In december 2013 is in het project Dordtse Kil III een kavel van 5.300 m2 verkocht aan Kadans Vastgoed, die er een bedrijfspand gaat realiseren voor Allied Motion. Dit bedrijf is al jaren gevestigd in Dordrecht, maar was op zoek naar een moderne nieuwe locatie. 

Kadans Vastgoed en Allied Motion hebben overeenstemming bereikt voor de ontwikkeling van een nieuw kantoor- en bedrijfsgebouw op bedrijventerrein Dordtse Kil III te Dordrecht, dat wordt uitgegeven door de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Drechtsteden (ROM-D). Allied Motion ontwerpt en vervaardigt relatief kleine hoogwaardige elektromotoren voor medische, industriële en commerciële toepassingen.

Het betonnen gebouw, gelegen op een kavel van 5.300 m², wordt gerealiseerd door Hercuton en bestaat uit 740 m² BVO kantoorruimte, 1.900 m² BVO bedrijfsruimte en 70 parkeerplaatsen op eigen terrein. Het gebouw is robuust, duurzaam, energievriendelijk en kent een hoog comfort. Kadans Vastgoed en Allied Motion zijn een langjarige huurovereenkomst aangegaan. Nog in december is de eerste paal geslagen.

T&D Projectontwikkeling en Projectmanagement uit Rotterdam, die de huurder Allied Motion adviseert, heeft het initiatief genomen om partijen bij elkaar te brengen.

ROM-D

ROM-D is sinds 2012 participant van SKBN. De Regionale OntwikkelingsMaatschappij Drechtsteden (ROM-D) is de grondontwikkelingsmaatschappij van de regio Drechtsteden.

info@rom-d.nl
078 - 770 80 95

ROM-D
card image

Event

10-11-2021
BT Event 2021: De kracht van werklocaties

Event

10-11-2021

BT Event 2021: De kracht van werklocaties

Op woensdag 10 november organiseert SKBN samen met BT Magazine en ELBA\REC de 16e editie van het BT Event. Dit jaar zijn we op de locatie van de Brainport Industries Campus in Eindhoven. Onze gastheren zijn: Eindhoven Airport, Flight Forum, gemeente Eindhoven en provincie Noord-Brabant.

De kracht van werklocaties

Stedelijke werklocaties zijn samen met de binnenstad de drijvende kracht van de stedelijke economie. Ze zorgen voor banen en de producten en diensten waar de moderne samenleving op draait. Steeds meer fungeren ze ook als draaischijven in de stadslogistiek, hub voor kennis en innovatie, broedplaats voor creatieve pioniers. Maar die stedelijke werklocaties staan onder druk vanwege de toenemende ruimtebehoefte van andere stedelijke functies, wonen voorop, en het beleid om overlast door verkeer, lawaai en geur te voorkomen. Tegelijkertijd spelen grote transities in bijvoorbeeld de energievoorziening en als gevolg van klimaatverandering.

Met het veranderende karakter van de economie en de logistiek, alsmede door nieuwe trends in hoe we werken, versneld door de coronacrisis, staan stedelijke werkgebieden zelf ook voor transformatieopgaven. De grote uitdaging is om bij de herprofilering in te spelen op genoemde trends en ambities, en zo een volwaardige nieuwe rol in het stedelijk weefsel te kunnen spelen.

Met ons congres "De kracht van werklocaties" willen we dat thema agenderen.

Doel

De deelnemers tonen wat er komt kijken bij het daadwerkelijk bijdragen aan de realisatie van stedelijke ambities door werklocaties. Hoe kun je her profileren en her ontwikkelen naar een gemengd kennis en innovatiedistrict, dat ook voldoet en bijdraagt aan de ambities voor verduurzaming, vergroening etc. Aanmelden voor dit fysieke congres inclusief netwerkborrel is binnenkort mogelijk!

Voor meer informatie kijk op www.btevent.nl.

