Onlangs heeft Imkerij MeerBijen uit Hoofddorp een bijenkast op C-Bèta op Schiphol Trade Park geplaatst. Als het bijenvolk zich goed ontwikkelt en er in het drachtgebied voldoende voedsel te vinden is, zal een tweede kast worden bijgeplaatst. Bijenkasten passen goed in de duurzaamheidsambitie van C-Bèta. De honing zal uiteraard ook door de cateraar van C-Bèta worden gebruikt.

 

Mannetjes doen niks

De huidige kast heeft een bevolking van 30.000 tot 40.000 bijen. Een bijenvolk bestaat uit één koningin en een paar honderd darren. De rest zijn werksterbijen. De darren, mannetjes, voeren niets uit. De werksters, vrouwtjes, doen al het werk. In tegenstelling tot hommels en wespen overwinteren de honingbijen in de bijenkast die gewoon buiten blijft staan.

80%

Dat bijen een belangrijke bijdrage leveren aan onze samenleving  weten we inmiddels allemaal. Ze maken niet alleen heerlijke honing, maar de bestuiving door insecten is noodzakelijk voor ruim 80% van onze voedingsgewassen. Bovendien zorgen ze door de bestuiving van bloemen en planten voor de instandhouding van onze omgeving. Honingbijen zijn daardoor een goede indicator voor de directe leefomgeving.

Uit de hand gelopen hobby

Erik Dolstra, oprichter van Imkerij MeerBijen, is vier dagen in de week financial controller. Zijn vrije woensdag dag gebruikt hij, samen met de avonden en de weekenden, om voor zijn bijenvolken te zorgen. Een hobby die al snel uit de hand liep. “Toen studenten van de HAS mij vroegen om ze te begeleiden bij hun afstudeeropdracht verdubbelde mijn aantal bijenkasten en was het volgens instanties geen hobby meer. Ik moest me inschrijven bij de Kamer van Koophandel en zo werd Imkerij MeerBijen opgericht. In datzelfde jaar kwam ik in contact met de General Manager van Novotel Amsterdam Schiphol Airport. Zijn wens was om bijen te houden en de honing te gebruiken in de keuken.  Dit is zo’n succes gebleken, dat nog veertien hotels dit idee hebben omarmt. Ook bedrijven waaronder C-Bèta toonden interesse in het plaatsen van bijenkasten. Dit levert mooie samenwerkingen op en geeft mij energie om mijn passie verder uit te bouwen.” Op https://www.meerbijen.nl/over/ staat het volledige interview met Erik Dolstra.

SADC

SADC is sinds 2011 participant van SKBN. SADC (Schiphol Area Development Company) ontwikkelt een samenhangend portfolio van hoogwaardige, bereikbare, (inter)nationaal concurrerende werkmilieus op de WESTAS van de Metropoolregio Amsterdam.

info@sadc.nl
020 - 20 666 40

SADC
card image

Nieuws

Congres 'Geboeid door stedelijke kavelruil'sluit stimuleringsprogramma positief af

Nieuws

29-04-2019

Congres 'Geboeid door stedelijke kavelruil'sluit stimuleringsprogramma positief af

"Het spel is op de wagen"

Op donderdag 11 april werd het jaarlijkse congres over stedelijke kavelruil gehouden in de Mariënhof in Amersfoort met als thema ‘Geboeid door stedelijke kavelruil.’ Het congres vormde de officiële afsluiting van 2,5 jaar stimuleringsprogramma waarbij 14 verschillende pilotprojecten betrokken waren. Kortom, tijd om de balans op te maken.

In totaal telt het congresprogramma 24 verschillende workshops verdeeld over drie verschillende rondes. Tijdens de workshops komen verschillende vragen aan bod zoals: “Wat hebben we geleerd, hoe werkt stedelijke kavelruil, wat is de toegevoegde waarde van stedelijke kavelruil, zijn er aanbevelingen en wat zijn de ervaringen?” Tamara Slob (Kadaster) is op het congres aanwezig als één van de sprekers. “Het is erg leuk en interessant om de verschillende invalshoeken van alle partijen te zien en te beluisteren. Zo kun je tijdens de workshops ervaringen uitwisselen en leren van elkaar.” Tijdens de workshop ‘Slim ruimtegebruik, doen met Data’ spreekt zij namens het Kadaster over interactieve tools die ontwikkeld zijn om leegstand in het centrum aan te pakken. Het geven van workshops zoals die van vandaag vindt zij erg boeiend. “Je krijgt vragen waar je van tevoren niet op hebt gerekend. Juist dat interactieve spreekt mij erg aan. Zo komen er dingen aan bod die je zelf op voorhand niet bedacht zou hebben.”

