademuren. Ofwel: natte kavels. Kan dat met droge kavels op verouderde stedelijke bedrijventerreinen ook? Auteur: Marije Groen is senior consultant bij Buck Consultants International (BCI). Deze column verscheen eerder op Stadszaken.nl Herontwikkeling is hot. Het dringt inefficiënt gebruik van ruimte terug, versterkt het vestigingsklimaat en leidt tot investeringen in duurzaam vastgoed. Toch blijft realisatie lastig. De ontwikkeling van brownfields vraagt namelijk om grote langjarige investeringen die voornamelijk door de markt gedaan moeten worden, met voor overheden een ondersteunende rol. Zolang het Rijk niet over de brug komt met een stevig ondersteuningsbudget, zoeken we naar oplossingen in een andere hoek. Wellicht zouden Europese programma’s hier een oplossing kunnen bieden? Betere benutting van bestaande ruimte wordt steeds populairder Herontwikkeling van bedrijventerreinen -ofwel het opnieuw ontwikkelen van ruimte die al in gebruik is voor betere benutting- is hot. Het dringt inefficiënt gebruik van ruimte terug wat met name belangrijk is voor dichtbevolkte gebieden, het versterkt het vestigingsklimaat omdat laagwaardige bedrijfsgebouwen worden gemoderniseerd en leidt tot investeringen in modern en daarmee duurzaam vastgoed wat leidt tot milieuwinst. De woningbouw zoekt naar stedelijke bedrijfslocaties om die te transformeren en te verplaatsen naar geschiktere locaties, het bedrijfsleven wenst dat verouderde industrieterreinen met inefficiënt grondgebruik een nieuw leven krijgen en bedrijven die groeien zoeken naar betere plekken waar voldoende ruimte is voor hun toekomst. Herontwikkeling van bedrijventerreinen helpt om deze puzzel te leggen. Toch is herontwikkeling niet vanzelfsprekend Ondanks alle goede ambities is het organisatorisch en financieel rondkrijgen van herontwikkelingsprojecten moeilijk, dit geldt vooral ook voor de gemengde MKB-terreinen die het gros van de Nederlandse bedrijventerreinen beslaan. Organisatorisch is het uitdagend omdat er veelal sprake is van verplaatsing van bedrijven. Oude functies moeten een nieuwe geschikte plek krijgen waar deze beter past, en die plek moet maar beschikbaar zijn. De juiste schuifruimte beschikbaar krijgen kost tijd. Kijk bijvoorbeeld naar de bedrijfsverplaatsing Peute van een binnenstedelijke locatie in Dordrecht naar een watergebonden terrein in Alblasserdam ondersteund door ROM-Drechtsteden, deze verplaatsing kostte zo’n 5 jaar. Om deze tijd te overbruggen is financiering nodig waarmee de gronden opgekocht kunnen worden en een tijdje “in bewaring” gehouden kunnen worden totdat de puzzel gelegd is. Budgetten zijn beperkt Hebben gemeenten dan niet een rol in deze opgave? In de eerste plaats is de eigenaar van het vastgoed verantwoordelijk zou je zeggen, overheden ondersteunen als het proces vastloopt en niet meer alleen door de markt getrokken kan worden. Actief gronden uitkopen en in de portefeuille houden is voor veel gemeenten een uitdaging omdat het gaat om hoge bedragen die langdurig drukken op de gemeentelijke begroting. Zo verscheen recent nog een artikel in Stadszaken over de financieringsuitdagingen van gemeente Culemborg en het concept van een grondbank als oplossing. Regionale herontwikkelmaatschappijen springen succesvol in en hebben in de afgelopen jaren tientallen locaties in ontwikkeling kunnen brengen. Ondanks deze successen zijn die partijen niet in staat om alle gewenste herontwikkelingsprojecten in hun regio te steunen, laat staan dat deze het hele land goed kunnen bedienen. Het totale budget dat partijen zoals Ontwikkelmaatschappij Utrecht, Herstructureringsmaatschappij Overijssel en ROM-Drechtsteden en OostNL bij elkaar hebben - ergens rond de 300 mln.- is daarvoor te weinig. Wat doet het Rijk Het Rijk herkent de kansen voor herontwikkeling van bedrijventerreinen en de grote opgave om dit voor elkaar te krijgen. Daarom heeft het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat afgelopen najaar in de Kamerbrief “Ruimte voor Economie” aangekondigd om hier in eerste instantie 9 mln. voor beschikbaar te stellen, zodat daarmee enkele pilots met herontwikkeling gedaan kunnen worden om ervaring op te doen met publiek-private samenwerking bij herontwikkeling van afgebakende deelgebieden op een verouderde bedrijventerreinen (de zogenaamde kansenzones). Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninklijke relaties zet ruim 23 mln. voor een ontzorgingsprogramma voor mkb’ers en ruim 22 mln. voor de verduurzaming van bedrijventerreinen. Hiermee timmert het Rijk aan de weg als het gaat om cofinanciering van publiek-private investeringen in herontwikkeling van bedrijventerreinen in combinatie met verduurzaming.  Gelet op het tekort aan ruimte, kunnen we aannemen dat financiering voor herontwikkeling grotendeels revolverend ingezet kan worden. Dit betekent dat de beschikbare middelen niet alleen maar worden ingezet als subsidie voor pilots duurzame bedrijventerreinen en duurzame werklandschappen, maar juist ook als investeringsgeld voor revolverende regionale herontwikkelingsmaatschappijen die met ondernemers zakelijk aan de slag gaan. Kansen bij de Europese Unie Om echt op landelijk niveau de herontwikkeling op gang te brengen, zijn niet miljoenen nodig maar miljarden. Het lijkt me interessant om te onderzoeken of er kansen zijn om binnen de Europese Unie financiering aan te vragen met een publiek-privaat samenwerkingsplan voor herontwikkeling. Een concreet voorbeeld van zo’n samenwerking is het initiatief ‘RHOMBUS’. In 2023 heeft dit initiatief van samenwerkende binnenhavens, gemeenten, provincies en Rijk aan Vlaamse en Nederlandse kant een plan ingediend voor vier revitalisatieprojecten van kademuren in drie binnenhavens in het Europese programma is Connecting Europe Facilities ter waarde van ruim 76 mln. waarvan ongeveer de helft uit financiering van Europa bestond. Een ander voorbeeld is de gemeente Leeuwarden die in 2023 een plan heeft ingediend om aan de slag te gaan met herontwikkeling op bedrijventerreinen binnen programma Interreg Europe ter waarde van 800.000,- Wellicht zijn er ook nog andere grote programma’s waar publiek-private samenwerking voor gebiedsontwikkeling op bedrijventerreinen in past, wat mij betreft het onderzoeken waard.

