De participanten van SKBN hebben woensdag 8 juni tijdens de Provada in Amsterdam hun handtekening gezet onder het Businessplan 2011-2013. Gezamenlijk beschikken de participanten over € 200 miljoen om te investeren in bedrijventerreinen.

In het businessplan spreekt SKBN de ambitie uit om zich verder te ontwikkelen tot hét kennisplatform voor bedrijventerrein- en gebiedsontwikkeling waar overheden en marktpartijen elkaar vinden om kennis en ervaringen uit te wisselen.

SKBN is door 11 regionale en grootstedelijke ontwikkelingsmaatschappijen opgericht, met het doel om de opgedane praktijkkennis over de aanpak van bedrijventerreinen verder te ontwikkelen en te verspreiden. “We beginnen heel praktisch, zo werken we namelijk al jaren, met het organiseren van kennistafels en studietrajecten. Het jaarlijkse landelijke bedrijventerreincongres blijft een belangrijk speerpunt in de kennisverspreiding. Wie een hoe-vraag heeft, kan bij ons terecht”, aldus SKBN-voorzitter Theo Föllings. “Alle participanten beschikken al over de nodige kennis, als ook over een behoorlijk netwerk. En juist dat netwerk gaan we met elkaar verbinden.”

Het unieke aan SKBN is dat hierin organisaties worden verenigd die zich dagelijks bezig houden met de ontwikkeling, herstructurering en het beheer van werklocaties. Hierbij concentreert de SKBN zich op de hoe-vraag. Samen beschikken de participanten over een enorme dosis ervaring en praktische kennis van bedrijventerreinen, waaronder economische verdienmodellen en financierings¬constructies zoals fondsvorming. SKBN en haar participanten beschikken daarnaast over een breed netwerk, binnen zowel private partijen als overheden, en wil als onafhankelijke stichting ontmoetingen organiseren tussen alle betrokken belangen. Ook levert SKBN, gevraagd en ongevraagd, beleidsinput op basis van kennis. Ten slotte initieert, ondersteunt en levert SKBN kennis aan (wetenschappelijk) onderzoek van kennisinstellingen op het gebied van werklocaties en gebiedsontwikkeling.

Het is de wens van de SKBN om zich in de periode 2011-2013 te ontwikkelen tot een platform waar:

  • een onafhankelijk netwerk van specialisten samenkomt, zonder winstoogmerk en niet gelieerd aan adviesbureaus etc.;
  • trends/geluiden van de markt worden oppikt en actief de discussie tussen publieke en private partijen wordt gezocht;
  • opgedane kennis wordt gevonden en verder ontwikkeld;
  • beleidsinitiatieven worden getoetst door mensen die dicht tegen de praktijk aan staan;
  • best practices worden gevonden;
  • hét interactieve en fysieke kenniscentrum op bedrijventerreingebied ontstaat.
card image

Event

10-11-2021
BT Event 2021: De kracht van werklocaties

Event

10-11-2021

BT Event 2021: De kracht van werklocaties

Op woensdag 10 november organiseert SKBN samen met BT Magazine en ELBA\REC de 16e editie van het BT Event. Dit jaar zijn we op de locatie van de Brainport Industries Campus in Eindhoven. Onze gastheren zijn: Eindhoven Airport, Flight Forum, gemeente Eindhoven en provincie Noord-Brabant.

De kracht van werklocaties

Stedelijke werklocaties zijn samen met de binnenstad de drijvende kracht van de stedelijke economie. Ze zorgen voor banen en de producten en diensten waar de moderne samenleving op draait. Steeds meer fungeren ze ook als draaischijven in de stadslogistiek, hub voor kennis en innovatie, broedplaats voor creatieve pioniers. Maar die stedelijke werklocaties staan onder druk vanwege de toenemende ruimtebehoefte van andere stedelijke functies, wonen voorop, en het beleid om overlast door verkeer, lawaai en geur te voorkomen. Tegelijkertijd spelen grote transities in bijvoorbeeld de energievoorziening en als gevolg van klimaatverandering.

Met het veranderende karakter van de economie en de logistiek, alsmede door nieuwe trends in hoe we werken, versneld door de coronacrisis, staan stedelijke werkgebieden zelf ook voor transformatieopgaven. De grote uitdaging is om bij de herprofilering in te spelen op genoemde trends en ambities, en zo een volwaardige nieuwe rol in het stedelijk weefsel te kunnen spelen.

