In Brabant is de match verbeterd tussen vraag en aanbod van grond op bedrijventerreinen, zowel in oppervlakte als in type terreinen. Dat blijkt uit de Monitor Brabantse Bedrijventerreinen 2020.

De werkgelegenheid is ook gestegen, met name in de industrie, logistiek en groothandel. En de productie van stroom via zonnepanelen op daken is in een jaar tijd meer dan verdubbeld. In 2019 is 120 hectare aan nieuwe grond uitgegeven. In 2018 lag deze uitgifte nog op 186 hectare, de hoogste in 15 jaar. De uitgifte vond vooral plaats op grootschalige terreinen (75 ha). Dit correspondeert met de hoge banengroei in de sectoren industrie en logistiek. Deze sectoren vragen grote kavels. Afgelopen jaren is het aanbod aan grond op bedrijventerreinen gedaald tot een niveau waarbij er bijna geen overaanbod meer is in aantal hectaren grond. Ook is er een betere match tussen de vraag naar en aanbod van verschillende typen bedrijventerreinen. Regionaal zijn nog kleinere tekorten en overschotten.

Lees de Monitor Brabantse Bedrijventerreinen 2020

Vraag naar grote kavels blijft

De vraag naar grootschalige bedrijventerreinen zal nog toenemen. Vooral in de regio Midden- en West-Brabant is het aanbod van directe kavels beperkt. Nieuwe terreinen worden ontwikkeld zoals Wijkevoort in Tilburg en Logistiek Park Moerdijk, en ook Heesch-West in Noordoost-Brabant. Tegelijkertijd wordt er ingezet op het her-ontwikkelen van bestaande bedrijventerreinen, zogenoemde brownfields.

Gedeputeerde Erik Ronnes van Ruimte: “De ruimtelijke impact bij ontwikkeling van nieuwe terreinen is groot. Daarom maken we als provincie zorgvuldige afwegingen, samen met de regio’s, waar we wat willen en waar juist niet. De omgevingskwaliteit is hierbij een belangrijke voorwaarde.” Voor kleinschalige bedrijventerreinen hebben gemeenten meer aanbod dan de verwachte vraag tot en met 2030, respectievelijk 235 hectaren en 135 hectaren. Dit speelt vooral in West- en Noordoost-Brabant, maar ook in Zuidoost-Brabant. “Deze uitkomsten en mogelijkheden voor de toekomst worden met de regio’s besproken”, licht gedeputeerde Ronnes toe.

Werkgelegenheid op bedrijventerreinen

Het aantal banen op bedrijventerreinen is in de periode 2014-2019 in Noord-Brabant met 14% toegenomen, daarbuiten met bijna 7%. De grootste groei in het aantal banen op bedrijventerreinen zit in het afgelopen jaar in de sectoren industrie (5.400 banen) en logistiek en groothandel (3.500 banen). De groei in de industrie zit voor het overgrote deel in de regio Zuidoost-Brabant in de High techsystemen en materialen (HTSM). De groei in banen in de logistiek en groothandel vindt plaats in de regio’s West-, Midden- en Noordoost-Brabant.

Verdubbeling zonnestroom van daken

In het afgelopen jaar is de productie van zonnestroom op daken op bedrijventerreinen toegenomen van 74 miljoen KWh naar 172 miljoen kWh per jaar. Ook zit er nog veel in de pijplijn; er zijn door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland SDE+subsidies goedgekeurd die zorgen voor nog eens 724 miljoen kWh per jaar. Het openbare net levert nu 8.000 miljoen kWh elektriciteit aan de Brabantse bedrijventerreinen. Dit is 60% van de stroom voor alle bedrijven in heel Brabant. De inschatting is dat met zonnepanelen op daken in de toekomst ongeveer 40 procent van de huidige vraag duurzaam kan worden opgewekt. Daarnaast ligt er op bestaande bedrijventerreinen de uitdaging om gebouwen en processen energiezuiniger te maken.

Effecten coronacrisis nog onduidelijk

Na 5 jaar sterkere economische groei dan landelijk, keerde de groei van de Brabantse economie in 2019 terug naar het landelijk groeipad. Deze lag in 2019 op 1,7%, net iets onder het landelijk gemiddelde. De monitor geeft de cijfers tot en met 2019. Het betreft dus de ontwikkelingen van de Brabantse bedrijventerreinen vóór de coronacrisis. De impact daarvan op onze economie en de sectoren is nog onzeker. De verwachting is dat de economie in 2020 krimpt met 6 tot 8%. De gronduitgifte volgt deze ontwikkeling, meestal met een jaar vertraging. En het loont om gronden pas te ontwikkelen als er concrete vraag naar is vanuit de markt. De provincie wil deze werkwijze in alle regio’s blijven toepassen.

