CyrusOne Inc., een wereldwijd datacenter REIT (aanbieder van locaties voor dedicated en colocated serverhosting), heeft bekend gemaakt een overeenkomst gesloten te hebben met Agriport A7 voor de ontwikkeling van hyperscale datacenters in Middenmeer, Nederland. Volgens de voorwaarden van de overeenkomst heeft CyrusOne de mogelijkheid om tot 33 hectare grond te kopen, in percelen naargelang de vraag dit voorschrijft, binnen een masterplan met meerdere datacenters van 270 MW.

De grond bevindt zich op de 1.000 hectare grote campus van Agriport A7, ongeveer 40 kilometer ten noorden van het centrum van Amsterdam, die toegang biedt tot de aanzienlijke toekomstige energie die nodig is om de campus van het datacenter te ondersteunen en die al twee belangrijke hyperscale ontwikkelingen kent.

De campus, met een lage latency op AMS-IX, heeft toegang tot een aanzienlijk netwerk van dark fiber en meer dan 600 MW van voornamelijk groene stroom. Als huisvester van twee van ’s werelds grootste hyperscale-bedrijven, verwacht Agriport A7 door de samenwerking met CyrusOne een aantal extra spelers aan te kunnen gaan trekken, waardoor Agriport A7 zich kan ontwikkelen tot een interessante locatie voor grootschalige datacenterimplementaties in Nederland.

NHN

NHN is sinds 2011 participant van SKBN. Het Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (NHN) is een uitvoeringsorganisatie van gemeenten in Noord-Holland Noord en Provincie Noord-Holland.

info@nhn.nl
072 - 519 57 74

NHN
card image

Achtergrond

Analyse: vraag naar logistiek vastgoed vorig jaar groter dan ooit

Achtergrond

06-05-2019

Analyse: vraag naar logistiek vastgoed vorig jaar groter dan ooit

De markt voor logistiek vastgoed in Nederland stond in 2018 in het teken van een grote vraag naar distributiecentra en grootschalige opslagruimten, zowel door bedrijven - logistieke dienstverleners, retailers en producenten - als door beleggers. Sterker nog: de vraag naar logistiek vastgoed was nog nooit zo groot als in het afgelopen jaar.

Dat blijkt uit onderzoek door NVM Business. Volgens de NVM-publicatie is vorig jaar in totaal 3,1 miljoen vierkante meter logistiek vastgoed afgezet. Daarbij ging het niet alleen om ruimten die op de vrije markt werden verhuurd en verkocht, maar ook om gebouwen die door bedrijven zelf voor eigen rekening werden neergezet, de zogenoemde eigenbouw. Opvallend was dat van de in 2018 gerealiseerde afzet bijna 2,2 miljoen vierkante meter betrekking had op nieuwbouw, wat in vergelijking met het jaar ervoor een duidelijke toename betekende. 

Behalve een grotere vraag naar nieuwbouw, werd de markt ook gekenmerkt door een toename van het aantal gehuurde ruimten, met als gevolg dat het aandeel van de huursector in de totale opname boven de 75 procent lag. Het zuiden van het land nam – net als in andere jaren overigens – het grootste deel van de vraag naar logistiek vastgoed voor zijn rekening. Dat was vooral te danken aan de gang van zaken in de provincie Noord-Brabant, waar meer dan 800.000 vierkante meter zijn weg naar gebruikers vond.

Aanbod bleef ook groot

Ondanks de grote vraag naar logistiek vastgoed ging in 2018 het direct beschikbare aanbod van distributiecentra en grootschalige opslagruimten nauwelijks omlaag. Dat het aanbod vrijwel onveranderd bleef, kwam doordat er door beleggers en projectontwikkelaars meer logistieke gebouwen op risico in aanbouw werden genomen, dat wil zeggen zonder de zekerheid van voorverhuur. Eind 2018 stond ongeveer 2,33 miljoen vierkante meter te huur en te koop. Daarvan bestond 725.000 vierkante meter uit nieuwbouw. 

Volgens NVM Business is het wel positief dat het structurele of langdurige aanbod vorig jaar verder omlaag ging, met ongeveer 35 procent. Bovendien vertoonde de aanbodsituatie grote regionale verschillen. Terwijl bijvoorbeeld Noord-Holland werd geconfronteerd met een sterke toename van leegstaande distributiecentra, was in Noord-Brabant sprake van een flinke daling van het aantal beschikbare meters.

