NIEUWS, ACHTERGRONDEN EN OPINIES

Achtergrond

card image

31-07-2019

Het kan wél: bedrijventerreinen energiepositief met collectieve aanpak

Achtergrond

31-07-2019

Het kan wél: bedrijventerreinen energiepositief met collectieve aanpak

Lessen uit pilots BE+

De stichting Bedrijventerreinen Energiepositief (BE+) wil met een lokale aanpak uiteindelijk 250 bedrijventerreinen energiepositief en CO2-neutraal te maken. Zo ver is het nog niet, maar de eerste lessen zijn er wel. Pilots laten zien wat nodig is om de energietransitie op bedrijventerreinen echt vorm te geven. Professionalisering en organisatie zijn onmisbaar. Net als ondernemers die hun nek durven uitsteken.

BE+ heeft als doel om 250 bedrijventerreinen energiepositief en CO2-neutraal te maken. De aanpak is op alle terreinen in de basis gelijk: samen met lokale partijen kijkt BE+ wat al gedaan is om met collectieve initiatieven tot verduurzaming te komen, welke kansen er nog liggen en welke aanpak daarbij hoort. De stichting voorziet de lokale partijen van de kennis en tools die ze nodig hebben om tot actie over te gaan. De organisatie is in 2017 opgericht door WM3 Energy, TNO, Oost NL en Kortman DGO, nadat het idee was ontstaan binnen de SKBN. Daarna is het een onafhankelijke stichting geworden, met in het bestuur Oost NL en TNO. Inmiddels heeft BE+ samenwerkingen opgezet met Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord, Projectbureau Herstructurering Bedrijventerreinen (PHB) en de Zuid-Hollandse ontwikkelingsmaatschappij Innovation Quarter. In totaal zijn dertig bedrijventerreinen aangesloten. Nog eens vijftien terreinen hebben gebruik gemaakt van de zogenoemde Energie Potentieelscan, een van de tools die BE+ aanbiedt.

Kagerweg

Een van de deelnemers aan BE+ is de Kagerweg, een gemengd terrein met 120 ondernemers, pal aan de A9 in Beverwijk. Verduurzaming heeft hier al een aantal jaren geleden postgevat. In 2011 startten vier ondernemers op het terrein met het concept Greenbiz IJmond, met het doel om gezamenlijk de Kagerweg te verduurzamen. Zij werken sindsdien samen met de Omgevingsdienst IJmond, die onder meer adviseert en ondersteunt met communicatie en subsidietrajecten. Om energieneutraal te worden, heeft het terrein flinke ambities geformuleerd op het gebied van energiebesparing en duurzame opwek. ‘We zetten hoog in’, zegt voorzitter Jan Boudesteijn van Greenbiz IJmond. ‘Niet alleen omdat de energietransitie ons allemaal aangaat, maar ook omdat we ons terrein mooier en schoner wilden maken.’ Eerste stap voor Greenbiz was het laaghangend fruit: een goede afvalinzameling, centrale inkoop van ledverlichting en zonnepanelen, laadpalen. ‘De homogeniteit op het terrein is daardoor ontzettend verhoogd.’

In 2017 werd Greenbiz benaderd door BE+, om mee te werken aan de energiepotentieelscan. ‘Individuele bedrijven kregen daarmee de informatie in handen die ze nodig hadden om verdergaande investeringsbeslissingen te nemen’, zegt hij. 35 bedrijven die samen meer dan 70 procent van het energieverbruik aan de Kagerweg voor hun rekening nemen, doen al mee. Bij al deze bedrijven zijn een groot aantal maatregelen uitgevoerd.

De Energie Potentieelscan (EPS)

De Energie Potentieelscan (EPS) is bedoeld om vooraf zo specifiek mogelijk een inschatting te maken van relevante energiemaatregelen, welke investeringen nodig zijn en wat ze opleveren. Het gaat hierbij om de gebouwgebonden energiemaatregelen zonnepanelen, led, warmtepompen, isolatie en warmteterugwinning op de ventilatie. De scan levert een overzicht op per pand, maar ook gesommeerde informatie voor het gehele terrein. Naast de hoeveelheid bespaarde en duurzaam opgewekte energie, wordt informatie gegeven over CO2-besparing, geschatte investeringen en opbrengsten per jaar. De EPS is inmiddels toegepast op 45 bedrijventerreinen, waar de resultaten worden gebruikt door de ondernemersvereniging bij het verkrijgen van voldoende deelname aan de collectieve verduurzaming van de bedrijfslocaties. De EPS zou in potentie ook kunnen voorzien in de behoefte aan een goede monitoring van de resultaten van BE+ per bedrijventerrein en voor BE+ als geheel.