Provincie Noord-Brabant

Provincie Noord-Brabant is sinds 2017 kennispartner van SKBN. Provincie Noord-Brabant heeft het belang om de regionale economie te versterken, waarbij bedrijventerreinen een belangrijk onderdeel vormen.


073 - 681 28 12

Provincie Noord-Brabant
card image

Event

17-05-2021
Bijeenkomst: Groene Gezonde Klimaatbestendige Bedrijventerreinen

Event

17-05-2021

Bijeenkomst: Groene Gezonde Klimaatbestendige Bedrijventerreinen

Gezocht: Gemeenten en bedrijventerreinen met ambitie voor klimaatadaptatie en vergroening

Op maandag 17 mei van 10.00 tot 11.15 uur wordt een digitale bijeenkomst georganiseerd over het programma "Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen". 

Een coalitie bestaande uit ministeries, provincies, onderwijsinstellingen en ondernemers is bezig met de aanvraag “Werklandschappen van de toekomst: groene, gezonde en klimaatbestendige bedrijventerreinen”, dat ingediend wordt bij het Nationaal Groeifonds. Het doel van het programma is om bedrijventerreinen grootschalig te vergroenen. 

De ruim 3.000 bedrijventerreinen in Nederland zijn essentieel voor de werkgelegenheid. Velen zijn echter niet toekomstbestendig: grijze, versteende gebieden met weinig groen en water. Bedrijventerreinen kunnen een stuk duurzamer, gezonder en aantrekkelijker. Het programma zal bijdragen aan biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezonde leefomgeving en vestigingsklimaat en er wordt een boost gegeven aan innovatie van de groene sector. 

Tijdens de bijeenkomst wordt toegelicht wat het programma inhoudt en hoe gemeenten en bedrijven kunnen aansluiten. We zoeken minimaal 10 combinaties van bedrijventerreinen en gemeenten die mee willen doen. Door deel te nemen maak je gebruik van de kennis, het netwerk en een financiële bijdrage van een nationaal programma, waarmee met een innovatieve en integrale vergroeningsaanpak het bedrijventerrein wordt omgevormd tot werklandschap van de toekomst.

Via deze link kunt u zich aanmelden en meer informatie lezen

Deze bijeenkomst wordt georganiseerd door IVN Natuureducatie, Stichting Steenbreek, Stadswerk en de Natuur en Milieufederaties.

Lees verder
card image

Nieuws

Dronten haalt energie uit parkeren

Nieuws

14-04-2021

Dronten haalt energie uit parkeren

Wethouder Van Amerongen van gemeente Dronten, gedeputeerde De Reus van provincie Flevoland en Erwin van Gemert van Eneco gaven vandaag groen licht voor het EFRO-project PowerParking (EFRO: Europees Fonds Regionale Ontwikkeling). Parkeren onder de 1.100 zonnepanelen op het parkeerterrein achter het gemeentehuis van Dronten zorgt voor slimme integratie van hernieuwbare energieopwekking, elektrisch laden en energieopslag. 

“Duurzaamheid is een belangrijk speerpunt van onze gemeente. Ik ben er dan ook extra trots op dat we dit prachtige duurzame en innovatieve project hier in Dronten hebben neergezet, als eerste in een reeks van solarparken in combinatie met een energieneutraal gemeentehuis”, aldus wethouder Van Amerongen portefeuillehouder voor duurzaamheid.

Gedeputeerde De Reus: “PowerParking draagt bij aan de integratie van duurzame energie en duurzame mobiliteit. Voor dit innovatietraject hebben ondernemers, kennisorganisaties en publieke partijen samen letterlijk en figuurlijk ruimte gemaakt. Van deze pilot kunnen alle betrokken partijen veel leren over het opzetten van dergelijke parkeerterreinen, in Flevoland en daarbuiten. Door een extra EFRO-subsidie krijgen we nu de kans om ook bij MAC3PARK in Lelystad en Almere te testen.” 

Slim en duurzaam

Naast de zonnepanelen op het dak van het gemeentehuis en de solar-carports op de parkeerplaatsen zijn dankzij PowerParking ook een batterij (voor opslag/buffering) en openbare laadpalen gerealiseerd. Met als doel om hernieuwbare energieopwekking, elektrisch laden en energieopslag slim te integreren zodat het duurzaam gerenoveerde gemeentehuis energieneutraal wordt en elektrische auto’s kunnen laden op zonne-energie. Hiermee slaan we vier duurzame vliegen in één klap: 

  1. bijdrage aan aandeel hernieuwbare energieopwekking,
  2. tegengaan van overbelasting van het energienetwerk,
  3. duurzaam driedubbel grondgebruik met parkeren, opwekken en laden, 
  4. en een stimulans van elektrische mobiliteit. 

