7 mei 2019 is de laatste gereserveerde kavel op Schiphol Logistics Park aan Durfort Vastgoed B.V. geleverd. Op de kavel van 24.691 m2 uitgeefbaar zal eind deze maand gestart worden met de bouw van een logistiek warehouse. De ontwerp is van de hand van Architecten-Lab. Aannemer Aan de Stegge zal het nieuwe pand naar verwachting in december 2019 opleveren.

Deze ontwikkeling van kleinschalige logistieke units omvat in totaal 13.289 m² v.v.o. warehouse, 1.821 m² v.v.o. mezzanine, 2.346 m² v.v.o. kantoorruimte en 105 parkeerplaatsen op eigen terrein. Het warehouse kan worden verdeeld in maximaal negen zelfstandige units, waarvan sommige met elkaar verbonden kunnen worden zodat grotere gecombineerde units ontstaan. Elke unit heeft minstens twee loading docks en een overheaddeur. Door de ligging en de unitomvang is dit object uniek in zijn soort.

Cees Smit, directeur Durfort Vastgoed: “Met de units die variëren van ca. 1.250 tot 2.500 m2, wordt dit project vooral ontwikkeld voor partijen in de logistieke keten zoals transporteurs, expediteurs en kleinere Schiphol-georiënteerde bedrijven die behoefte hebben aan een beperkte opslagcapaciteit.”

Arnoud van der Wijk, projectmanager bij SADC: “Deze kleinere units zijn een nieuw product dat wordt aangeboden op Schiphol Logistics Park en zorgen voor een gevarieerd aanbod van logistieke ruimte dicht bij Schiphol.”

Duurzaamheid

Bovenop het energielabel A++ is het gebouw zo ontworpen dat het gehele dak voorzien kan worden van zonnepanelen. Daarmee kan het project op termijn eenvoudig omgezet worden naar ‘all electric’ waarbij, mede gezien het gebruik van ledverlichting in zowel de kantoren, in de bedrijfsruimte als op het buitenterrein, in belangrijke mate in de eigen elektriciteitsbehoefte kan worden voorzien. Verder worden materialen met een hoge isolatiewaarde gebruikt en wordt er luchtdicht gebouwd rond gevelopeningen en dak- en aansluitingen. Daarnaast is gestreefd naar een zo efficiënt mogelijk grondgebruik door de realisatie van een gebouwde parkeervoorziening.

Laatste kavel

Met de levering aan Durfort Vastgoed is de laatste kavel op Schiphol Logistics Park uitgegeven. Logistieke partijen kunnen nog grond voor nieuwbouw verwerven op het naastgelegen Schiphol Trade Park.

SADC

SADC is sinds 2011 participant van SKBN. SADC (Schiphol Area Development Company) ontwikkelt een samenhangend portfolio van hoogwaardige, bereikbare, (inter)nationaal concurrerende werkmilieus op de WESTAS van de Metropoolregio Amsterdam.

info@sadc.nl
020 - 20 666 40

SADC
card image

Achtergrond

10 ruimtelijke randvoorwaarden voor circulaire bedrijfslocaties

Achtergrond

27-03-2019

10 ruimtelijke randvoorwaarden voor circulaire bedrijfslocaties

De claim een circulair bedrijventerrein te zijn, wordt vaak ontleend aan het vastgoed dat op dat bedrijventerrein staat. Regionaal bedrijvenpark Laarberg in de Achterhoek komt misschien het dichtst in de buurt van het circulair bedrijventerrein als verzamelplaats van circulaire activiteiten. En zo’n circulair bedrijventerrein voorziet in een behoefte, blijkt. Wat zijn de ruimtelijke randvoorwaarden van een circulair bedrijvenpark?

Dit artikel verscheen eerder in vakblad BT Magazine. BT Magazine is hét vakblad voor iedereen die zich bezighoudt met regionale innovatiekracht en vestigingsklimaat.

Innovatieve Achterhoek

Laten we vooropstellen dat bedrijvenpark Laarberg niet claimt een circulair bedrijvenpark te zijn. En als Laarberg dat al was, dan schreeuwden de Achterhoekers, wars van dikdoenerij, het vast niet van de daken. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ze in de Randstad niet weten dat de Achterhoek een zeer innovatieve maakindustrie kent. Die dankt haar afkomst aan de vele ijzergieterijen die de regio ooit telde. In de Achterhoek lag het ijzererts aan de oppervlakte en langs de Oude IJssel ontstonden diverse gieterijen. Gieterijen zijn inmiddels grotendeels verdwenen, maar legden de basis voor een hoogwaardige smart industry met een wereldwijde afzet.