Weinig invloed op huurprijzen

De ontwikkeling van vraag en aanbod had echter weinig effect op de gerealiseerde huurprijzen; die bleven over het geheel genomen stabiel. Alleen in de regio’s Rotterdam en Eindhoven ging het gemiddeld huurprijsniveau iets omhoog. Hoewel de huurprijzen dus nauwelijks van hun plaats kwamen, gingen de aanvangsrendementen die beleggers bereid waren te betalen, wel omlaag, wat uiteraard tot een stijging van de prijzen leidde. Voor werkelijk eersteklas objecten daalde het netto-aanvangsrendement tot iets onder de 4,6%. 

Ter vergelijking: in 2008 lag het netto-aanvangsrendement van distributiecentra op 7%. Er werd vorig jaar ook flink in distributiecentra belegd. Volgens NVM Business ging het om € 2,3 miljard, een absoluut record. Daarvan had 70 procent betrekking op distributiecentra met een omvang van 30.000 vierkante meter en meer.

Lees verder
card image

Opinie

Toekomstvisie op werklocaties

Opinie

30-03-2019

Toekomstvisie op werklocaties

De Challenge Circulaire Werklocaties (lees meer in dit artikel dat verschenen is in BT Magazine 01-2019) leverde drie heel verschillende toekomstbeelden op. De inspiratie voor het organiseren ervan kwam mede uit twee ontwerpstudies, namelijk ‘Op zoek naar leefruimte’ (1966) en ‘Nederland nu als ontwerp’ (1987). Het zijn beelden die werken, maar soms op een andere manier dan bedoeld.

‘Op zoek naar leefruimte’ werd gepubliceerd door Rothuizen en Leeflang, samen met de tweelingbroers Robbert en Rudolf Das. In populaire bewoordingen en met futuristische ontwerpen werd de modernistische vrees voor een dichtbevolkte, onhygiënische stad, met oncontroleerbare massa’s en verkeersinfarcten beschreven. Vanuit een geloof in maakbaarheid en urgentiebesef hielden zij een pleidooi voor een andere, betere toekomst: ‘Nederland met zijn bevolkingsgroei kan best bewoonbaar blijven dankzij nieuwe technieken.’

De beelden van de gebroeders Das vormden, als een soort ontwerpend onderzoek avant la lettre, een belangrijke inspiratiebron voor de visie van beleidsmakers op de ontwikkeling van de stedelijke centra (cityvorming), maar vormden tegelijk een aanleiding tot een breed verzet tegen dit soort ontwikkelingen. Niet cityvorming maar zorgvuldige, kleinschalige stadsvernieuwing en stedelijke vernieuwing vormden het motto van de jaren zeventig en tachtig. 

Een grote impact had 20 jaar later het programma ‘Nederland nu als ontwerp’. Dit was een uiterst ambitieus project waarbij teams van ontwerpers en onderzoekers werden uitgedaagd om varianten uit te werken voor verschillende gebiedstypen. Ook in 1987 waren er ‘problemen genoeg in onze bezorgde Nederlandse samenleving’. Maar vooral het ontbreken van een toekomstvisie gaf aanleiding tot het programma; zonder toekomstvisie krijgen ‘handelingen het karakter van tasten in het duister van onvoorspelbare maatschappelijke ontwikkelingen’. 

Het valt op dat het thema werken in beide ontwerpstudies onderbelicht is. Bedrijventerreinen komen nagenoeg niet voor. Ze voegen zich ogenschijnlijk gemakkelijk in de verschillende toekomsten, zolang logistiek en energievoorziening maar op orde zijn. Niets bleek minder waar. Aan het begin van deze eeuw zaten we met een flinke herstructureringsopgave van verweesde werklocaties. Meestal op slecht bereikbare plekken aan de randen van steden, met weinig belevingswaarde.

Toekomstvisie is inderdaad van groot belang. Visie op de toekomst van werken en mobiliteit. Visie op werklocaties als plek waar de transitie naar een circulaire economie wordt vormgegeven. Visie op de rol van werklocaties als ‘powerhouse’ in de energietransitie. De Challenge Circulaire Werklocaties geeft door middel van ontwerpend onderzoek zicht op toekomsten van werk en werklocaties. Zicht op mogelijkheden en oplossingsrichtingen, zodat handelingen een doelbewust en intentioneel karakter hebben. In 2050 zullen we weten of het gelukt is om toekomstbestendige werklocaties te maken. Een verantwoordelijkheid en een mooie uitdaging!

Lees verder