Wat op veel bedrijventerreinen lastig blijkt, lukt aan de Kagerweg wel: ondernemers worden enthousiast door de aanpak en willen graag meedoen met een collectieve verduurzaming. ‘Dat is voor een belangrijk deel te danken aan de Omgevingsdienst IJmond’, stelt Boudesteijn. ‘De OD ziet het belang van het faciliteren van eigen initiatief in plaats het afdwingen door handhaving. De mensen van de OD hebben veel tijd en energie gestoken in het benaderen en betrekken van de ondernemers op het terrein.’

‘Het verduurzamingstraject is voor ons serious business’

Fulltime parkmanagement

Greenbiz is een vereniging met daaraan gekoppeld verschillende Bv’s. De ondernemersvereniging is daarmee bijna een bedrijf geworden. Boudesteijn zelf was voorheen ondernemer op het terrein, met een eigen transport- en verhuisbedrijf. Tegenwoordig is hij fulltime bezig met Greenbiz. ‘Het verduurzamingstraject is voor ons serious business.’ Het is een aanpak waar versnipperde bedrijventerreinen veel van kunnen leren, stelt mede-oprichter van BE+ Guus Mulder, die namens TNO ook lid is van de projectgroep. ‘Bedrijventerreinen die vooroplopen hebben gemeen dat ze een hoge mate van organisatie kennen. Goed parkmanagement of een serieuze ondernemersvereniging zijn cruciaal om het draagvlak op het terrein te borgen. Al is het maar om te voorkomen dat ondernemers afgestompt raken door de vele telefoontjes van energiebedrijven die ze elke dag krijgen. Als een ondernemersvereniging helderheid schept in die wirwar van aanbieders, het voortouw neemt en ontzorgt, geeft dat vertrouwen.’

Commercieel denken

Naast de broodnodige professionaliseringsslag kunnen verenigingen ook commercieel gaan denken en zelf diensten aanbieden, zegt Mulder. ‘Collectieve energie-inkoop, het ontwikkelen van duurzame energieopwekking en individuele verduurzamingsmaatregelen voor bedrijven wil je in één hand brengen om slimme koppelingen te maken. Waarom zouden alle bedrijven die stroom opwekken die terugleveren aan het net, als ze ook energie aan elkaar kunnen verkopen?’

Die constatering leidde in Beverwijk tot een intensivering van de samenwerking van deelnemende bedrijven. De ondernemers achter Greenbiz IJmond richtten met steun vanuit het Europese programma Interreg 2 Zeeën en de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland het handelsplatform Greenbiz Energy op. Boudesteijn: ‘Er zullen altijd plussen en minnen zijn wanneer je bedrijven energiepositief probeert te maken. Er zijn ondernemers met een hoog energieverbruik maar weinig dakoppervlak en vice versa. Dat levert tekorten en overschotten op, die je wilt uitwisselen. Op deze lokale energiemarkt komen vraag en aanbod bij elkaar, maar het levert ook een financieel voordeel op: de marges die bij het terugleveren aan het net normaalgesproken terugvloeien naar de energiebedrijven, blijven nu binnen Greenbiz Energy.’

Subsidieaanvraag

Behalve de Kagerweg kunnen ook ondernemers op bedrijventerreinen in Velserbroek, IJmuiden, Heemskerk en Uitgeest aan Greenbiz Energy deelnemen. Begin dit jaar wist Greenbiz IJmond ruim twintig ondernemers uit Beverwijk, Velsen en Uitgeest met bedrijfsdaken van 2000 vierkante meter of meer te motiveren een SDE+ subsidie voor zonnepanelen aan te vragen. Het resultaat is een subsidieaanvraag voor in totaal 100.000 vierkante meter aan bedrijfsdak, goed voor 10 megawatt aan geïnstalleerd vermogen.