Met ons congres "De kracht van werklocaties" willen we dat thema agenderen.

Doel

De deelnemers tonen wat er komt kijken bij het daadwerkelijk bijdragen aan de realisatie van stedelijke ambities door werklocaties. Hoe kun je her profileren en her ontwikkelen naar een gemengd kennis en innovatiedistrict, dat ook voldoet en bijdraagt aan de ambities voor verduurzaming, vergroening etc. Aanmelden voor dit fysieke congres inclusief netwerkborrel is binnenkort mogelijk!

Voor meer informatie kijk op www.btevent.nl.

Lees verder
card image

Opinie

Het is tijd om serieuze eisen te stellen aan logistieke centra

Opinie

18-06-2021

Het is tijd om serieuze eisen te stellen aan logistieke centra

Als ontwikkelaar van bedrijventerreinen krijgen we wekelijks de vraag "Hebben jullie nog grote kavels in de verkoop? Vooral grote kavels." Tien jaar geleden was een kavel van vijf hectare groot. Nu is groot 15 hectare of meer.

Waarom is er zoveel vraag naar deze kavels?

In 1995 lanceerden de goederenvervoerders de slogan 'Zonder transport staat alles stil'. Nu, ruim 15 jaar later is dit de waarheid. De 24-uurs economie heeft Nederland volledig in bezit genomen en we kopen massaal spullen op het internet. We willen seizoensproducten het hele jaar door eten. En als we kleding bestellen, doen we dit direct in meerdere kleuren of maten. Wat niet past of mooi staat, sturen we gratis retour. En we bestellen niet alleen te veel, we willen het ook direct in huis hebben. Voor 15.00 uur besteld, morgen in huis. 

Voor al deze bestellingen is opslagruimte en distributieruimte nodig. We accepteren het niet als een product niet voorradig is en als een product een prijskaartje heeft. Daarom worden goederen in lage-lonen-landen geproduceerd en per boot en vliegtuig naar Europa gestuurd. Ons eigen koopgedrag zorgt ervoor dat er veel vraag is naar kavels voor logistiek. 

Is het nu zo'n groot probleem om kavels uit te geven voor de logistiek?

Als ontwikkelaar zeg ik natuurlijk 'nee'. Gewoon uitgeven die kavels. Op een verantwoordelijke manier. Deze logistieke centra staan meestal direct naast een snelweg. Lekker in het zicht, waardoor ze sneller opvallen. Een logistiek centrum is net de bondscoach van Oranje. Iedereen vindt er wat van. Bij de eerste centra die gebouwd zijn, is puur gekeken naar de functie en niet naar de architectuur en inpassing in de omgeving van het gebouw. Hier komt de rol van de gebiedsontwikkelaar om de hoek. We willen én kunnen niet meer zonder logistieke centra. Daarom is het tijd dat wij ervoor zorgen dat er tijdens de ruimtelijke en vergunningsprocedures, goede kaders komen voor het realiseren van logistieke centra. Zowel met het oog op ruimtelijke verduurzaming, daadwerkelijke toevoeging aan regionale economie, versterking van de regionale DNA als voor landschappelijke waarden. 

Toch nog even een paar voordelen van logistieke centra!

Het stimuleren van werkgelegenheid gebeurd onder andere bij een grootgrutter in Oosterhout. Daar werken meer dan 1.000 mensen in een distributiecentrum. Wanneer we de daken van deze centra benutten voor de opwek van zonne-energie hoeven we geen zonneweides in het groen aan te leggen. En misschien de belangrijkste: voor 15.00 uur besteld, morgen in huis!

Lees verder
card image

Achtergrond

Corona, thuiswerken en het effect op kantoren: dit weten we nu

Achtergrond

22-03-2021

Corona, thuiswerken en het effect op kantoren: dit weten we nu

Een jaar na het uitbreken van de coronacrisis zijn de effecten van het thuiswerken voor de kantorenmarkt zichtbaar. De belangrijkste trends op een rij.

De coronacrisis zet spanning op de Nederlandse gebruikersmarkt voor kantoren. Verhuizen is zo’n beetje het laatste waar bedrijven zich in 2020 mee bezig hielden. Nadenken over hun toekomstige ruimtebehoefte deden ze des te meer. Een half jaar geleden gaven deskundigen in Vastgoedmarkt hun visie op de toekomst van het thuiswerken. Nu, een jaar na het uitbreken van de coronacrisis, rijst de vraag: wat zijn de waarneembare effecten?

