Internationale truckchauffeurs hebben vaak te maken met diefstal van lading en gebrek aan fatsoenlijke voorzieningen als ze langs de snelwegen moeten overnachten. Voor hen zijn beveiligde truckparkings met voorzieningen belangrijk. Voor ondernemers is het exploiteren van een truckparking geen vetpot door de hoge grondprijzen. Ook gemeenten blijken vaak weinig ruimte vrij te maken voor dit essentiële onderdeel van de infrastructuur. Het bereiken van het maatschappelijk rendement van beveiligde truckparkings lijkt hierdoor nog ver weg.

Voor Perspectieffonds Gelderland (PFG) onderzochten ERAC en KplusV de obstakels. Is het tijd voor publieke investeerders om eerder in te stappen en zo de realisatie van truckparkings te versnellen?

Vanuit de wetgever (EU) ontstaat er steeds meer druk op het bewaakt kunnen parkeren van vrachtwagens. Onbewaakt parkeren zorgt voor gevaar, criminaliteit en overlast op de op- en afritten bij verzorgingsplaatsen (tankstations) langs de snelwegen en ongewenst parkeren op bedrijventerreinen of langs provinciale wegen. Combineer dit met het gebrek aan (sanitaire) voorzieningen en het is duidelijk dat er een opgave ligt om meer bewaakte truckparkings te realiseren. Ook in Gelderland is hier sprake van, met name langs de logistieke corridor A15 - A12.

Overheden zien dat er behoefte is aan deze voorzieningen, maar in de praktijk blijken ze voor de private sector moeilijk realiseerbaar. Kan een langlopende samenwerking tussen publieke investeerders, private exploitanten en/of mede investeerders uitkomst bieden? Zou het bijvoorbeeld mogelijk zijn om te investeren in meerdere locaties voor truckparkings en clean energy hubs? In opdracht van Perspectieffonds Gelderland deden ERAC en KplusV hier onderzoek naar.

Een parking is geen normale bedrijfskavel

In het onderzoek is bekeken welke aspecten een belangrijk effect hebben op de rentabiliteit van de truckparking. Het gaat daarbij om grondprijzen, maar ook om een samenspel tussen bewegwijzering en vindbaarheid, handhaving en tarieven. Uiteindelijk moet dat leiden tot een goede bezettingsgraad van de parkeerplaatsen.

Een probleem bij het realiseren van truckparkings is de hoge grondprijs. De financiële draagkracht van een truckparking is lager dat die van een ‘normale’ bedrijfskavel. Het is dan ook niet mogelijk aan een kavel bestemd voor een truckparking, dezelfde waarde toe te kennen als een normale bedrijfskavel. Het zou dus verstandig zijn dit op voorhand al in de grondexploitatiemodellen worden meegenomen. Dat er wegen en groen nodig zijn, snapt iedereen, truckparkings horen er ook bij.

Dit kan natuurlijk ook inhouden dat de truckparkings niet op dure zichtlocaties worden gerealiseerd, maar op een minder zichtbare en daarmee goedkopere locaties. In de praktijk blijkt echter het organiseren van goede bewegwijzering, waarmee ervoor gezorgd wordt dat de chauffeur tijdig en juist geïnformeerd wordt over de aanwezigheid en faciliteiten van een truckparking, een hele kostbare opgave is, waarmee het voordeel van een goedkoper stuk grond deels teniet wordt gedaan. Daarnaast is handhaving een punt van aandacht. Zodra een truckparking in de omgeving beschikbaar is, moeten de vrachtwagens die fout geparkeerd staan, worden doorverwezen naar de truckparking. Tot slot moet het geheel zo georganiseerd zijn dat de tarieven voor de chauffeur op te brengen zijn.

Ook vrachtwagens gaan 'snelladen'

Het onderzoek ging ook in op de vraag of een combinatie is te maken met clean energy hubs. Het lijkt een logische gedachte om in de toekomst het laden van de batterijen van de elektrische trucks bij een truckparking plaats te laten vinden. Daar is bij een lange stop immers de tijd voor. Maar ook vrachtwagens zullen in de toekomst gebruik gaan maken van 'snelladen'. Dat gaat even snel als regulier tanken. Het investeren van kostbare laadinfrastructuur op truckparkings lijkt daardoor geen verstandige keuze. Uit het onderzoek is duidelijk naar voren gekomen dat deze combinatie niet noodzakelijk is. Dit neemt niet weg dat investeren in de energietransitie voor de logistieke sector van groot belang blijft.

