De Theo Pouw Groep is in Nederland koploper in de verwerking van afvalstoffen tot secundaire bouwstoffen. Om die activiteiten verder uit te bouwen en te innoveren, heeft het familiebedrijf op bedrijventerrein Lage Weide in Utrecht de ruimte nodig, wat uitdagingen met zich meebrengt. ‘De maatschappij vraagt om circulariteit. Wij willen een bijdrage leveren, maar we moeten wel de ruimte krijgen.’

De Theo Pouw Groep (verder TPG) is sinds de oprichting in 1981 door eigenaar Theo Pouw gevestigd op bedrijventerrein Lage Weide en wil daar ook blijven, ondanks de beperkte ruimte en de uitdagingen van de omgeving. Dat zegt TPG-manager Erik Vogelzang in gesprek met BT. 

Dit artikel verscheen eerder in het oktobernummer van vakblad BT. 

‘Dit gebied is een logische locatie voor onze duurzaamheidsambities. De centrale ligging zorgt er bovendien voor dat de verduurzamingsagenda van de regio Utrecht wordt versneld. Toch moeten we als bedrijf rekening houden met de mogelijke overlast die onze industriële activiteiten in een stedelijk gebied als Lage Weide kunnen veroorzaken.’

Circulaire expeditie naar de Theo Pouw Groep 

Deelnemers aan het BT-event op donderdag 14 november in De Fabrique in Utrecht kunnen onder begeleiding van Theo Pouw Groep-mamanger Erik Vogelzang en Roeland Tameling (directeur Parkmanagement Lage Weide) op circulaire expeditie naar het terrein van Theo Pouw Groep op Lage Weide. 

Uitgangspunt van de TPG is dat minerale bouwstoffen zoals zand, grind, beton, asfalt en bakstenen oneindig herbruikbaar zijn. Dit heeft ervoor gezorgd dat het familiebedrijf is uitgegroeid tot een van de koplopers in het grootschalig produceren van secundaire bouwstoffen. 

Jaarlijks verwerkt de TPG , naar eigen zeggen, meer dan drie miljoen ton aan materiaal, afkomstig van oude infrastructuur zoals wegen en bedrijventerreinen, tot hoogwaardige grondstoffen die opnieuw kunnen worden ingezet in de bouw. 

Het proces begint vaak op locaties waar oude infrastructuur plaats moet maken voor nieuwe ontwikkelingen. Het vrijkomende puin en asfalt wordt door de TPG duurzaam getransporteerd, gereinigd en geschikt gemaakt voor hergebruik. 

Verspreid over twaalf locaties in Nederland, veelal met toegang tot zowel weg- als waterwegen, zet het bedrijf in op het meest duurzame transport, bij voorkeur elektrisch. 

Tussen circulaire ambitie en overlast 

Volgens Vogelzang is overlast een signaal vanuit zowel het publieke domein, de overheid—lokaal, provinciaal en landelijk—als de omgeving. ‘Wij als bedrijf negeren dat niet. We gaan in gesprek met alle betrokkenen. Zo is de asfaltcentrale die we nu op ons terrein gaan bouwen mede tot stand gekomen in samenspraak met de omgeving. Dat is belangrijk, want de omgeving beschouwt een asfaltcentrale in beginsel toch als een zorg.’ 

Vogelzang refereert ook aan een windturbine die het bedrijf wil neerzetten met als doel haar diensten verder te vergroenen door te elektrificeren. ‘Een vergunning hiervoor krijgen is echter een groot vraagteken; we zitten tenslotte in een binnenstedelijk gebied. We zijn hierover in gesprek gegaan, maar we merken dat er veel weerstand bestaat.’ 

Creatieve oplossingen 

Als alternatief overweegt de TPG bijvoorbeeld om het 25 hectare grote terrein deels te voorzien van een dakconstructie met daarop zonnecollectoren. ‘Waar kun je in een binnenstedelijk gebied op zoveel hectare nog zonnecollectoren plaatsen? Die locaties zijn er niet veel, en dan ook nog op een plek die niet als brandgevaarlijk is aangemerkt.’ 

Vogelzang: ‘Hier ligt onze historie en we prijzen ons gelukkig dat we kunnen ondernemen. Dat is vrij uniek in een binnenstedelijk gebied, maar zelfs daarin blijft ruimte altijd een punt van aandacht. We zoeken naar steeds meer creatieve oplossingen door bijvoorbeeld compacter of in de hoogte te bouwen. Voorwaarde is wel dat het veilig blijft.’ 