Eerste klap is raak

Voor de Nederlandse kantorenmarkt was de eerste tik niet mis. Dynamis meldt over 2020 een opnamedaling van 41 procent op jaarbasis in de regio’s waar de aangesloten regionale makelaars actief zijn. Gebruikers huurden of kochten vorig jaar nog maar 879.700 m2 kantoorruimte. Voor de volledigheid moet daar wel bij worden vermeld dat relatief veel kantoorruimte in het voorgaande jaar een andere gebruiker had gekregen: 2019 was wat dat betreft een topjaar. In 2020 kregen vooral de kantoorgebruikersmarkten van grote steden rake klappen.

Een andere graadmeter is kantorenwalhalla Amsterdam. Internationaal vastgoedadviseur Savills drukt zich voorzichtig uit wanneer het over onze hoofdstad gaat. Maar toch: in vergelijking met andere grote Europese steden brengt Amsterdam het er niet zo goed vanaf. ‘De effectieve netto huren van Europese kantoren zijn in de afgelopen zes maanden slechts met gemiddeld 2 procent gedaald. Amsterdam heeft te maken met een grotere daling dan gemiddeld, namelijk 5 procent’, aldus Savills.

Bedrijven leveren ruimte in

Een groeiend aantal grote bedrijven verwacht minder vierkante meters kantoorruimte af te nemen. Jacco Vogelaar heeft dat van dichtbij ervaren. Vogelaar is directeur van Dynamis-partner BMV Makelaars. Namens Rijsterborgh Vastgoed, eigenaar van kantoorgebouw Rijnpoort, zat hij onlangs tegenover Vitens aan de onderhandelingstafel. Het waterbedrijf had in 2013 nog bijgetekend voor 7.000 m2 in een kantoorgebouw op IJsseloord in dezelfde stad. Zeven jaar later zocht Vitens nieuwe huisvesting.

‘We merkten dat het voor Vitens een lastig moment was om over de toekomstige huisvesting te beslissen. Het bedrijf maakte een pas op de plaats. Maar erg veel tijd had het daar niet voor. In de eerste helft van 2021 loopt de huur af.’ Over de precieze afwegingen van Vitens kan Vogelaar niet in detail treden als makelaar van de verhuurder, die aan de andere kant van de onderhandelingstafel zat. Maar het lijkt erop dat de thuiswerktrend niet aan het waterleidingbedrijf voorbij is gegaan. ‘Vitens verlaagde zijn zoekvraag met 20 procent’, aldus Vogelaar. Resultaat: een huurovereenkomst voor 4.300 m2 kantoorruimte in Rijnpoort.

ABN Amro zelfs 40 procent minder kantoor

Zoals Vitens zijn er meer bedrijven die met minder kantoorruimte toe denken te kunnen. Actualiteitenprogramma Nieuwsuur maakte eind januari een inventarisatie met opvallende uitkomsten. Vooral in de financiële sector kan het hard gaan. Naar verwachting daalt het kantoorruimtegebruik 40 procent bij ABN Amro, 30 tot 40 procent bij Aegon Nederland, 30 procent bij Triodos Bank en 10 procent bij ASR.

Wie zegt dat medewerkers van dienstverleners altijd bij elkaar moeten zitten om samen te werken? Volgens Nieuwsuur kan softwarebedrijf Capgemini met 25 tot 50 procent minder kantoorruimte toe, de ingenieurs en adviseurs van Arcadis met 30 procent, energiebedrijf Essent met 15 procent en PostNL met 10 tot 20 procent. De lijst vermeldt zegge en schrijve één partij die uitbreidt. Betalingsverwerker Adyen krijgt er 1.100 werkplekken bij.

Verwachting dat gebruikers terugkeren

Ondanks de plannen van corporates om kantoorruimte af te stoten verwacht Dynamis dat de gebruikersmarkt zal terugveren. ‘Zodra werknemers weer terug kunnen keren naar kantoor zal naar verwachting een sterke inhaalslag plaatsvinden op de kantorenmarkt’, schrijft het samenwerkingsverband in de publicatie Sprekende Cijfers Kantorenmarkten 2021.