Deelnemers aan Greenbiz Energy kunnen via het handelsplatform hun energieverbruik monitoren. Ook krijgen ze inzicht in alle transacties en marktinformatie. Juist dat inzicht in verbruiksgegevens is een cruciale succesfactor voor het effectief uitstippelen van een strategie en duidelijke communicatie naar de bedrijven op het terrein, vertelt Mulder. ‘Met goede data kun je ondernemers een concreet verhaal voorleggen. We werken nu op veel bedrijventerreinen met inschattingen, maar om vraag en aanbod bij elkaar te brengen is heel nauwkeurige informatie nodig. Veel ondernemers hebben een slimme meter die het verbruik per kwartier of zelfs per seconde inzichtelijk kan maken. Het beschikbaar stellen van die data is nodig om uitwisseling van duurzame stroom in een smart grid mogelijk te maken.’

‘Een oplossing vanuit de netbeheerder is soms jaren weg’

Knelpunten

Behalve financiële voordelen ziet Mulder nog een andere impuls om in te zetten op de ontwikkeling van smart grids en lokale handelsplatformen. ‘Het blijkt dat ondernemers er hier en daar nu al tegenaanlopen dat ze hun aansluiting willen uitbreiden, bijvoorbeeld om zonnepanelen aan te sluiten, maar dat de netbeheerder dit niet toestaat. Dit komt door knelpunten in het elektriciteitsnet, soms op laagspanningsniveau (lokaal), soms op middenspanning (regionaal). Een oplossing vanuit de netbeheerder is soms jaren weg.’

‘Een ondernemersvereniging die professioneel genoeg is kan zelf een ESCo opzetten’

Ondernemersverenigingen die zich sterk ontwikkelen, kunnen uiteindelijk de weg vrijmaken voor de inzet van eigen ESCo’s op bedrijventerreinen, verwacht Mulder. Een ESCo (energy service company) is een bedrijf dat het energiebeheer van een pand voor langere tijd overneemt. In een prestatiecontract wordt dan afgesproken dat de ESCo verantwoordelijk is voor energiebesparende maatregelen en het onderhoud. Ondernemers hebben als voordeel dat ze geen grote upfront-investeringen in verduurzaming hoeven te doen en toch de beschikking krijgen over een efficiënt energiesysteem. ESCo’s lijken daarmee een belangrijke schakel in het duurzaam maken van bedrijventerreinen. ‘Toch ontbreekt vaak de kennis en zijn er maar heel weinig bedrijven die er ervaring mee hebben. Financiers zijn daarom huiverig om mee te werken. In mijn ogen is dat onterecht: een ondernemersvereniging die professioneel genoeg is kan zelf een ESCo opzetten.’

Wat heeft BE+ geleerd van de pilots?

In 2018 deed BE+ een evaluatie. Daaruit kwamen de volgende leerpunten naar voren:

  • Een goede organisatie op bedrijventerreinen is een belangrijke voorwaarde voor succes;
  • 70 procent draagvlak voorafgaand aan de start is niet realistisch, het is aan te bevelen om ook te starten bij minder deelnemende bedrijven;
  • De beschikbaarheid van procesgeld is erg belangrijk om de eerste stappen te kunnen doorlopen;
  • De verschillende scans zijn nog erg verschillend qua aanpak en kosten;
  • Energiepositief en CO2-neutraal gefaseerd realiseren is een einddoel, geen voorwaarde vooraf;
  • Een collectieve aanpak is een eis, maar collectieve maatregelen als een warmtenet, windmolens of biomassacentrale zijn dat niet;
  • Een transparante en onafhankelijke organisatie is van belang;
  • Kennis van en ervaring met ESCo’s ontbreekt op bedrijventerreinen. 

 

Dit artikel kom uit vakblad BT dat wordt uitgegeven door Elba\Rec.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Het zoemt rond op C-Bèta op Schiphol Trade Park!

Nieuws

Nieuws

Het zoemt rond op C-Bèta op Schiphol Trade Park!