Alleen met samenwerking komen we verder

Perspectieffonds Gelderland richt zich op het investeren in het versnellen van het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Beveiligde truckparkings dragen bij aan de bereikbaarheid van de regio en verbeteren het woon- en leefklimaat. Inzet van PFG kan leiden tot een verbetering van de business case van een truckparking. Vooral het erfpachtmodel helpt hierbij. Voor veel ondernemers is de initiële investering in grond een obstakel. Door dit weg te nemen en gunstige voorwaarden te scheppen, verbetert de business case aanzienlijk. In dat geval krijgt PFG een vergoeding voor de inzet van middelen, houdt het grip op de ontwikkelingen op de truckparking en blijft fonds eigenaar van de gronden. De exploitant heeft vervolgens ruimte om te investeren in noodzakelijke opstallen en voorzieningen.

Het betrekken van PFG kan helpen bij de exploitatie van een truckparking, maar dit neemt niet weg dat een financieel positieve exploitatie van een beveiligde truckparking aan veel voorwaarden moet voldoen, met name een lage grondprijs. Je kunt de markt vragen een knelpunt op te lossen, maar de markt doet het alleen als zij geholpen wordt om daarin potentieel een goede vergoeding te kunnen krijgen voor het risico dat zij nemen door te investeren. Wellicht kan de overheid een oplossing bieden om de grondkosten op een acceptabel niveau te krijgen. Het onderzoek geeft ons inzicht in de belangrijke aspecten en parameters van een truckparking. Daarmee kunnen we geïnteresseerde gemeenten adviseren en mogelijk deelnemen in de ontwikkelingen. Gezien de voorwaarden van PFG is het dan niet genoeg om in één locatie te investeren, dat moeten er dan meer worden. Of dat lukt gaan we verder onderzoeken.

Rikus Wolbers is senior projectmanager bij Oost NL en werkt aan de ontwikkeling van Perspectieffonds Gelderland. Met Perspectieffonds Gelderland versnelt en versterkt de provincie Gelderland innovatiekracht van ondernemingen en projecten die zich bezighouden met grote maatschappelijke uitdagingen. Oost NL is fonds- en programmamanager van PFG.

Oost NL

Oost NL is vanaf de oprichting van SKBN participant van SKBN. Oost NL is actief in Oost-Nederland. Namens het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en de provincies Gelderland en Overijssel versterkt Oost NL daar de regionale economie.

[email protected]
088 - 667 01 00

Oost NL
card image

Event

19-04-2023
Studiereis: innovatieve werklocaties en campussen in Nederland en Belgiƫ

Event

19-04-2023

Studiereis: innovatieve werklocaties en campussen in Nederland en Belgiƫ

Het kabinet zet vol in op het stimuleren van innovatieve ecosystemen, als onderdeel van een groen en strategisch industriebeleid. De regio vormt hierbij een cruciaal schaalniveau, omdat het aansluit bij veel mechanismen achter innovatieprocessen bij bedrijven. Daarnaast werkt het kabinet aan maatregelen om de arbeidsmarktkrapte tegen te gaan.

Op campussen en andere innovatieve werklocaties komen beide opgaven samen. Het zijn dé plekken waar kennis, kunde en kapitaal elkaar kruisen, met belangrijke spin-off naar de regionale arbeidsmarkt en economie. De aanwezigheid van talent is voor bedrijven een belangrijk motief om zich op een campus te willen vestigen, naast voorzieningen en het ecosysteem.

Het is dan ook niet gek dat bijna elke gemeente of regio in Nederland haar eigen innovatieve werklocatie of campus wil hebben. Dat hoeft écht niet altijd een universitaire campus te zijn. Kennis en ondernemerschap zit immers overal!

Tweedaagse studiereis
Na succesvolle edities in 2020 en 2022, organiseren vakblad BT en TwynstraGudde op woensdag 19 en donderdag 20 april een nieuwe tweedaagse ‘Studiereis innovatieve werklocaties en campussen’.

Klik hier voor aanmelden.

De reis gaat door Nederland en België en voert langs:

  • Smart Campus Leerpark in Dordrecht, een mbo-campus die bedrijven naar zich toe haalt;
  • Open Manufacturing Campus (OMC) in Turnhout, een uit Philips voortgekomen bedrijvencampus met gedeelde (test)faciliteiten die succesvol is in het aantrekken van innovatieve maakbedrijven; de campus heeft de ambitie de meest productieve vierkante kilometer van België te worden;
  • Het Eindhovense Brainport Industries Campus (BIC), een duurzaam en innovatief werklandschap voor de hightechmaakindustrie. Hier innoveren en produceren bedrijven, overheden en onderwijsinstellingen onder één dak;
  • De Life Science Campus Pivot Park in Oss, die feitelijk uit een reddingsoperatie ontstond nadat medicijnfabrikant MSD zich gedeeltelijk terugtrok en de provincie Noord-Brabant, gemeente Oss en het ministerie van Economische Zaken MSD-onderzoekers in de gelegenheid stelden nieuwe bedrijven te starten in oude MSD-gebouwen. Inmiddels zijn en worden nieuwe gebouwen toegevoegd aan de campus, die onderdeel uitmaakt van een veel grotere lifescience-cluster, om in de vraag naar nieuwe bedrijfsruimte te kunnen voorzien. Provincie en gemeente staan nu voor de keuze om het campusvastgoed wel of niet te verkopen aan een externe investeerder.
     

