De geschiedenis van AOKE Europe BV start eind 2016 wanneer Joeri Drenth, de eigenaar, in nauwe samenwerking met de Chinese fabrikant AOKE besluit de Europese distributie van alle AOKE producten rechtstreeks vanuit Europa te gaan organiseren. Voornamelijk vanwege de enerzijds toenemende vraag naar kortere levertijden en de anderzijds lange doorlooptijden voor transporten vanuit Azië naar Europa.

Inmiddels is AOKE Europe BV uitgegroeid tot een Europese marktleider in haar branche. Momenteel is het bedrijf nog gevestigd in de gemeente Echt-Susteren. Maar doordat het bedrijf hard groeit is gekozen voor een nieuwe, toekomstbestendige ontwikkellocatie op bedrijventerrein De Hanze in Roermond.  

AOKE Europe BV verhuist naar De Hanze

Het bedrijventerrein De Hanze biedt aan AOKE Europe BV alle ruimte om toekomstbestendig te ondernemen. Liever wat ruimer in het jasje deze keer. Bewust is daarvoor gekozen. Omdat reeds eerder, sinds de oprichting van de Europese onderneming in 2016, noodgedwongen een verhuizing aan de orde was. Nu het bedrijf weer verder doorgroeit is het nodig om een gedegen keuze te maken voor de toekomt. De keuze is daarbij gevallen op bedrijventerrein de Hanze in Roermond. Gelegen aan de zuidelijke stadsrand, op zeer korte afstand van de A2 en de A73. De ondernemer kiest voor een kavel van ruim 1 hectare, gelegen aan de spoorzone. Op hetzelfde terrein zijn familieleden inmiddels terecht gekomen met een vestiging van Best Budget Kantoormeubelen en Sedia Verde (bureaustoelen). Des te meer reden voor het bedrijf om zich hier te vestigen. Mede gezien de mogelijkheden om bedrijfsprocessen zoals logistiek te kunnen combineren. 

AOKE Europe BV is gespecialiseerd in ergonomisch kantoormeubilair. Waar het bedrijf begon met in hoogte verstelbare bureaus, is het inmiddels uitgegroeid tot een allrounder met naam. Ook voor verstelbare bureaustoelen, vergadertafels en aanverwante producten is dit hét adres. AOKE Europe BV verkoopt uitsluitend business tot business met een hoog kwaliteitsniveau. 

Over OML

OML BV draagt bij aan de economische ontwikkeling van de regio Midden-Limburg en doet dit in samenwerking met gelieerde partijen, bedrijfsleven en overheden. OML B.V. heeft de volgende kerntaken: ontwikkeling en uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen, acquisitie van bedrijven en sales van bedrijventerreinen, locatie- en gebiedsontwikkeling alsmede advisering bij ruimtelijk-economische vraagstukken.

OML heeft percelen te koop op de bedrijventerreinen: Businesspark Midden-Limburg in Echt-Susteren, Zevenellen in Haelen, De Schroof, De Hanze, Boven de Wolfskuil en Oosttangent in Roermond.

OML B.V.

Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg (OML) is sinds 2011 participant van SKBN. OML is opgericht door een aantal gemeenten in de regio Midden-Limburg, en heeft het doel om in Midden-Limburg het vestigingsklimaat te verbeteren en de regionale economische structuur te versterken.

info@oml.nl
0475 - 42 62 42

OML B.V.
card image

Event

21-06-2022
Studiereis 21-23 juni - Duurzame transitie Stuttgart Region – Building Back Better

Event

21-06-2022

Studiereis 21-23 juni - Duurzame transitie Stuttgart Region – Building Back Better

Door de overstap naar elektrisch rijden kunnen tot 2030 zo’n 410.000 arbeiders in Duitsland hun baan verliezen. Dat schreef het Handelsblatt begin 2020. Toen kwam corona, met productie-uitval door haperende supply chains en acute werkgelegenheidszorgen en discussies over de wenselijkheid van reshoring van de productie van vitale onderdelen zoals chips, als gevolg.