Onlangs heeft Imkerij MeerBijen uit Hoofddorp een bijenkast op C-Bèta op Schiphol Trade Park geplaatst. Als het bijenvolk zich goed ontwikkelt en er in het drachtgebied voldoende voedsel te vinden is, zal een tweede kast worden bijgeplaatst. Bijenkasten passen goed in de duurzaamheidsambitie van C-Bèta. De honing zal uiteraard ook door de cateraar van C-Bèta worden gebruikt.

 

Mannetjes doen niks

De huidige kast heeft een bevolking van 30.000 tot 40.000 bijen. Een bijenvolk bestaat uit één koningin en een paar honderd darren. De rest zijn werksterbijen. De darren, mannetjes, voeren niets uit. De werksters, vrouwtjes, doen al het werk. In tegenstelling tot hommels en wespen overwinteren de honingbijen in de bijenkast die gewoon buiten blijft staan.

80%

Dat bijen een belangrijke bijdrage leveren aan onze samenleving  weten we inmiddels allemaal. Ze maken niet alleen heerlijke honing, maar de bestuiving door insecten is noodzakelijk voor ruim 80% van onze voedingsgewassen. Bovendien zorgen ze door de bestuiving van bloemen en planten voor de instandhouding van onze omgeving. Honingbijen zijn daardoor een goede indicator voor de directe leefomgeving.

Uit de hand gelopen hobby

Erik Dolstra, oprichter van Imkerij MeerBijen, is vier dagen in de week financial controller. Zijn vrije woensdag dag gebruikt hij, samen met de avonden en de weekenden, om voor zijn bijenvolken te zorgen. Een hobby die al snel uit de hand liep. “Toen studenten van de HAS mij vroegen om ze te begeleiden bij hun afstudeeropdracht verdubbelde mijn aantal bijenkasten en was het volgens instanties geen hobby meer. Ik moest me inschrijven bij de Kamer van Koophandel en zo werd Imkerij MeerBijen opgericht. In datzelfde jaar kwam ik in contact met de General Manager van Novotel Amsterdam Schiphol Airport. Zijn wens was om bijen te houden en de honing te gebruiken in de keuken.  Dit is zo’n succes gebleken, dat nog veertien hotels dit idee hebben omarmt. Ook bedrijven waaronder C-Bèta toonden interesse in het plaatsen van bijenkasten. Dit levert mooie samenwerkingen op en geeft mij energie om mijn passie verder uit te bouwen.” Op https://www.meerbijen.nl/over/ staat het volledige interview met Erik Dolstra.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Kadans Science Partner koopt Kessler Park Rijswijk van Shell

Nieuws

Nieuws

Kadans Science Partner koopt Kessler Park Rijswijk van Shell

Kadans heeft deze week bekend gemaakt dat zij een koopovereenkomst hebben getekend voor het Kessler Park

Ruim 50 jaar heeft Shell invulling gegeven aan het Kessler Park in de Plaspoelpolder en tijdens deze jaren een enorme rol gespeeld in de lokale en regionale economie. Nadat Shell in 2017 bekend maakte dat zij het park zouden verlaten, is Shell op zoek gegaan naar een koper met een toekomstvisie voor het park. Rijk aan ervaring in de revitalisatie van campussen, zal Kadans een ecosysteem creëren waar innovatie, onderwijs en onderzoek samenkomen.

Meer over de verkoop en de toekomstvisie van Kadans voor het Kessler Park, leest u hieronder. De Plaspoelpolder verwelkomt Kadans en kijkt uit naar de toekomst.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------

Bron Kadans:

Kadans Science Partner en Shell Global Solutions International B.V. hebben een koopovereenkomst getekend voor het Kessler Park in de Plaspoelpolder in Rijswijk. Daarmee breidt Kadans haar huidige netwerk van kennisintensieve locaties uit en wordt voor Kessler Park gewerkt aan een duurzame toekomst.

Kessler Park kent een lange geschiedenis in technologische ontwikkeling, al in 1962 opende Shell* hier haar onderzoekscentrum. In oktober 2017 kondigde Shell aan de locatie in Rijswijk te gaan verlaten. “We zijn blij dat er een koper is gevonden met een mooie toekomstvisie voor onze locatie. We hebben er meer dan 50 jaar gewerkt en vinden het belangrijk onze geschiedenis daar op een goede manier af te sluiten” zegt president-directeur van Shell Nederland Marjan van Loon.