Lees verder
card image

Opinie

Het is tijd om serieuze eisen te stellen aan logistieke centra

Opinie

18-06-2021

Het is tijd om serieuze eisen te stellen aan logistieke centra

Als ontwikkelaar van bedrijventerreinen krijgen we wekelijks de vraag "Hebben jullie nog grote kavels in de verkoop? Vooral grote kavels." Tien jaar geleden was een kavel van vijf hectare groot. Nu is groot 15 hectare of meer.

Waarom is er zoveel vraag naar deze kavels?

In 1995 lanceerden de goederenvervoerders de slogan 'Zonder transport staat alles stil'. Nu, ruim 15 jaar later is dit de waarheid. De 24-uurs economie heeft Nederland volledig in bezit genomen en we kopen massaal spullen op het internet. We willen seizoensproducten het hele jaar door eten. En als we kleding bestellen, doen we dit direct in meerdere kleuren of maten. Wat niet past of mooi staat, sturen we gratis retour. En we bestellen niet alleen te veel, we willen het ook direct in huis hebben. Voor 15.00 uur besteld, morgen in huis. 

Voor al deze bestellingen is opslagruimte en distributieruimte nodig. We accepteren het niet als een product niet voorradig is en als een product een prijskaartje heeft. Daarom worden goederen in lage-lonen-landen geproduceerd en per boot en vliegtuig naar Europa gestuurd. Ons eigen koopgedrag zorgt ervoor dat er veel vraag is naar kavels voor logistiek. 

Is het nu zo'n groot probleem om kavels uit te geven voor de logistiek?

Als ontwikkelaar zeg ik natuurlijk 'nee'. Gewoon uitgeven die kavels. Op een verantwoordelijke manier. Deze logistieke centra staan meestal direct naast een snelweg. Lekker in het zicht, waardoor ze sneller opvallen. Een logistiek centrum is net de bondscoach van Oranje. Iedereen vindt er wat van. Bij de eerste centra die gebouwd zijn, is puur gekeken naar de functie en niet naar de architectuur en inpassing in de omgeving van het gebouw. Hier komt de rol van de gebiedsontwikkelaar om de hoek. We willen én kunnen niet meer zonder logistieke centra. Daarom is het tijd dat wij ervoor zorgen dat er tijdens de ruimtelijke en vergunningsprocedures, goede kaders komen voor het realiseren van logistieke centra. Zowel met het oog op ruimtelijke verduurzaming, daadwerkelijke toevoeging aan regionale economie, versterking van de regionale DNA als voor landschappelijke waarden. 

Toch nog even een paar voordelen van logistieke centra!

Het stimuleren van werkgelegenheid gebeurd onder andere bij een grootgrutter in Oosterhout. Daar werken meer dan 1.000 mensen in een distributiecentrum. Wanneer we de daken van deze centra benutten voor de opwek van zonne-energie hoeven we geen zonneweides in het groen aan te leggen. En misschien de belangrijkste: voor 15.00 uur besteld, morgen in huis!

Lees verder
card image

Achtergrond

De energietransitie verandert bijna alles in de Amsterdamse haven

Achtergrond

14-06-2021

De energietransitie verandert bijna alles in de Amsterdamse haven

Als enige haven ter wereld heeft Port of Amsterdam besloten om vanaf 2030 niet langer actief te zijn in steenkolen. Rigoureuze stap voor de tweede kolenhaven van Nederland en Europa. Strategische stap, vindt Eduard de Visser, hoofd Strategie en Innovatie. ‘Hiermee inspireren we bedrijven die zich richten op schone energie om zich hier te vestigen.’

Wat betekent de energietransitie voor Port of Amsterdam?

“Overgaan op alternatieve energiebronnen die niet schadelijk zijn, is veel meer dan alleen een energietransitie. Doordat onze focus naar andere energiedragers verschuift, verandert bijna alles in de haven. Bedrijven zullen zich aanpassen en meegaan in de transitie, maar er komen ook bedrijven bij die hier nog niet waren. Uit andere branches: recycling, circulaire chemie en synthetische brandstoffen bijvoorbeeld.”