En toen alles weer bijna normaal leek, viel Rusland Oekraïne binnen. Dat betekent niet alleen dat de levering van vitale ‘kabelbomen’ voor de Duitse auto-industrie uit Oekraïne tot een abrupt einde kwam; de onzekerheid over energy supply hangt als een donkere wolk boven de hele Duitse economie en onderstreept nogmaals de kwetsbaarheid door afhankelijkheden.

Het antwoord van Stuttgart Region, dat wordt beschouwd als dé kraamkamer van de automobiel, was, is en blijft verduurzaming. Verduurzaming heeft alleen maar méér momentum gekregen door de pandemie en de geopolitieke ontwikkelingen.

  • Hoe schakelt de regio, die nog grotendeels leunt op de auto-industrie, om naar een nieuwe, duurzame economie?
  • Wat vraagt dat van het bedrijfsleven, van de mobiliteit en de inzet van techniek?
  • En wat is de rol daarbij van nieuwe industrieën zoals AI en quantum computing?   

Tijdens het SKBN-werkbezoek van dinsdag 21 tot en met donderdag 23 juni 2022, ontdekken we hoe Stuttgart Region de transitie naar een duurzame economie aanpakt. Een belangrijke speler in deze operatie is het Verband Region Stuttgart. Binnen dit regioverband maakt men zich sterk voor slimme mobiliteit, nieuwe bedrijvigheid, energietransitie, goede planning en toegankelijkheid van natuur en het ontwikkelen en aantrekken van nieuwe industrieën.

Ook kijken we naar de effectiviteit van een publiek-private strategiedialoog voor de ontwikkeling van nieuwe mobiliteit. Dit alles uiteraard in een omgeving met veel werklocaties en toonaangevende ondernemingen. Stuttgart is immers een van Duitslands oudste industriële steden. Met een duidelijke toekomstambitie.

De stad, die meerdere universiteiten herbergt, doet er dan ook alles aan om haar vele talenten binnen de stadsgrenzen te houden. Met succes!

Ga mee met deze SKBN Studiereis op 21, 22 en 23 juni!

 

PROGRAMMA (wijzigingen voorbehouden)

Dinsdag 21 juni
We worden welkom geheten door het Region Verband Stuttgart, de Wirtschaftsförderung en de Industrie- und Handelskammer Region Stuttgart. Voor welke opgaven staan de stad en regio? En hoe gaan zij deze uitdagingen gezamenlijk aan?

Woensdag 22 juni
Deze dag verdiepen we ons in de IBA2027, een vliegwiel dat de regio toepast voor de versnelling van bouwprojecten en energietransitie. We gaan terug naar de IBA van 100 jaar geleden in Stuttgart: de modernistische wijk Weissenhof. Ook nemen we een kijkje bij de M.Tech Accelerator, een boeiende start-up facilitator. Ook laten we ons rondleiden in de wijk Feuerbach waar Bosch van oudsher een grote stempel drukt op de ontwikkelingen.

Donderdag 23 juni
We reizen naar het zuiden van de stad, naar de ARENA2036, een zeer flexibel onderzoeksplatform voor mobiliteit en productie van de toekomst. We worden ontvangen door de universiteit en een afvaardiging van Daimler.

AANMELDEN

Wat 
SKBN Studiereis Stuttgart

Datum
Dinsdag 21 juni t/m vrijdag 23 juni 2022

Inclusief
Heen- en terugreis vanaf Utrecht Centraal of Arnhem Centraal, 3 lunches, 2 hotelovernachtingen, een intensief programma met lokale sprekers en gidsen, vervoer ter plaatse, 1 slotdiner, evaluatie en reisverslag.