Met 63.000 m2 aan kantoor- en onderzoeksruimten vormt Kessler Park een significante toevoeging aan de internationale portefeuille van Kadans. “Wij geloven in de kracht van inspirerende gebouwen waar innovatie en ondernemerschap samenkomen. Door de lange geschiedenis van Shell in onderzoek op deze locatie, is Kessler Park een unieke toevoeging aan ons internationale netwerk van campussen. We gaan met veel enthousiasme een mooie invulling geven aan de locatie zodat ook in de toekomst innovatie en kennisdeling centraal blijven staan op Kessler Park” zegt Chiel van Dijen, commercieel directeur van Kadans Science Partner.

Momenteel wordt een gedeelte van Kessler Park gebruikt door TNO met een innovatiecentrum voor energie en duurzaamheid. Kadans zal zich met haar ervaring in het revitaliseren van campussen toeleggen op het accommoderen en ondersteunen van bedrijven en kennisinstellingen en het creëren van een levendig ecosysteem op de locatie in Rijswijk. Marjan van Loon: “Het plan van Kadans past het beste binnen de door de convenantpartners aangegeven visie en kaders en ze brengt de juiste ervaring in het exploiteren van dergelijke locaties. Wij wensen ze veel succes”.

 

*De maatschappijen waarin Royal Dutch Shell plc direct en indirect deelnemingen bezit, zijn afzonderlijke rechtspersonen met een eigen identiteit. In dit bericht wordt de benaming “Shell” soms gemakshalve gebruikt om Shell-maatschappijen in het algemeen aan te duiden.
Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Toekenning tweejarig onderzoek ”De rol van havens in de energietransitie”

Nieuws

Nieuws

Toekenning tweejarig onderzoek ”De rol van havens in de energietransitie”

New Energy Coalition heeft in samenwerking met ECN part of TNO en Rijksuniversiteit Groningentoekenning gekregen voor het tweejarige onderzoek ”de rol van havens in de energietransitie”. In het toegekend onderzoek ligt de nadruk op het verkrijgen van inzicht in de toekomstige rollen van Nederlandse havens omtrent conversie, het transport en eventueel opslag van de op de Noordzee geproduceerde energie naar de diverse bestemmingen onshore rond de Noordzee.

Met zijn havens, zandwinning, visserij en olie- en gasvoorraden is de Noordzee eeuwenlang belangrijk geweest voor economische groei en voor de ontwikkeling van cultuur en welvaart van de omringende landen. In 2017 werd bijna 40% van onze Nederlandse energiewinning via de Nederlandse havens getransporteerd naar het buitenland. De Nederlandse havens positioneren zich steeds meer als kernspelers in de offshore energietransitie.

De basis van de studie is gelegen in de geprognosticeerde beschikbare capaciteit voor energieproductie richting 2040 in de totale Noordzee. Deze capaciteit zal in toenemende mate hernieuwbaar zijn en in afnemende mate fossiel (offshore olie en gas). Al deze energie zal uiteindelijk naar de kust moeten worden gebracht om verder landinwaarts op het juiste moment en in de gewenste vorm en kwaliteit op de juiste plaats voor finaal gebruik beschikbaar te kunnen zijn.

Tijdens de kick-off op 18 juli 2019 in Den Helder zijn veel kennis, informatie en vooral visies voorbij gekomen over de rol van havens in de energietransitie.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Rijk en regio investeren 30 miljoen euro in Noordelijk Flevoland

Nieuws

Nieuws

Rijk en regio investeren 30 miljoen euro in Noordelijk Flevoland

Om Noordelijk Flevoland voor te bereiden op de toekomst, investeren het Rijk en de regio gezamenlijk 30 miljoen euro in de Regiodeal Noordelijk Flevoland. Dat schreef minister Carola Schouten vandaag in een brief aan de Tweede Kamer.

Minister Schouten schreef de brief ook namens minister Kajsa Ollongren en andere betrokken bewindspersonen. Open de brief op Rijksoverheid.nl. Provincie Flevoland, gemeente Urk en gemeente Noordoostpolder werken samen met het Rijk aan de verduurzaming van de IJsselmeervisserij. De partijen geven een impuls aan het maritiem cluster op Urk. Ze werken samen aan innovatie en nieuwe bedrijvigheid op het gebied van slimme mobiliteit. Deze initiatieven dragen bij aan de werkgelegenheid en brede welvaart voor de inwoners.