De laadinfrastructuur is zowel voor openbaar laden als voor de elektrische voertuigen van de gemeente zelf. Naast de parkeerplaats is ook een deel van het loop- en fietspad bij het gemeentehuis overkapt.

Innovatief in energietransitie

In het EFRO-project PowerParking werken verschillende partners met elkaar samen: provincie Flevoland, gemeente Dronten, TU Delft, Eneco, Lelystad Airport, Lelystad Airport Businesspark, Alfen en Pontis Engineering. Zij zijn het erover eens dat dit slimme en flexibele energiesysteem op een innovatieve manier bijdraagt aan de energietransitie. Het EFRO-project wordt gefinancierd vanuit het Kansen voor West II-programma, met cofinanciering van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, provincie Flevoland en alle partners.

Samen leren van duurzaam parkeren

TU Delft monitort de resultaten van de pilot bij het gemeentehuis Dronten. Parallel voert zij een test uit met bidirectioneel laden op The Green Village op TU Delft Campus. In dit fieldlab voor duurzame innovaties in de gebouwde omgeving worden bij deze test de accu’s van elektrische auto’s gebruikt voor energieopslag. Eneco heeft samen met andere innovatieve ondernemers hard gewerkt om het systeem van carports met zonne-energie betaalbaarder te maken en om laadfaciliteiten en energieopslag te integreren in het concept Eneco ZonnigLaden. Dit is een duurzame carport voor het opwekken van en slim laden met zonnestroom. Het is een oplossing waarmee bedrijven en organisaties op een relatief simpele manier grote stappen kunnen zetten in hun duurzaamheidsambities. Als onderdeel van het systeem levert Alfen de laadinfrastructuur. De slimme Alfen-laadstations zijn ontworpen om vier auto’s tegelijk te laden, laadsnelheden te maximaliseren en het energiegebruik te optimaliseren. Zo wordt efficiënt omgegaan met de beschikbare ruimte en energie.

Twee extra locaties

Een aanvullende subsidie maakt het PowerParking-concept op twee extra parkeerterreinen mogelijk bij MAC3PARK in Lelystad en Almere. Hierdoor worden nog ruim 180 parkeerplaatsen overkapt met zonnepanelen en worden 24 extra laadpunten geïnstalleerd. Dit levert extra waardevolle leerpunten op voor de uitrol, omdat het locaties zijn met andere bezoekers- en laadprofielen. Het doel is om hierna het PowerParking-concept zonder EFRO-subsidie uit te breiden naar andere parkeerterreinen. 

Marian Mulder, directeur MAC3PARK sinds begin 2020, is zeer verheugd: “De eigenaar, Meine Breemhaar, kon gelukkig ook direct instemmen met mijn verzoek om mee te werken aan deze unieke kans. Mijn visie is dat MAC3PARK voor haar huurders een duurzame omgeving gaat creëren, zodat zij zich kunnen bezighouden met ondernemen. Deze twee PowerParking-locaties zijn een enorme stap in de goede richting én passen helemaal in onze plannen om een circulaire hub in Lelystad te openen.”

Foto's: Fotostudio Wierd

Lees verder
card image

Achtergrond

Vier lessen over menging wonen en werken

Achtergrond

25-03-2021

Vier lessen over menging wonen en werken

Het mengen van wonen en werken is hot. Onder invloed van de gevolgen van corona is dit thema relevanter dan ooit. Bianca Lemm van Bureau Stedelijke Planning deelt graag enkele geleerde lessen.

Door Bianca Lemm, adviseur bij Bureau Stedelijke Planning

De voordelen van het mengen van wonen en werken worden steeds meer erkend. Zo nemen vervoersbewegingen af wanneer men in de buurt van de woning kan werken en gebruik kan maken van voorzieningen. Onder invloed van de coronapandemie is dit nog belangrijker geworden door de mobiliteitsbeperkingen. Ook veranderen de vestigingscriteria van bedrijfsruimtegebruikers en kan door functiemenging op een toekomstbestendige en efficiënte manier in de grote ruimtevraag van zowel werken als wonen voorzien worden.

Vijf pijlers voor een goede programmering

Een veel terugkomende vraag binnen projecten is hoe een aantrekkelijk gemengd milieu gecreëerd kan worden, dat bijdraagt aan stedelijke doelstellingen zoals het terugdringen van het woningtekort en de versterking van de economie en werkgelegenheid. Een goede programmering steunt op vijf pijlers:

  • Optimale afstemming op de marktbehoeften, het beleid en de eindgebruikers. Gedegen marktonderzoek voor alle functies is een belangrijke basis.
  • Versterken van de synergie tussen de functies en met de openbare ruimte. Zo leidt synergie tussen functies tot hogere bestedingen, levendigheid en leefbaarheid.
  • Gebruik maken van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van de locatie.
  • Bevorderen van de financiële haalbaarheid.
  • Stroomlijnen van de mobiliteit. Bij verdichting binnen stedelijk gebied dient er rekening te worden gehouden met de verkeerstoename, bijvoorbeeld door middel van innovatieve mobiliteitsvormen.