Praktijkcasus

Jan-Hans Jonker (Pas BV) maakt tijdens zijn workshop ‘Financiële arrangementen KerkstraatBodegraven’ met behulp van een praktijkcasus de werking van stedelijke kavelruil inzichtelijk. Aan de hand van een financiële uitwerking van een situatie in een winkelstraat in Bodegraven legt hij de systematiek van stedelijke kavelruil en de daarvoor benodigde stappen uit. Drie winkelpanden, verdeeld over vijf kavels, worden herverkaveld waarbij met nieuwbouw een flink stuk wonen aan het complex wordt toegevoegd om de leefbaarheid van de omgeving te vergroten. Een interessante casus die de toehoorders verschillende mogelijkheden en uitkomsten laat zien.

Monique van Kampen werkt deels voor het Kadaster en deels als zelfstandige en is enthousiast over het congres. “De workshops zijn erg interessant al komt het toewerken naar een conclusie niet overal even sterk aan bod. Je merkt dat men op zoek is naar manieren waarop je je doel kunt bereiken. Toch kan ‘work-in-progress’ leiden tot onverwachte situaties.” In haar werk heeft zij veel te maken met stedelijke kavelruil binnen het woningbouwgebied. “Een markt die erg in ontwikkeling is.”

De Omgevingswet kan volgens Van Kampen een valkuil zijn. “Sommige mensen ervaren de Omgevingswet nog als ‘ver van mijn bed.’ Toch wordt juist die wet straks erg belangrijk.” Het congres ziet zij niet alleen als een kans om nieuwe inspiratie en kennis op te doen, maar ook om het Kadaster te promoten. “Zij zijn een mooie en onafhankelijke partij die helemaal thuis is in de materie.”

Ervaringen uitwisselen

In de pauze staat Petra Hania, projectmanager bij de gemeente Purmerend om zich heen te kijken. Dit is haar eerste stedelijke kavelruil-congres. “Ik vind het plezierig om ervaringen met collega’s uit te wisselen en de workshops zijn erg interessant om te volgen.” Hania is betrokken bij de Purmerendse pilot van het Stimuleringsprogramma stedelijke kavelruil. “Waar die pilot over gaat? Heb je even?”, zegt ze lachend. “Heel in het kort, we willen het Wagenweggebied transformeren van een bedrijventerrein tot een stedelijk woonmilieu. Voor enkele locaties is kavelruil een optie.”

Over een antwoord op de vraag wat ze in deze pilot heeft geleerd hoeft Hania niet lang na te denken. “Wat opvalt is dat wanneer je als gemeente steeds meer op je bordje neemt, andere partijen steeds verder achterover gaan leunen. Kortom, je moet als gemeente de regie houden maar tegelijkertijd zoeken naar een juiste balans en niet alles zelf willen doen.”

Toekomst

Yvonne van der Laan, afdelingsmanager Omgevingsstelsel en Ontwerp bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, en Bert Hoeve, hoofd afdeling ruimte en advies van het Kadaster en geestelijk vader van het stimuleringsprogramma, blikken op hun beurt terug op 2,5 jaar stedelijke kavelruil. Het tweetal is het erover eens dat het stimuleringsprogramma heeft laten zien dat stedelijke kavelruil wel degelijk een kansrijk instrument is bij gebiedsontwikkelingen. “Het feit dat er nog geen daadwerkelijke overeenkomst gesloten is, zegt niks over wat we hebben bereikt”, benadrukt Van der Laan. “De veertien pilots hebben de nodige kennis opgeleverd.”

Hoeve en Van der Laan vinden dat het programma in de afgelopen 2,5 jaar flink heeft bijgedragen aan de bekendheid en toepassing van stedelijke kavelruil om gebiedsontwikkeling op gang te brengen. Yvonne van der Laan: “We zijn nu bij Binnenlandse Zaken een nieuw programma aan het opbouwen waar stedelijke kavelruil een onderdeel van zal zijn. Dit programma met als werktitel Toekomstgericht Grondbeleid, komt ook mede op basis van de lessen en ervaringen van het Stimuleringsprogramma Stedelijke Kavelruil tot stand.” Kortom, het stimuleringsprogramma mag dan wel zijn afgesloten, dat geldt in geen geval voor stedelijke kavelruil. Of zoals één van de sprekers het in zijn betoog verwoordt; “Het spel is op de wagen."