88 inzendingen

Nu er een akkoord is gekomen op de specifieke invulling en financiering van de deal, kan de regio starten met de uitvoering. Eind 2018 selecteerde het kabinet het voorstel van de regio Noordelijk Flevoland uit 88 inzendingen voor een Regiodeal. De regio wil onder andere inzetten op talentontwikkeling, innovatie, nieuwe bedrijvigheid en werkgelegenheid. Bijvoorbeeld door het opzetten van een nieuwe maritieme campus op Urk. Deze campus draagt bij aan de verdere ontwikkeling van de maritieme sector. Het biedt jongeren de kans om zich te specialiseren. Op deze manier blijft Noordelijk Flevoland ook in de toekomst koploper op maritiem gebied.

15 miljoen euro

Daarnaast richt de Regiodeal zich op de ontwikkeling van slimme mobiliteit en infrastructuur met het Mobiliteit en Infrastructuur Test Centrum (MITC). Dit centrum werkt met slimme ICT-toepassingen aan oplossingen rond bereikbaarheid, cyber security en de ontwikkeling van duurzame voertuigen. Het is de ambitie dit testcentrum te vestigen in Marknesse. De Regiodeal is een partnerschap tussen het Rijk en de regio. Voor de totstandkoming van deze Regiodeal stelt het Rijk 15 miljoen euro beschikbaar vanuit de Regio-envelop. De regio legt ook 15 miljoen euro in. Daarmee is de begroting voor de deal rond.

Partners

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, het ministerie van Justitie en Veiligheid en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat zijn samen met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit mede ondertekenaar van deze Regiodeal. Samen met provincie Flevoland, gemeente Urk en gemeente Noordoostpolder is deze deal tot stand gekomen.

Regiodeals

Om de brede welvaart in Nederland te versterken zet het kabinet in op nauwe samenwerking met de regio’s. Met het sluiten van Regiodeals worden deze regio’s versterkt op een manier die past bij de mensen die er werken en wonen. Rijk en regio hebben het afgelopen half jaar plannen gemaakt om over de hele linie de leefbaarheid in deze gebieden te vergroten, de veerkracht te versterken en het perspectief van de inwoners te verbeteren. Meer samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven, een passender woningaanbod, het ontwikkelen van kansrijke sectoren, passende zorg voor ouderen die langer thuiswonen, duurzame landbouw, gezond voedsel voor iedereen en meer perspectief op een baan zijn voorbeelden van de deals. Deze Regiodeals versterken bestaande samenwerkingen en zorgen ook voor nieuwe coalities. Daarmee versterken het Rijk en de regio met elkaar de kracht van de regio en de samenleving als geheel.

Lees verder

Opinie

card image

Column van Theo Föllings

De ontbrekende schakel

Opinie

Column van Theo Föllings

De ontbrekende schakel

Eind april stuurde Staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat de 25 missies voor het missiegedreven innovatiebeleid naar de Kamer. De missies en doelen moeten uiteindelijk leiden tot versterking van een aantal economische thema’s, waarbij de grootste uitdagingen misschien liggen in energietransitie en duurzaamheid. 

Elke provincie wil graag een bijdrage leveren en innoveren om de energietransitie vorm te geven. Dat is natuurlijk te prijzen, maar moeten alle provincies ook een eigen energielab oprichten? De valkuil is dat we allemaal op eigen houtje het wiel proberen uit te vinden. In mijn ogen richten we ons beter op de sterke punten van regio’s. Op de ene plek is er veel ruimte om windmolenparken in te richten, in een andere regio is veel kennis aanwezig op het gebied van smart grids. Die innovatiekracht moeten we benutten.