Kosten
€ 950 euro ex. btw

AANMELDEN
 

Meer info
Logistiek en organisatie: Tessa van der Heiden: 033 870 0100, t.vanderheiden@elba-rec.nl.
Inhoud: Jan Jager, j.jager@elba-rec.nl, 06 1841 1641

 

Lees verder
card image

Achtergrond

Veel meer aandacht nodig voor lokale economie: ‘in gelul kun je niet werken’

Achtergrond

14-03-2022

Veel meer aandacht nodig voor lokale economie: ‘in gelul kun je niet werken’

De economie verdient veel meer prioriteit bij de collegevorming na de gemeenteraadsverkiezingen. Vooral het nijpende tekort aan bedrijfslocaties moet hoog op de agenda. ‘In gelul kun je niet werken.’

Die kordate woorden zijn van René Buck. De adviseur maakt daarmee een knipoog naar de beroemde uitspraak van de markante Amsterdamse wethouder Jan Schaefer uit de jaren zeventig ‘in gelul kun je niet wonen’.

De ceo van adviesbureau Buck Consultants International, dat onder andere gemeenten en regio’s terzijde staat bij ruimtelijke en economische vraagstukken, volgt de verkiezingen met grote belangstelling. ‘Het nationale coalitieakkoord van eind vorig jaar ademt de sfeer van dat een bloeiende economie een gegeven is. En dat we ons alleen hoeven bezig te houden met ongelijkheid/herverdeling/brede welvaart.’

Ruw wakker geschut

Bestuurders lijken inmiddels ruw wakker geschud te worden nu werkgeversverenigingen, banken, centrale banken en instellingen al weken over elkaar buitelen in sombere bespiegelingen over de economische gevolgen van de oorlog in de Oekraïne. ‘Nog los van het verloop van de oorlog zelf is duidelijk dat de impact op de economie behoorlijk is‘, analyseert Buck. ‘Gestegen grondstof- en energieprijzen, verstoorde supply chains en een hoge inflatie die langer duurt dan een paar maanden hebben het euforische gevoel van het einde van corona en een snel opverende economie snel laten wegebben.’

Feit blijft volgens Buck dat er een groot acuut tekort bestaat aan beschikbare bedrijventerreinen ‘en dat daar dringend iets aan gedaan moet worden’. ‘Regeren is vooruit zien. Je moet je niet laten leiden door de waan van de dag. Er moet nu gehandeld worden om de economische ontwikkeling voor de toekomst veilig te stellen. Vergeet niet dat het vaak zes tot acht jaar duurt voor het eerste bedrijf zijn deuren kan openen, nadat een gebied is aangewezen als bedrijventerrein.’

Achtersluispolder

Buck vindt bovendien dat de nieuwe colleges veel meer een integrale afweging moeten maken om te voorkomen dat woningbouw altijd en overal voorrang krijgt. Helemaal als het gaat om bestaande bedrijventerreinen die worden getransformeerd tot woonlocatie. Buck noemt in dit verband de geruchtmakende Achtersluispolder in Zaanstad. ‘Een goed lopend bedrijventerrein aan het Noordzeekanaal waar de gemeente 10.000 woningen wil bouwen. Die bedrijven zitten daar volstrekt legaal, zorgen nauwelijks voor overlast. Toch moet een deel weg. Maar waar ze heen moeten, mogen ze zelf uit zoeken!’

Volgens deze adviseur is het slechts ‘een van de vele voorbeelden’ waar bedrijven het veld moeten ruimen voor woningbouw. Hij staat met zijn betoog niet alleen. Al twee jaar geleden luidde de Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland (SKBN) de noodklok over het vrijwel geruisloos verdwijnen van 46 vierkante kilometer aan bedrijventerreinen in de vijf jaar ervoor. ‘Sindsdien is de situatie alleen maar verergerd.’ Buck verwijst ook naar een rapport van de Raad voor de Leefomgeving, die de behoefte aan bedrijfsruimte tot 2030 raamt op 5.500 tot 9.500 hectare.