Download: ‘Jaarverslag stimuleringsprogramma stedelijke kavelruil

Bron: Kadaster

Lees verder
card image

Nieuws

Connected Transport Corridors: voor efficiënter, veiliger en duurzamer transport in Nederland

Nieuws

11-06-2019

Connected Transport Corridors: voor efficiënter, veiliger en duurzamer transport in Nederland

De Metropoolregio Amsterdam (MRA) werkt toe naar een Connected Transport Corridor waarin de digitalisering van de logistiek een boost krijgt en versneld wordt toegepast. De resultaten van succesvolle pilots worden vertaald naar tools en werkwijzen, zodat ze op de kortst mogelijke termijn breed in de praktijk kunnen worden gebracht. De corridor Amsterdam Westkant wordt onderdeel van een digitaal netwerk waarin datadelen centraal staat. Een breed consortium van (semi-)overheden en logistiek dienstverleners, verladers en IT-bedrijven werkt aan de realisering van het netwerk.

Het netwerk wordt naast de corridor Amsterdam Westkant gevormd door de corridors Groot-Rotterdam en Zuid-Nederland. Op deze drie drukke logistieke routes wordt de digitalisering versneld geïmplementeerd.  De Connected Transport Corridors zijn een initiatief van het ministerie van Infrastructuur. Minister Van Nieuwenhuizen: “Nederland beschikt over een geavanceerde, hoogwaardige infrastructuur met slimme verkeerslichten, een uitstekend telecomnetwerk, een sterke logistieke en IT-sector en enorm veel data. Door dit alles te combineren en data te delen, kunnen we meer grip krijgen op ons verkeer en de doorstroming verbeteren.”

Winst boeken door opschalen

Doel van de corridors is de bereikbaarheid in steden en regio’s vergroten, de veiligheid verbeteren en transport verduurzamen. Ruim 55 publieke en private partijen werken mee. Naast het ministerie, zijn dat o.a. de provincies Zuid-Holland en Noord-Holland, Noord-Brabant en Limburg, de Vervoerregio Amsterdam, Amsterdam Logistics Board en SmartwayZ.NL. Ook hebben ruim 40 vervoerders die samen dagelijks meer dan 3.500 ritten uitvoeren, ingetekend op het project. Paul Swaak is programmamanager van de Connected Transport Corridors; “We maken de omslag van lokale initiatieven naar landelijke realisatie. Hoe meer partijen meedoen, hoe groter de resultaten. We streven naar een netwerk dat de landsgrenzen overschrijdt.”

Dit jaar worden de voorbereidingen getroffen voor de corridors. Vanaf begin 2020 gaan logistiek dienstverleners en verladers die deelnemen aan het project, profiteren van een efficiencyslag in de logistiek door onder meer adviessnelheden, prioritering bij verkeerslichten, het integreren van overheidsdata in logistieke planningssystemen, het voorspellen van de aankomsttijd en konvooi rijden.

Metropoolregio Amsterdam heeft digitalisering logistiek hard nodig

We zullen alles op alles moeten zetten om de MRA in de toekomst bereikbaar leefbaar en duurzaam te houden vertelt Gerard Slegers namens de Vervoerregio en de MRA: “De komende twintig jaar gaan we in de regio drie keer de stad Haarlem bouwen. Naast de bouwlogistiek, hebben we ook nog te maken met de enorme logistieke stromen van en naar de mainports in de MRA: Schiphol, de haven, Greenport Aalsmeer en verder naar boven Noord-Holland-Noord. Dat legt een enorme druk op de regionale infrastructuur. We kunnen dat niet alleen, daar is verbinding tussen de verschillende wegbeheerders en intensieve samenwerking met de logistieke sector voor nodig. Om die redenen ondersteunen we dit project, dat zich richt op het digitaliseren en optimaliseren van goederenstromen.” Jeanet van Antwerpen van SADC vult aan: “We moeten de regio daarnaast bevoorraden en inrichten op een toenemende retourlogistiek. Dan heb ik het niet alleen over pakketjes die terug moeten naar de webshop, maar ook over afval en recyclebaar materiaal, dus de logistiek die ontstaat door circulair denken. Datadelen is hierin cruciaal. Het is in feite een nieuwe vervoersmodaliteit die alle stromen kan ondersteunen en faciliteren. Daar moeten we vol op inzetten.”

Lees verder