We doen in Nederland veel om het verdienvermogen te verbeteren, maar de innovatieplannen van het kabinet dreigen vast te lopen in versnippering als we niet zorgen voor een plek waar ze kunnen ‘landen’. Met goede faciliteiten en een duidelijke focus. Er zijn innovatieve hotspots nodig waar krachtenbundeling, valorisatie en kruisbestuiving kunnen optreden: het ecosysteem voor innovatie. Veel van deze hotspots zullen in de buurt liggen van universiteiten en kennisinstellingen, waarmee de samenwerking kan worden gezocht. Andere belangrijke partners hierin zijn de regionale overheden en de regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM's), bijvoorbeeld door het inrichten van proeftuinen en fieldlabs en het betrekken van het mkb.

Een sleutelrol in het innovatielandschap is weggelegd voor startups. De inspanningen van prins Constantijn om hiervoor meer aandacht te krijgen, werpen hun vruchten af. De regering maakt de komende vier jaar 65 miljoen euro extra vrij om startups door te laten groeien naar grote bedrijven. De prins zal veel nuttigs doen met dat geld, maar op internationale schaal is het niet meer dan een goed gevuld marketingbudget. Om innovatieve startups naar de wereldtop te helpen is een programma van een andere orde van grote nodig.

Het kabinet maakt in een later stadium bekend hoe de financiële middelen voor het missiegedreven innovatiebeleid precies besteed gaan worden. Hopelijk ziet zij in dat de innovatieslag niet plaatsvindt op het niveau van het land, maar internationaal en tussen innovatieve regio’s. Het fysieke vestigingsklimaat is in die slag de ontbrekende schakel om van missie naar een rinkelende kassa te komen. De missies verdienen dat!

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

Actualisatie Toekomstvisie Plaspoelpolder

Nieuws

Nieuws

Actualisatie Toekomstvisie Plaspoelpolder

De toekomstvisie Plaspoelpolder (2017) wordt geactualiseerd. Op 9 juli 2019 is het concept addendum vastgesteld door het College van B&W. Dit document is een toevoeging op de huidige visie. Op 24 september wordt dit ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad.

 

Concept addendum

Vanuit de huidige toekomstvisie is er samen met de verschillende partners hard gewerkt aan diverse veranderingen en verbeteringen in de Plaspoelpolder. Echter zijn door actuele marktontwikkelingen, zoals het vertrek van Shell en de vraag naar kantoren, bedrijfsruimte en woningen, een aantal wijzigingen en aanscherpingen van deze visie noodzakelijk. 

Toevoegingen

Dit addendum is een toevoeging op de Toekomstvisie Plaspoelpolder en dient de speerpunten van de toekomstvisie beter te bewerkstelligen: het bereiken van een 24/7 verblijfsklimaat en daarmee een goed vestigingsklimaat van de Plaspoelpolder.

Een belangrijke toevoeging is om op meer locaties functiemenging toe te staan, waaronder wonen. Er is een nieuwe gebiedsindeling, waarbij ieder deelgebied zijn eigen profiel kent met toegestane functies. Bovendien is er met het addendum de wens voor een campusmilieu op het Kesslerpark en een duidelijke definitie van werken, hotel, flexwonen en wonen toegevoegd.

Deze aanpassingen zijn wenselijk om verschillende redenen. Ten eerste helpen de aanpassingen om het aantal leegstaande kantoren terug te dringen. Ten tweede bieden deze toevoegingen de mogelijkheid om een bijdrage te leveren aan de enorme vraag naar woningen in de regio. Daarbij draagt functiemenging bij aan een 24/7 verblijfsklimaat en daarmee het vestigingsklimaat van de Plaspoelpolder. De economische omstandigheden zijn nu gunstig om vaart te maken in de revitalisering van de Plaspoelpolder.

Proces

Het concept addendum is op 28 mei tijdens een druk bezochte consultatiebijeenkomst ter consultatie gelegd. Ook zijn er in de maand mei en juni gesprekken geweest met BBR, Provincie Zuid-Holland, gemeente Den Haag en desgevraagd met partijen, zoals projectontwikkelaars. In deze maanden is duidelijk geworden dat de ingezette koers van dit addendum wordt ondersteund. Mede op basis van de opgehaalde input tijdens de consultatiebijeenkomst op 28 mei, is een definitieve versie van het addendum opgesteld worden om nog voor het zomerreces ter vaststelling voor te leggen aan het College van B&W en aan het einde van de zomer aan de gemeenteraad.