Het verleden brengt de toekomst

‘Op grond van het aantal patenten is de Achterhoek de tweede regio na Eindhoven’, weet Varssevelder en bedrijfsadviseur duurzaamheid Otto Willemsen te vertellen. ‘We hebben de beschikking over twee hoogwaardige metaalprinters. In Varsseveld is de grootste leverancier van onderdelen van landbouwmachines gevestigd – wereldwijd! – die onlangs doorgroeide naar 1500 man personeel. Dat bedrijf werkt met top ICT’ers. Het zijn unieke spelers in de markt. We hebben voortgebouwd op een erfenis uit het verleden. Het verleden brengt de toekomst. Er gebeurt hier ontzettend veel.’

Sterk landbouwcluster

Daarnaast heeft de Achterhoek van oudsher een sterke landbouwsector met daaromheen een grote verwerkende en toeleverende industrie. ‘Juist op een bedrijvenpark als Laarberg kan uit dat innovatieve maakcluster en de landbouwgerelateerde bedrijvigheid een unieke symbiose ontstaan’, benadrukt Willemsen, die twee boeken schreef over duurzaam ondernemen. Hij is duidelijk gecharmeerd van de ontwikkeling op bedrijvenpark Laarberg.

Biobased cluster

De gemeenten Berkelland en Oost Gelre formuleerden als ambitie om op bedrijvenpark Laarberg een biobased cluster te realiseren. Adviseur Henk Hoogmoed van Twynstra Gudde schreef mee aan het masterplan waarin de contouren van het bedrijvenpark werden uitgetekend, en nog steeds het kader vormt van de ontwikkeling van Laarberg. Hoogmoed, die nog altijd als financieel manager en interim-directeur bij de gebiedsonderneming Bedrijvenpark Laarberg betrokken is, benadrukt dat het masterplan in eerste instantie een ambitie is. Maar nu het bedrijvenpark steeds meer vorm begint te krijgen, lijkt de werkelijkheid redelijk in de pas te lopen met de ambitie.

Als we Laarberg als voorbeeld nemen van een bedrijvenpark dat in de buurt komt van een circulair bedrijvenpark, wat zijn dan de ruimtelijke randvoorwaarden?

Randvoorwaarde 1: Reserveer ruimte voor de circulaire economie

Dit lijkt voor de hand liggend, maar in een tijd van multifunctioneel ruimtegebruik en omgekeerde bestemmingsplannen mag het nog weleens gezegd worden: er zijn altijd activiteiten die zich minder goed verhouden tot typisch stedelijke functies als wonen en recreëren, benadrukte Cees-Jan Pen, lector De Ondernemende Regio van Fontys Hogescholen in een artikel in NL Magazine. ‘De circulaire economie is helemaal niet schoon’, zegt hij desgevraagd nog eens. Volgens Pen is het noodzakelijk om ruimte te reserveren voor circulaire activiteiten. De komst van regionaal bedrijvenpark Laarberg juicht hij dan ook van harte toe. ‘Over 50 jaar zijn bedrijven in meer of mindere mate circulair, wat zich vertaalt in een grote vraag naar dit soort locaties’, aldus Pen.

Hoogmoed benadruk dat de gebiedsonderneming niet veel moeite hoeft te doen om juist ondernemingen binnen te halen met een circulair profiel. ‘Er zitten veel bedrijven in de regio, al dan niet gerelateerd aan de agrarische sector, die iets met recycling doen, maar vaak worden beperkt in hun uitbreidingsruimte. De komst van Bedrijvenpark Laarberg komt voor hen als geroepen. Zo is het bedrijf Klein Gunnewiek gevestigd op Laarberg, een bedrijf dat gespecialiseerd is in demontage van auto’s tot op het laatste onderdeel. Een circulaire, maar relatief ruimtevretende activiteit.