Hoe is de haven veranderd door die transitie naar duurzame energie?

“De haven blijft een doorgeefluik voor goederen van en naar de EU en Nederland, zoals aluminium, papier, hout en roll-on, roll-off (voertuigen, red.). Daarnaast zijn we groot in de opslag en handel van energiedragers. Daarin zal het meest veranderen. Kolencentrales gaan dicht, er rijden steeds meer elektrische auto’s rond, nieuwe, schonere brandstoffen doen hun intrede, transport wordt steeds efficiënter, waardoor brandstof efficiënter gebruikt wordt. Dit zijn allemaal factoren die van invloed zijn op de vraag naar die brandstoffen waar de haven zo groot in is.”

Betekent dat dat een deel van de handel van de haven verdwijnt?

“De handel verandert, maar dat gebeurt al vanaf het begin van de haven, 750 jaar geleden. Handel verdwijnt, maar daar komt nieuwe handel voor terug en dat is een heel positieve ontwikkeling. We zijn in Port of Amsterdam al een tijd bezig met de energietransitie. Een paar jaar geleden maakten we de keuze om per 2030 niet langer actief te zijn in steenkolen. Als eerste en nog steeds enige haven ter wereld. Dat was een strategische stap, want hiermee inspireerden we bedrijven die zich richten op schone energie om zich hier te vestigen. Een toename van die bedrijven vergroot de kansen voor energietransitie in de metropoolregio. Het kan zelfs de CO?-reductie in heel Nederland versnellen. Daarvoor is namelijk gespecialiseerde expertise nodig en die hoeven we nu niet meer van ver te halen. Ook met de nieuwe generatie energiedragers willen we als haven een hoofdrol blijven spelen.”

Hoe vertaalt zich die focus van Port of Amsterdam op duurzaamheid?

“Ten eerste met een focus op groene elektriciteit: windmolens in zee en zonneparken. Voor de kust van IJmuiden komt een van de grootste offshore windparken van Nederland. De tweede focus is het opschalen van de productie van groene brandstof. Op het terrein van Tata Steel bouwen we samen met Nouryon een groene waterstoffabriek. De fabriek gebruikt groene stroom van het offshore windpark. De waterstof uit de fabriek gaat naar de haven van Amsterdam, door een pijp die we samen met de Gasunie aanleggen. Deze groene waterstof gaat onder andere naar een bedrijf dat synthetische kerosine produceert. Dat is kerosine die niet gemaakt is van aardolie, maar met groene waterstof. Dat bedrijf is een initiatief van Port of Amsterdam, in samenwerking met Schiphol. In 2024 is de eerste synthetische kerosine beschikbaar. Een duurzaam alternatief voor reguliere kerosine, dé brandstof in de burgerluchtvaart.”

Dan een andere gamechanger: covid-19. Wat heeft corona voor effect op het Havenbedrijf?

“Het maakte duidelijk dat de haven een belangrijke functie heeft in de bevoorrading van vitale goederen en diensten van Nederland, om maar met iets positiefs te beginnen. Het grootste effect heeft corona op de overslag van kolen, die daalde met tientallen procenten in 2020. De vraag vanuit de staalverwerkende industrie uit Duitsland lag ineens stil. Gelukkig is er ook herstel, door de focus op andere sectoren als duurzame energie en de containermarkt.”

Het thuiswerken heeft een enorme vlucht genomen. Een positieve ontwikkeling?

“Voordeel daarvan voor mij is dat ik vaak een mooie wandeling maak tijdens vergaderingen. Maar het heeft ook nadelen. Het is bijvoorbeeld lastiger geworden om nieuwe samenwerkingen aan te gaan omdat je elkaar niet kunt zien. Bij zoiets groots als de energietransitie is het noodzakelijk om allianties aan te gaan die sectoren – de luchtvaart, de haven – overstijgen. Dat blijft mensenwerk: het gaat het best met face-to-facecontact. Mensen maken het verschil, dat blijft zo.”

Lees het gehele artikel en andere artikelen in FACES

Lees verder