Huidige Toekomstvisie

Een toekomstvisie is nodig om een duidelijk beeld te hebben van de ambities. Dat beeld is belangrijk om initiatiefnemers met plannen voor investeringen duidelijkheid te bieden over kansen en (on)mogelijkheden in de Plaspoelpolder. Tegelijkertijd geeft een toekomstvisie de gemeente Rijswijk handvatten om initiatieven uit de markt te beoordelen. In de Toekomstvisie wordt het gebied en het krachtenveld waarin het zich bevindt geanalyseerd. Dit heeft geresulteerd in zes speerpunten voor de gebiedsaanpak: (1) volwaardig onderdeel van Rijswijk, (2) sterk verblijfsklimaat, (3) werkgelegenheid en onderwijs, (4) groen en duurzaam, (5) specifieke kwaliteiten en milieus versterken en (6) benutten van de goede ligging en perfecte ontsluiting. Deze speerpunten blijven in de actualisatie van de toekomstvisie Plaspoelpolder onveranderd.

Lees verder

Nieuws

card image

Nieuws

80 miljoen extra voor circulaire economie

Nieuws

Nieuws

80 miljoen extra voor circulaire economie

Het kabinet heeft een bedrag van € 80 miljoen extra beschikbaar gesteld voor de circulaire economie in 2019 en 2020. Dat maakte staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) vandaag bekend. Met het extra geld krijgen bedrijfsleven en decentrale overheden een kans om projecten aan te dragen die passen in de transitie naar een economie zonder afval en daarmee een bijdrage te leveren aan de CO2-reductieopgave. 

De beschikbare middelen maken het volgens het Rijk mogelijk om de doelen van het kabinet dichterbij te brengen en de transitie richting een circulaire economie op te schalen en te versnellen.  Een circulaire economie is volgens het Rijk belangrijk om efficiënter om te gaan met onze grondstoffen en om het klimaatakkoord van Parijs te halen. De extra middelen vloeien voort uit de vorige week gepresenteerde klimaatmaatregelen. In 2050 moet Nederland 100 procent circulair zijn. In 2030 zouden we op de helft moeten zijn.

Verantwoordelijk staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat): 'Een economie zonder afval en dus slim omgaan met grondstoffen is de ontbrekende schakel van het klimaatakkoord van Parijs. Zonder die schakel halen we de in 2015 afgesproken doelstellingen niet. De wereldbevolking blijft groeien en steeds meer mensen zullen meer grondstoffen gaan gebruiken. Dus we kunnen of op zoek naar een tweede of zelfs derde planeet, of we kunnen werk maken van een circulaire economie, te beginnen in Nederland. De afgelopen jaren hebben we laten zien dat de circulaire economie leidt tot kansen voor Nederlandse bedrijven, en tot flinke CO2-reductie. Zo levert het toepassen van circulair asfalt een besparing van minstens 20 procent CO2 op ten opzichte van traditioneel asfalt.'

Oproep projecten aan te dragen

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Rijkswaterstaat roepen decentrale overheden en het bedrijfsleven op om voorstellen aan te dragen voor projecten op het gebied van de grond, weg en –waterbouw; hiervoor is € 17,5 miljoen voor beschikbaar.

Een bedrag van € 22,5 miljoen is bestemd voor projecten op het gebied van recycling en toepassing van biobased kunststoffen en textiel. Daarin worden volgens het Rijk al goede stappen gezet, kijk bijvoorbeeld naar het Plastic Pact en de Dutch Circular Textile Valley. Alle goede voorstellen zijn welkom.

Daarnaast is € 40 miljoen beschikbaar voor andere projecten die de circulaire economie bevorderen. Het kabinet mikt daarbij ook op bijvoorbeeld innovatieve start-ups en scale-ups in het MKB. 'Het is mijn ervaring dat juist in het MKB heel goede ideeën bestaan,' aldus de staatssecretaris. 'Ik zie daarvan nu al voorbeelden in heel Nederland. Bedrijven die uniformen verwerken tot handdoeken, of die een slim idee hebben om plastic verpakkingen voor tomaatjes in de supermarkt te vervangen voor kartonnen doosjes die zo bij het oud papier kunnen. Juist dat soort bedrijven wil ik ook oproepen om met voorstellen te komen.'

Lees verder

KENNISARCHIEF