Randvoorwaarde 2: Zorg voor veel milieuruimte

En als je toch ruimte reserveert, zorg dan ook voor ruimte in de hoogste of bijna hoogste milieucategorie. Laarberg is opgedeeld in twee zones, gescheiden door een groene corridor die ligt op de fundamenten van een oude linie (de Grolse Linie uit 1627). Boven deze linie ligt een biobased transitiepark van 20 hectare en daaronder een ‘regulier’ bedrijventerrein van ongeveer 40 hectare. Zowel op het transitiepark als op het reguliere park is planologisch ruimte gereserveerd voor bedrijven in de hoogste milieucategorie. ‘Het demonteren, ontleden van producten of verwerken van afvalstoffen tot nieuwe grondstoffen gaat niet altijd zonder dat er geluid of andere overlast ontstaat’, benadrukt Henk Hoogmoed.

Randvoorwaarde 3: Pas grondprijs aan aan het gebruik

Op het transitiepark is een grote bioraffinaderij van het Duitse concern RMS gepland. De komst van deze bioraffinagefabriek van circa 8,6 hectare, die mest als grondstof gebruikt en dit omzet in onder meer groen gas, sluit aan op de regionale agrarische structuur van de Achterhoek. Volgens Hoogmoed vervult de bioraffinagefabriek een vitale functie voor de agrarisch bedrijven in de regio. Het transitiepark vormt daarmee feitelijk een vitaal onderdeel van de infrastructuur die ten dienste staat van de verduurzaming van de regionale economie. Het is een van de redenen waarom de gebiedsonderneming op het transitiepark een lagere grondprijs rekent dan op het reguliere deel van het bedrijvenpark.

Cees-Jan Pen heeft nog wel bedenkingen bij het berekenen van een lagere grondprijs voor een circulaire activiteit zoals een bioraffinaderij. ‘Dit is geen basis voor het creëren van een circulaire economie die ook op eigen benen moet kunnen staan.’ Hij is bang dat ‘gestunt’ met grondprijzen een eigen vraag genereert en daarmee juist niet duurzaam is.

Randvoorwaarde 4: Zorg voor uitwisseling met de omgeving

Laarberg staat niet op zichzelf, maar onttrekt als regionaal bedrijvenpark vooral grondstoffen uit de regio. Het past volgens Otto Willemsen bij de DOE-aanpak (Duurzaam Ondernemen en Energie) van het Achterhoekse mkb waar hij als adviseur bij betrokken is. ‘Wij willen dat waardevolle materialen niet als afval op de vuilnisbelt belanden. Gelukkig zijn er in de Achterhoek inmiddels legio voorbeelden van bedrijven die stappen zetten in de circulaire economie, zoals het bedrijf Daas Baksteen, dat duurzaam produceert door klei binnen een omtrek van 60 kilometer te halen en proceswater te hergebruiken.’

Op het reguliere bedrijvenpark heeft zich inmiddels een mooi aantal bedrijven gevestigd die bij uitstek zijn aangehaakt bij de regionale economie, zoals Mueller, producent van rvs procestanks. Willemsen: ‘Mueller heeft als missie een bijdrage te leveren aan een goede en gezonde voedselvoorziening op de wereldmarkt. Toepassingen van hun producten in de circulaire procesindustrie zijn overal nodig. Bovendien deelt het bedrijf zijn opleidingsfaciliteiten met bedrijven in de regio.’

Tevens wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een proteïnecluster, een platform voor ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf in Gelderland die willen aanhaken bij de groeiende vraag naar ingrediënten en producten op basis van plantaardige eiwitten.

Randvoorwaarde 5: Zorg voor synergie op het park

Dan is er nog ‘de economie’ op het bedrijvenpark zelf die volgens Henk Hoogmoed zowel voorwaardestellend als voorwaardescheppend is voor het aantrekken van nieuwe functies. Zo bouwde brandstoffenhandelaar Kuster Olie een nieuw tankstation op Laarberg omdat hij ervan uitgaat dat op Laarberg afnemers zitten, maar op termijn ook leveranciers van duurzame brandstoffen zoals het biogas van RMS of de elektriciteit van het solarpark waarmee de Tesla’s bij het tankstation kunnen worden opgeladen.

Een ander bedrijf op Laarberg dat kan bijdragen aan de duurzame energievoorziening is houtleverancier Ten Damme, die niet alleen strooisel voor stallen maakt, maar ook houtchips als biomassa voor palletkachels.