Maar hoe, is dan de vraag. Hoe kom je tot een kansrijk programma waarbij de functies niet alleen goed samen gaan, maar er ook synergievoordelen worden behaald? Hier vier lessen:

Les 1: Match de doelgroepen voor wonen en werken

Een zorgvuldige selectie van kansrijke doelgroepen is essentieel voor het succes van de ontwikkeling. Wanneer het vastgoed niet aansluit bij de wensen en eisen van de eindgebruikers, heeft dit invloed op de afzet en kan (op termijn) leegstand ontstaan. De kansrijke doelgroepen hangen naast de marktbehoefte onder meer af van de locatie en van de dichtheid van het toekomstige gebied. Ook zijn de doelgroepen voor wonen en werken afhankelijk van elkaar: niet elk type bedrijvigheid is te mengen met alle woondoelgroepen.

Les 2: Bepaal de optimale verhouding tussen de functies

Wat is de optimale balans tussen wonen en andere functies, zoals kantoren, bedrijfsruimten, retail en horeca? Belangrijke aspecten die dit beïnvloeden zijn onder meer voldoende massa, een haalbare businesscase en voldoende draagvlak voor voorzieningen. Veelal is de verhouding tussen wonen en andere functies ongeveer 80 procent wonen en 20 procent niet-wonen, zoals in de voorbeelden van Strathcona-Village (Vancouver) en het Havenkwartier (Deventer).

Wanneer wordt gebouwd in lage dichtheden of als er een ruim aanbod publieksfuncties gerealiseerd kan worden, kan het aandeel niet-wonen functies hoger uitvallen. Het borgen van functies met de minste opbrengstpotentie (met name werkfuncties) in het programma is veelal een uitdaging en we merken dat opdrachtgevers vaak op zoek zijn naar handvatten hiervoor. Oplossingen hiervoor zijn verevening binnen de gebiedsontwikkeling, investeren in kwaliteit van de plinten en gedeelde voorzieningen en semi-openbare ruimten.

Les 3: Hanteer een doordachte plintinvulling

De plintinvulling moet aansluiten bij de wensen en eisen van de gebruikers, maar ook zorgen voor een aantrekkelijke omgeving met voldoende levendigheid. Een groot deel van de bedrijfsruimtegebruikers heeft bijvoorbeeld een voorkeur voor de plint, maar de gehele plint invullen met bedrijfsruimten is niet altijd wenselijk met het oog op de levendigheid. Dit hangt echter wel van het type bedrijvigheid af: waar opslag voor een dichte plint zorgt, kan ambachtelijke bedrijvigheid wel bijdragen aan de levendigheid. In de ruimtelijk-functionele uitwerking is een optimale plintinvulling daarom van groot belang. Daarentegen kan een deel van de bedrijfsruimtegebruikers ook goed op de bouwlagen landen, waaronder de creatieve industrie of hybride gebruikers met de productie op de begane grond en het kantoor erboven.

Les 4: Voorkom hinder op voorhand

Zorg vooraf voor het zoveel mogelijk voorkomen van hinder, zowel voor bewoners als voor bedrijven. Denk bijvoorbeeld aan een goede isolatie van woningen en het scheiden van de logistieke afwikkeling van bedrijven en de entrees van woningen. Ook het situeren van bedrijven op de juiste plek en het creëren van ontmoetingsplekken kunnen helpen. Doordat bewoners in contact komen met de werknemers van de bedrijven in de buurt van hun woning, ontstaat er vaak meer wederzijds begrip en dit vermindert irritaties. Door bij de programmering al goed na te denken over een juiste inpassing en de juiste bouwtechnieken, kunnen hinder en mogelijke bezwaren op voorhand voorkomen worden.

Deze lessen laten het belang van het integraal benaderen van de opgave zien. Ook met de naderende omgevingswet stappen we steeds meer af van het sectorale denken, waar wonen, werken, en voorzieningen apart benaderd worden. Een integrale benadering van gebiedsontwikkeling is nodig om te komen tot aantrekkelijke gemengde gebieden. Hiervoor zijn partijen met lef en gemeenten met een open mindset nodig: verder kijken dan het eigen specialisme en de verbinding zoeken met andere disciplines. Het opstellen van een goede ruimtelijk-functionele visie met een doordachte doelgroepenmatch is hierin een belangrijke eerste stap.

Foto: Novacity, Brussel, bron: DDS+

Lees verder