Geen kavels

‘Ik denk dat er een heleboel grote en middelgrote gemeenten momenteel al ‘neen’ moeten verkopen als een eigen industrieel bedrijf voor een uitbreiding aanklopt met de vraag om een kavel van drie hectare’, betoogt hij gedreven. ‘Let wel: dan heb ik het dus niet over een grote logistieke operatie van vijftien hectare. Want dergelijke kavels zijn momenteel helemaal nauwelijks meer beschikbaar. Zelfs niet in de logistieke hotspots zoals Venlo of Waalwijk, waar vroeger ruimte in overvloed was.’

Volgens Buck wordt er weliswaar regelmatig gehamerd door vooral landelijke politici over het belang van een goed vestigings- en ondernemersklimaat. Maar dat betreft vooral (fiscale) regelgeving en de vraag of we al dan niet een belastingparadijs zijn.

Elektriciteitsnet

Buck: ‘De politieke discussie gaat hoofdzakelijk over hoofdkantoren en brievenbusfirma’s op de Zuidas. Mijn betoog is dat het tegenwoordig schort aan de invulling van de basale behoeften van de gemiddelde industriële, logistieke of handelsonderneming, die zich hier nieuw wil vestigen of uitbreiden. Dan heb ik het dus over de beschikbaarheid van fysieke ruimte. Maar óók over zoiets fundamenteels als aansluiting op het elektriciteitsnet en niet te vergeten beschikbaarheid van personeel. Op al die drie punten schiet Nederland op dit moment tekort.’

Hij haalt het voorbeeld aan van een cliënt, een Amerikaanse toeleverancier van plastic slangetjes van een grote Nederlandse producent van medische apparatuur, die zich in ons land wil vestigen. In de zoektocht naar een geschikte plaats voor nieuwbouw stuitte Buck en zijn mensen recentelijk niet alleen op een gebrek aan kavels, maar ook op de beperkingen van het elektriciteitsnetwerk. Want die staat door de energietransitie enorm onder druk. ‘Je moet op sommige plekken jaren wachten op een aansluiting. Maar zo’n bedrijf heeft haast. Na zeven verschillende provincies afgegaan te zijn, hebben we uiteindelijk toch een geschikte locatie gevonden.’

Toestroom arbeidsmigranten

Buck realiseert zich ook dat veel logistieke hotspots worstelen met een enorme toestroom van arbeidsmigranten. Zij nemen vaak het laaggeschoolde werk voor hun rekening in distributiecentra en zetten de overspannen lokale woningmarkt nog verder onder druk. In combinatie met de verdozingsdiscussie, de aantasting van het landschap door XXL-dc’s, zorgt dat ervoor dat gemeenten zeer terughoudend zijn met het aanwijzen van nieuwe bedrijventerreinen voor grootschalige logistiek.

‘Huisvesting van arbeidsmigranten is inderdaad een reëel probleem, dat zeker aandacht verdient bij de collegevorming in veel gemeenten’, stelt hij.’ Polenhotels op bedrijventerreinen is inderdaad geen ideale oplossing. Maar het is wel veel beter dan huisvesting in stapelbedden in schuren of caravans. En we moeten gewoon eerlijk zijn: we hebben die mensen heel hard nodig en een groot deel mag zich hier ook als EU-burgers vrijelijk vestigen. Dus moeten die mensen ook fatsoenlijk gehuisvest worden.’

Strijd om de ruimte

Volgens Buck is de strijd om de ruimte ‘steeds heftiger en intensiever’ in dit overvolle landje, waarop elk vierkante meter een bestemming rust. En ook nog eens drie andere functies ‘staan te trappelen’ om die functie over te nemen. ‘De aanspraken op de ruimte worden alleen maar groter. Dat geldt niet alleen voor de woningbouw met nog een miljoen te bouwen woningen, maar ook voor de energietransitie, de plekken voor windmolens en zonneparken, nieuwe bedrijventerreinen en landbouw. Een heleboel zaken houden zich nu eenmaal niet aan gemeente- of provinciegrenzen.’