Vogelzang waagt zich niet aan een voorspelling hoeveel ruimte de TPG uiteindelijk nodig zal hebben om alle wensen te vervullen, nu en in de toekomst, met betrekking tot circulariteit en verduurzaming. ‘Natuurlijk willen we zoveel mogelijk ruimte hebben voor de ontwikkeling van de transitie van een lineaire naar een circulaire economie.'

'Voor ons is de uitdaging: hoe gaan we ervoor zorgen dat we in gezamenlijkheid met alle actoren zo efficiënt en duurzaam mogelijk met onze beschikbare oppervlakte omgaan? De maatschappij vraagt er tenslotte om en wij willen graag onze bijdrage leveren.’

TPG levert niet alleen bouwstoffen aan publieke en private partijen, zoals Rijkswaterstaat, provincies en gemeenten, maar gebruikt de gerecyclede materialen ook voor de productie van beton en asfalt in eigen beheer. Deze producten hebben een lage milieukostenindicator (MKI), wat resulteert in een lage carbon footprint—steeds belangrijker voor klanten die hun eigen duurzaamheidsdoelen willen halen, aldus Vogelzang in BT.

Hoogwaardige vervanger van grind en zand 

Op de locaties van de Theo Pouw Groep worden afvalstoffen geaccepteerd en verwerkt in installaties die de stroom zuiveren door middel van scheiden, breken, zeven, extractie en thermische desorptie. De vrijgekomen grondstoffen worden gekeurd en hergebruikt als vervanger van bijvoorbeeld zand en grind. Dit draagt bij aan het behoud van ecosystemen, vermindert milieuschade door grondstofwinning, bespaart energie en verlaagt de uitstoot van broeikasgassen.

Lees het artikel ook terug op Stadszaken.nl.

Beeld: Theo Pouw Groep

30-10-2024
Nieuws
Aanjaagsubsidie voor bedrijventerreinen in Flevoland
Aanjaagsubsidie voor bedrijventerreinen in Flevoland

Per 24 maart 2026 is de Aanjaagsubsidie Organiserend Vermogen Bedrijventerreinen opengesteld. Met deze subsidie wil provincie Flevoland de samenwerking op Flevolandse bedrijventerreinen versterken en ondersteunen. In totaal is er €418.000 beschikbaar. Goed functionerende bedrijventerreinen zijn de banenmotor van de regionale economie en de Flevolandse innovatiekracht. Het hebben van een goede organisatiegraad is daarbij cruciaal.Hoeveel subsidie kunt u krijgen?Bedrijvencollectieven kunnen maximaal €22.000 per aanvraag ontvangen. Met het beschikbare budget kunnen naar verwachting minimaal 19 aanvragen worden gehonoreerd. Voor deze regeling geldt geen co-financieringseis.Voor wie is de subsidie?De subsidie kan aangevraagd worden door bedrijvencollectieven. Dat hoeft niet een heel bedrijventerrein te zijn, maar kan ook uit een groep bedrijven bestaan die gezamenlijk een aanpak willen realiseren op een van de onderstaande thema's en zich daartoe moeten organiseren.Waarvoor is de subsidie?U kunt subsidie aanvragen voor activiteiten die bijdragen aan een toekomstbestendig bedrijventerrein. Dat kan binnen de volgende thema's:Energietransitie inclusief gebiedsgerichte aanpak energiebesparing, netcongestie bij bedrijven en smart energy hubsDuurzaam watergebruik inclusief gebiedsgerichte aanpak waterbesparing bij bedrijvenCirculariteitKlimaatadaptatieBiodiversiteitWeerbaarheid tegen criminaliteit en ondermijningGedeelde (slimme) laadinfrastructuur of collectief aanbod van duurzame brandstoffen/energiedragersCollectieve vormen van vervoer van en naar een bedrijventerreinLooptijdDe regeling staat open vanaf 24 maart 2026 tot en met 2 maart 2027. Zo is er voldoende tijd om een aanvraag zorgvuldig voor te bereiden.Meer informatieWilt u meer informatie of wilt u bespreken hoe de subsidie aan te vragen. Neem contact op met Esther Veltman van Horizon.