Is dat een geval van wensdenken? Dat hoeft niet zo te zijn. Dynamis baseert zijn inschatting in ieder geval gedeeltelijk op waarnemingen. ‘Door de onzekerheid rondom corona hebben veel bedrijven hun aflopende huurcontracten in 2020 flexibel verlengd. Deze partijen komen tegelijkertijd op de markt met de bedrijven waarvan het huurcontract in 2021 afloopt’, schrijft het samenwerkingsverband.

Korter huren

In heel Europa gebeurt hetzelfde. Volgens Savills nemen verhuurders steeds vaker genoegen met kortere huurovereenkomsten. ‘Er worden overeenkomsten aangegaan die korter zijn dan 5 jaar.’ Overigens ook met hogere incentives: die kunnen oplopen tot wel 50 procent. ‘Maar de incentives waren in Amsterdam voor de pandemie dusdanig laag, dat ze zelfs na een dergelijke stijging nog steeds op een erg laag niveau liggen.’

Voor de gebruikers is het nu ‘achterover leunen in de hoop dat duidelijk wordt wat de langetermijnconsequenties van de coronacrisis zullen zijn’, zegt Vogelaar vanuit Arnhem. ‘Als grote partijen niet nu de keuze hoeven te maken, stellen ze die uit. Vooral onder grote partijen zijn er niet zoveel die in deze periode moeten beslissen. Grote organisaties huren nog steeds met looptijden van vijf tot tien jaar.’

Flexibel huren

Intussen loopt de Arnhemse markt voor flexibele kantoren in een hoge versnelling, meldt Vogelaar. Verhuurders als The Office Operators (TOO), Newday en Regus doen daar goede zaken. ‘In de business centers zien we een interessante beweging’, zegt Vogelaar. ‘Aan het begin van de coronacrisis werden flexcontracten uit onzekerheid opgezegd. Maar die mensen kwamen terug en er kwam nieuwe vraag. Deze keer van mensen die in Amsterdam werken, reizen in het openbaar vervoer lastig vinden en toch een kantoorplek willen. Vooral de vestiging van TOO in de voormalige V&D loopt rap vol. Dat is ook een van de mooiste ontwikkelingen van de laatste tijd in Arnhem. Het complex is compleet vernieuwd.’

In Twente ziet Roy Duijn ook een nieuwe klantengroep voor flexibele kantoorruimten. Duijn is vennoot van Snelder Zijlstra Bedrijfsmakelaars in Enschede. ‘Mensen die normaal bij een klant werken, zoals medewerkers van accountantsorganisaties, kunnen daar nu niet terecht. Want veel grote organisaties ontmoedigen het kantoorwerk. Zulke werknemers zie je nu ook meer in business centers.’

Flexibiliteit kan overigens ook worden bereikt zonder de tussenkomst van een business center. ‘We zien allerlei contractvormen’, zegt Duijn. ‘Onbepaalde tijd met een opzegtermijn van twaalf maanden. Een kern met een flexibele schil. Of ruim huren en een daarvan deel onderverhuren. In afwachting van groei van het personeelsbestand.’

Kantoorvilla voor eigen gebruik kopen

Terwijl grote bedrijven hun kruit droog houden, gonst het van de bedrijvigheid op de markt voor kleine kantooroppervlakten. Volgens Dynamis bleef het aantal transacties voor kantoorruimten kleiner dan 500 m2 in 2020 ongeveer stabiel. Hoezeer het aanzien van de kantorenmarkt daardoor kan veranderen, laat Dordrecht zien. Daar verdwenen de grote gebruikers van het toneel met als gevolg een opnamedaling van 64 procent. Maar onder kleine kantoorgebruikers nam de vraag juist toe. Het aantal transacties tot 250 m2 steeg met vier naar 25.

‘Kleinere kantoorgebruikers lijken zich in mindere mate belemmerd te voelen door de coronacrisis’, meldt Ooms Bedrijfshuisvesting vanuit Dordrecht. ‘Een kleiner personeelsbestand maakt het voor deze bedrijven eenvoudiger om de toekomstige wensen en behoeftes rondom thuiswerken in te schatten. De benodigde hoeveelheid kantoorruimte op lange termijn is daardoor veel inzichtelijker binnen het MKB. Bedrijven in dit segment zijn daardoor meer geneigd om nieuwe huisvesting te betrekken dan grotere kantoorgebruikers.’