Zijn de ruimtelijke vraagstukken anno 2022 niet domweg te groot voor de plaatselijke politiek? Is het niet tijd voor veel meer regie vanuit Den Haag van de nieuwe minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Hugo de Jonge? ‘Eerlijk gezegd, ben ik zeer benieuwd wat De Jonge precies gaat doen’, spreekt Buck bedachtzaam. ‘Ik heb namelijk nog niet kunnen ontdekken dat hij nieuwe instrumenten of bevoegdheden heeft gekregen. Die heeft hij wel nodig. Even gechargeerd gezegd: als dezelfde ambtenaren die vroeger werkten voor Binnenlandse Zaken met name voor woningbouw, nu op hun visitekaartje hebben staan ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, en verder verandert er niets, dan heb ik er een hard hoofd in.’

Wortel en stok

Volgens Buck is het zaak voor ‘uitvoeringskracht’ te zorgen zonder dat dit uitmondt in Haagse bedilzucht. ‘Hanteer wortel en stok. Maar ga niet à la Jan Pronk, een oud-minister van Vrom, tot in detail aan gemeenten voorschrijven of zij bijvoorbeeld in Tilburg Zuid of Noord woningbouw of bedrijventerreinen moeten realiseren.’

Bron: Erik Wiegerinck, Vastgoedmarkt 14 maart 2022

Lees verder
card image

Achtergrond

Beweegvriendelijke bedrijventerreinen: goed voor mens, dier, plant én portemonnee

Achtergrond

27-01-2022

Beweegvriendelijke bedrijventerreinen: goed voor mens, dier, plant én portemonnee

Sporten en bewegen wordt meestal geassocieerd als iets wat je in je vrije tijd doet. Een groot deel van de Nederlanders beweegt op een gemiddelde kantoordag veel te weinig. En dat terwijl juist die regelmatige beweging heel belangrijk is. Een omgeving die uitnodigt om ook onder werktijd in de benen te komen kan helpen om dat te doorbreken.

De inrichting van bedrijventerreinen kan een belangrijke bijdrage leveren aan het beweeggedrag van kantoortijgers. “Door de inrichting van het terrein aantrekkelijker te maken én het ook mogelijk maakt om lopend te vergaderen voeg je kwaliteit toe aan je overleggen. Het begint ermee dat je tijdens je overleg niet het risico loopt om overreden te worden. Hier kan je op ontwerpen.” Vaak wordt het ontwerp van bedrijventerreinen gebaseerd op bereikbaarheid, en dan vooral per auto. Het begint dus met trottoirs en voetpaden die voldoende breed zijn. Maar het gaat ook om het creëren van aantrekkelijke wandelrondjes. Op de campus van TU in Delft is bijvoorbeeld zeker wel gedacht aan voetgangers, maar vooral om van A naar B te komen. Van het ene naar het andere gebouw, of van de ingang naar de bushalte. Een logisch wandelrondje is er niet.” 

“Bedrijventerreinen zijn niet de meest inspirerende plekken”, weet Jelle de Jong, directeur van IVN Natuureducatie. “We hebben in Nederland zo’n 100.000 hectare aan bedrijventerreinen, dat is net zo veel als alle gebieden van Natuurmonumenten samen. Dat kot neer op ongeveer 3.500 bedrijventerreinen, waarvan slechts 1 procent groen-blauw is ingericht. 99 procent is versteend”, schetst De Jong de potentie van de bedrijventerreinen.  

Het IVN is, samen met een brede coalitie aan bedrijven, trekker van het project Werklandschappen van de Toekomst. Het Ministerie van Binnenlandse zaken heeft namens deze groep een aanvraag gedaan bij het Groeifonds 2021. In april wordt bekend of de aanvraag wordt toegekend. 

Werklandschappen van de Toekomst zouden dus - naast klimaatbestendig en met ruimte voor veel biodiversiteit - gezond, leefbaar en beweegvriendelijk moeten zijn.

Hoe? Dat lees je in dit artikel van Biind.

 

Bron: IVN
Foto: August de Richelieu via Pexels

Lees verder