Randvoorwaarde 6: Zorg voor een circulaire hardware

Voor we het vergeten is er nog de hardware. Een bedrijventerrein bestaat uit wegen, gebouwen, verlichting, natuur; of natuur is weggehaald en moet gecompenseerd worden. Daar is allemaal in voorzien. De wegen zijn van ‘groen’ asfalt, de ledverlichting is circulair en houdt rekening met vleermuizen die al in het gebied aanwezig waren voor de bedrijven kwamen. Natuur keerde deels terug in de vorm van bosranden met bomen en afvalwater wordt zoveel mogelijk op natuurlijk wijze in het gebied gezuiverd en teruggebracht in het waterecosysteem.

Randvoorwaarde 7: Beheer op orde

Cees-Jan Pen benadrukt nog dat het beheer van de werklocaties op orde moet zijn. Dat is voor hem belangrijker dan de vraag of een terrein in erfpacht wordt uitgegeven (en de gemeente dus duurzaam eigenaar blijft) of gewoon verkocht (op Laarberg heeft de koper keuze, om zo minder afhankelijk te zijn van de bank). ‘Alleen door goed onderhoud en beheer is de kwaliteit van een werklocatie te borgen. Dit vereist een professioneel functionerende ondernemersvereniging die meer doet dan post bezorgen en energie inkopen.’

Randvoorwaarde 8: Lange adem

Otto Willemsen hoopt dat Gebiedsonderneming Laarberg van haar aandeelhouders de tijd krijgt om de biobased-strategie consistent uit te rollen. ‘Dat betekent dat je die strategie ook tot uitvoering brengt in de bedrijven die zich op het terrein vestigen’.

Randvoorwaarde 9: Stem regionaal af

Een circulair bedrijvenpark vervult een vitale regionale functie, dan moet je als regio ook samenwerken, vindt Cees-Jan Pen. En dat betekent dat vitale functies die onder de nimby-noemer vallen een plek moeten krijgen op het bedrijvenpark, zoals een betoncrusher.

Randvoorwaarde 10: Sterke identiteit

Otto Willemsen heeft ook nog enkele suggesties voor de twee ontwikkelende gemeenten. Naast een lange adem en consistente bewaking van het concept, raadt Willemsen aan het bedrijvenpark een eigentijdse uitstraling te geven, vooral met het oog op de mensen die er moeten werken. ‘Dat betekent geen standaard blokkendozen. Zorg ervoor dat het gebied een uitstraling heeft waar circulaire bedrijven zich in thuis voelen en vooral ook het personeel zich senang voelt. Als je luncht, moet het leuk zijn.’

Zie ook het artikel 'circulaire bedrijventerreinen: welke bedrijfslocatie kiest u?'

Lees verder
card image

Nieuws

Eerste paal bedrijfsverzamelgebouw Van der Meulen op Green Park Aalsmeer

Nieuws

26-04-2019

Eerste paal bedrijfsverzamelgebouw Van der Meulen op Green Park Aalsmeer

Op vrijdag 26 april werd de eerste paal geslagen van het nieuwe bedrijfsverzamelgebouw van de familie Van der Meulen op Green Park Aalsmeer. Ingrid van der Laarse-van der Meulen: “We hebben links en rechts van het bestaande pand grond aangekocht en dat maakt dat we kunnen uitbreiden. De aankoop van de grond is bestemd voor ons nieuwe bedrijfsverzamelgebouw en voor logistieke ruimte op het terrein. Het nieuwe pand is al voor de helft verhuurd aan de Modefabriek. Zij verhuizen vanuit ons bestaande pand, waardoor Pols Potten, dat hier ook is gevestigd, kan uitbreiden.”

Net als bij voorgaande nieuwe vestigers op het bedrijventerrein geeft Green Park Aalsmeer bij de start bouw een kleine donatie aan een goed doel. De familie Van der Meulen heeft gekozen voor de Mike Multi Foundation. Deze stichting heeft als doel het mogelijk maken en bevorderen van sport voor mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking en is opgericht door Aalsmeerders. “Dat spreekt ons als Aalsmeers familiebedrijf heel erg aan.”

De familie Van der Meulen heeft naast hun huidige bedrijfsterrein een kavel afgenomen van circa 3.600 m2, waarop een bedrijfsverzamelgebouw wordt geplaatst van 5.000 m2 bvo. Het gebouw krijgt grote overhead deuren, wordt casco opgeleverd en voorzien van vloerverwarming. Als de (toekomstige) huurders het willen, worden zonnepanelen geplaatst op het dak. Naar verwachting is het pand medio 2020 gereed.

Lees verder