06-02-2024
Nieuws
Intentieovereenkomst Smart Energy Hub Binnenhaven TPN-West
Intentieovereenkomst Smart Energy Hub Binnenhaven TPN-West

Vanochtend tekenden 15 partijen de intentieovereenkomst voor de realisatie van een Smart Energy Hub op bedrijventerrein Binnenhaven TPN-West in Nijmegen. Door de beschikbare energie slimmer te benutten werken ze samen aan een oplossing voor netcongestie. Met doordachte regie kan op momenten dat energie schaarser wordt een goede verdeling van de wel beschikbare stroom worden gerealiseerd. De ondernemers van de Binnenhaven hebben met elkaar een Energieplan gemaakt voor de ontwikkeling van een Smart Energy Hub, waarin zij er in het collectief voor zorgen dat er nu en in de toekomst voldoende energie voor iedereen beschikbaar is. Met het ondertekenen van de intentie overeenkomst zetten ze de stap naar realisatie van een lokaal energiebedrijf. Rob Ruhl, voorzitter bedrijvenvereniging TPN-West: ‘Samenwerking is erg belangrijk om het probleem op te lossen’. Lokale koppeling tussen producent en afnemers Lokale koppeling is een sleutelwoord in de realisatie. In de Binnenhaven gaat het om het koppelen van vraag en aanbod op het gebied van elektriciteit, waarin zowel lokaal opgewekte energie als beschikbare netcapaciteit een rol spelen. Maar ook opslag in batterijen of waterstof en het vervangen van gas intensieve processen door warmtelevering spelen een rol.   Vandaag een mijlpaal, morgen klaar? De ondernemers van de Binnenhaven zijn koplopers en steken hun nek uit. Voordat er een energiebedrijf is opgericht moet er nog een heleboel werk worden verzet. Lokaal, regionaal én landelijk. Wetgeving sluit nog niet overal aan, de netbeheerders Alliander en TenneT zitten met een complexe situatie, waarin we met elkaar een passende oplossing hebben te vinden.  Een innovatieve samenwerking De samenwerking rond de Binnenhaven van ondernemers, overheid en onderwijs is innovatief.  Marieke Butterhoff, procesregisseur: ‘In de Binnenhaven banen we het pad en ontwikkelen we een oplossing voor netcongestie die straks ook op andere delen van TPN-West of op andere bedrijventerreinen in de regio toegepast kan worden. Samen gaan we de uitdaging aan en iedereen pakt daarin zijn rol.’ Over Smart Energy Hubs Binnenhaven TPN-West is een van de tien pilotlocaties in Overijssel en Gelderland in het programma Smart Energy Hubs, dat lokale energieopwekking, opslag en gebruik stimuleert. Dit initiatief wordt geleid door provincies Gelderland en Overijssel en Oost NL, met als doel collectieve afspraken te maken tussen bedrijven om het bestaande net slimmer te benutten.  Gedeputeerde Dirk Vreugdenhil: ‘In Gelderland slaan overheden en ondernemers de handen ineen om netcongestie tegen te gaan. Het stroomnetwerk kan de groeiende vraag naar elektriciteit niet aan. Met de Smart Energy Hubs zetten we bedrijventerreinen weer onder stroom.’ De deelnemende partijen in de Smart Energy Hub Binnenhaven TPN-West zijn: DAR, EKI Rubber&Foam, Derks GWW, Duynie Group,  European Metal Recycling, Hyster-Yale Group, De Klok Logistics, Koole Terminals, ARN Energieafvalcentrale, Engie, Bedrijvenvereniging TPN-West, Gemeente Nijmegen, Provincie Gelderland, Oost NL, HAN University of Applied Sciences.

04-04-2024