24-03-2026
Nieuws
Onderzoek naar ruimtegebrek in de Rotterdamse haven en verbeteren leefomgeving van start
Onderzoek naar ruimtegebrek in de Rotterdamse haven en verbeteren leefomgeving van start

Het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam starten vanuit NOVEX een onderzoek naar oplossingen voor het ruimtegebrek in de haven én het verbeteren van de leefomgeving in de regio. Dit is nodig om de transitie (energie-, grondstoffen- en materialentransitie) van de haven te versnellen en tegelijk te zorgen voor een aangename leef- en werkomgeving. De Rotterdamse haven staat voor een unieke uitdaging in zijn geschiedenis, waarbij niet groei maar de transitie van de haven centraal staat. Deze transitie is essentieel om de duurzaamheidsdoelen te behalen en tegelijkertijd een belangrijke bijdrage te leveren aan het toekomstige verdienvermogen, de leveringszekerheid en de strategische autonomie van Nederland en Europa. Het havenindustrieel complex is een cruciale motor voor economische ontwikkeling en speelt een sleutelrol in de energievoorziening en strategische autonomie van Nederland en Europa. Maar de beschikbare ruimte wordt steeds schaarser. Hoewel er ruimte vrijkomt door de afname van fossiel-gebaseerde bedrijven, blijkt uit eerdere studies dat deze ruimte, zelfs met inbreiding, onvoldoende zal zijn. Tegelijkertijd moet de leefomgeving in de regio worden verbeterd, omdat deze nu minder goed is dan gewenst. Daarom hebben het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam besloten het ruimtegebrek in de haven te onderzoeken. Deze verkenning richt zich zowel op het oplossen van het dreigende ruimtegebrek als het verbeteren van de leefomgeving in de regio Rotterdam. We onderzoeken welke oplossingsrichtingen er zijn om ruimte te creëren voor de energietransitie, zoals de aanleg van groene waterstoffabrieken, de import en opslag van waterstof (en waterstofdragers), en de aansluiting van windparken op zee. Ook wordt gekeken naar de inzet op weerbaarheid en de mogelijkheden voor Defensie en militaire mobiliteit, waarbij het creëren van meer ruimte ook een belangrijke rol speelt. Het belang van de transitie De transitie van de haven is niet alleen essentieel voor duurzaamheid, maar ook voor het toekomstige verdienvermogen en de leveringszekerheid van Nederland en Europa. In de verkenning worden drie hoofdrichtingen onderzocht om het ruimtegebrek aan te pakken: Intensivering en optimalisering van het ruimtegebruik binnen de bestaande haven, met als uitgangspunt ‘zorgvuldig ruimtegebruik’. Herontwikkeling van bedrijventerreinen in de bredere regio van Rotterdam. Zeewaartse uitbreiding van de Maasvlakte. Zeewaartse uitbreiding is geen doel op zich en geen vanzelfsprekendheid, maar wel één van de mogelijke oplossingen die we onderzoeken. Hetzelfde geldt voor de herinrichting en herontwikkeling van bestaande bedrijventerreinen in de regio. Bij een mogelijke zeewaartse uitbreiding wordt uiteraard rekening gehouden met ecologische impact, de noodzaak van natuurcompensatie en de effecten op de visserij. Relevante belanghebbenden zullen hierbij worden betrokken. Duurzaamheid en leefomgeving De koppeling van de ruimtebehoefte van de haven met de verbetering van de leefomgeving onderstreept de noodzaak van een vitale regio en een sterke metropool. De transitie van de haven kan namelijk alleen slagen als de regio als geheel gezond en duurzaam blijft groeien. Het verbeteren van de leefomgeving betekent niet alleen meer aandacht voor natuur en recreatie, maar ook voor de gezondheid van de bewoners. Strategische en militaire betekenis Naast de economische en ecologische betekenis van de haven, speelt de Rotterdamse haven ook een onmisbare rol voor de strategische autonomie van Nederland en Europa. De haven vormt de basis voor de opslag en doorvoer van strategische goederen en biedt de benodigde infrastructuur voor militaire mobiliteit. Dit maakt de haven van groot belang voor de nationale en Europese veiligheid, en voor de logistiek van de NAVO en Defensie. Planning en vervolgstappen Het onderzoek wordt naar verwachting eind 2027 afgerond. Afhankelijk van de uitkomsten zullen de volgende stappen in het proces worden bepaald. De betrokken partijen werken nauw samen om de verkenning zorgvuldig en transparant uit te voeren, en betrekken ook de relevante stakeholders hierbij. De afspraken maken onderdeel uit van het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Ruimte, Infrastructuur en Transport (BO MIRT) van 5 januari jl. Tijdens het BO MIRT hebben Rijk en regio ook andere belangrijke afspraken gemaakt voor onze provincie, zoals investeringen in infrastructuurmaatregelen die bijdragen aan een snellere realisatie van nieuwe woningen, verbeteringen van bestaande stations langs de spoorlijn tussen Leiden en Dordrecht en verbeteringen en doorstroming van het autonetwerk in Zuid-Holland. Alle afspraken zijn terug te vinden via deze GS-brief aan PS

13-01-2026
Aanmelden nieuwsbrief