Vanuit Twente meldt Duijn dat het midden- en kleinbedrijf niet alleen in de markt is om te huren. ‘Vanuit het MKB is er een sterke behoefte om een eigen kantoor met een oppervlakte tot 1.000 m2 te kopen. Zoals villa’s op zichtlocaties langs grote wegen of garages die om te bouwen zijn tot kantoor. De rente is te geef, de financieringslasten zijn laag. Waarom zou je zo’n pand nog moeten huren?’

Niet terug naar kantoor, maar naar clubhuis

De vraag blijft wat grote partijen gaan doen waarvan de huur in 2021 afloopt. ‘Roy, houd ons op de hoogte, want we zijn nog steeds op zoek. Dat krijg ik vaak te horen’, zegt Duijn. ‘Ik zou de Twentse kantorenmarkt daarom een uitstelmarkt noemen, niet een afstelmarkt. De grootste vraag komt hier op de lange termijn vanuit de ICT. Dat thuiswerken zien ze in die sector niet als bestendig. Stel dat je een applicatie ontwikkelt. Dan zit je in een projectgroep. moet je testdraaien en afstemmen. Dan is er behoefte om elkaar te ontmoeten.’

Die bedrijven zoeken alleen niet naar een traditioneel kantoor. ‘Ze zoeken een soort thuis, een clubhuis, een café. Ze vragen daar om, wij faciliteren dat’, aldus Duijn. Veelzeggend vindt hij dat nu ook een organisatie als de Belastingdienst met zijn huisvesting experimenteert. In het midden van het land richt de fiscus een plek in waar zijn medewerkers elkaar kunnen ontmoeten. En met elkaar een hapje kunnen eten: er komt een landelijk bekende cateraar aan te pas. ‘Het moet een echte belevingsplek worden’, aldus Duijn.

En die trend biedt weer kansen voor de Twentse kantorenmarkt. Aan bijzondere gebouwen is in de oostelijke regio geen gebrek. ‘Door ons sterk industriële verleden hebben we verhoudingsgewijs veel erfgoed’, zegt Duijn. ‘Er zijn hier heel gave plekken die een nieuw leven krijgen.’

Weinig schade beleggingsmarkt

Op de beleggingsmarkt valt de schade door het thuiswerken op dit moment mee. Nederlandse kantoren werden in 2020 zelfs 2,5 procent meer waard, meldt ABN Amro in zijn sectorprognose vastgoed van begin maart. De bank wist toen al wel te melden dat kantoren in 2021 met 4,5 procent in waarde zullen dalen. Maar dat is nauwelijks slechter dan het totaal voor Nederlands vastgoed: 4 procent daling in 2021 na 2,5 procent stijging in 2020.

Ook DWS, de assetmanager van Deutsche Bank, meldde in februari weinig schade in zijn outlook voor de Nederlandse vastgoedmarkt. Anders dan ABN Amro signaleerde DWS al in 2020 een ‘bescheiden prijscorrectie’. Maar die krijgt een vervolg in de vorm van gematigd herstel.

Beleggers zijn kieskeurig. ‘Voor de uitbraak van covid hebben we nog een aantal sale-and-lease-back-transacties tot stand gebracht’, zegt Vogelaar. ‘De verkoop van de kantoren Van Wijnen in Arnhem en Deventer werd gesloten in het laatste weekeinde voor de eerste lockdown. Nu zijn beleggers voorzichtiger. Er is ontzettend veel geld voor vastgoed, maar 90 procent gaat naar woningen, logistiek en zorg. Alleen kantoren op de allerbeste plekken hebben nu de interesse van beleggers. Op stationslocaties bijvoorbeeld.’

Duijn: ‘Er is nog wel vraag naar afwijkende kantoren. Oude, mooi gerestaureerde fabrieken, dicht bij de stadscentra. Waar het leuk is tussen de middag naar buiten te gaan, omdat je dan niet steeds hetzelfde rondje over het bedrijventerrein hoeft te lopen. De uitdaging komt te liggen op de kantorenparken die het moeten hebben van het grote aantal parkeerplaatsen en de goede bereikbaarheid via de grote weg. Daarin verschilt de Twentse kantorenmarkt niet van die van heel Nederland.’

Bron: Vastgoedmarkt

Lees verder