Tijdens de reis, die onder inhoudelijke leiding staat van campusexpert Gregor Heemskerk (partner TwynstraGudde), onderzoeken we wat de leasons learned zijn van de bovengenoemde innovatiehotspots.

Centrale vraag is: hoe ontwikkel je een campus en wat komt daarbij kijken?
Op de campussen werken triplehelixpartners samen: het draait om kennisuitwisseling tussen bedrijven en onderwijsinstellingen, vaak gefaciliteerd door de overheid. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor de campusorganisatie.

Wat doet zo’n campusorganisatie nu precies? En hoe wordt de campusorganisatie gefinancierd?
Aandachtspunt is dat de zeggenschap tussen productie, innovatie en onderwijs in evenwicht moet zijn. Als bedrijven gaan domineren, bestaat het risico dat het kortetermijnbelang gaat prevaleren. Maar als onderzoeks- en onderwijsorganisaties te veel invloed krijgen, dan is het risico dat er te weinig wordt doorgepakt.

Hoe zijn de vier hotspots met die spanning omgegaan?
Het bouwen van een campus vergt een lange adem. Het gaat dus om de kunst om community’s te vormen en te onderhouden, om bedrijven te trekken en om netwerken en ecosystemen te bouwen.

Welke instrumenten kunnen hiervoor worden ingezet? Hebben Dordrecht, Turnhout, Eindhoven en Oss hetzelfde handelingsrepertoire, of handelen zij toch weer net anders?

 

Dag 1 – woensdag 19 april 2023
Verzamelen achter Station Amersfoort Centraal (voor automobilisten is er een grote P+R)
Met de bus naar Dordrecht - Programma Smart Campus Leerpark
Lunch
Busreis naar Turnhout - Programma Open Manufacturing Campus (OMC)
Check-in hotel
Avondprogramma in Turnhout

Dag 2 – donderdag 20 april 2022
Busreis naar Eindhoven - Programma Brainport Industries Campus
Lunch
Busreis naar Oss - Programma Pivot Park

Een volledig programma met tijden volgt spoedig.

Tijdens de busreis wordt teruggeblikt op de inhoud. Deelnemers ontvangen een uitgebreid reisverslag met lessen


Facts & Figures
2-daagse campusreis
19 & 20 april 2023
Kosten: € 1450,00 (ex. btw)
Compleet verzorgd inclusief maaltijden, consumpties, overnachting, mogelijke entreegelden, vervoer en reisbegeleiding
Organisatie: BT, TwynstraGudde, SKBN
Aanmelden 

Lees verder
card image

Nieuws

Verduurzaming bedrijventerreinen: samenspel tussen gemeenten en eigenaren

Nieuws

05-01-2023

Verduurzaming bedrijventerreinen: samenspel tussen gemeenten en eigenaren

Bedrijventerreinen hebben een belangrijke functie binnen de Nederlandse economie. In een tijd waarin ruimte schaars is, bestaat de behoefte om extra ruimte te zoeken. Onder andere voor woningbouw, de energietransitie, maar ook voor werkgelegenheid. Hoe zorg je er als gemeente voor dat er voldoende ruimte op de bedrijventerreinen beschikbaar blijft? Tegen welke uitdagingen loopt bijvoorbeeld Gouda aan bij haar bedrijventerrein Gouwespoor? Sandra Suijkerbuijk is projectmanager Gebiedsontwikkeling bij het Kadaster. Ze laat zien hoe data bijdraagt aan verduurzaming van bedrijventerreinen. 

Gouwespoor

Een voorbeeld van een bedrijventerrein met kansen voor slimmer ruimtegebruik is Gouwespoor in Gouda. Het kent een rijke historie: begin jaren ‘60 vestigde zich hier een zuivelfabriek en vandaag de dag grenst het aan station Gouda. Suijkerbuijk onderzocht op basis van onder andere eigendomsgegevens, ruimtegebruik, benutting van bouwmogelijkheden, leeftijd van gebouwen en dakoppervlakten, of de ruimte op het terrein slimmer gebruik kan worden. Conclusie: er vond de afgelopen tien jaar een enorme intensiveringsslag plaats en daardoor is zelfs nog meer ruimte op het terrein. Demi van Weerdenburg is beleidsmedewerker economie en ruimte bij Gemeente Gouda. Van Weerdenburg: ”De analyse gaf hele praktische inzichten bijvoorbeeld waar mogelijkheden liggen voor klimaatadaptatie. Deze informatie kan ik direct gebruiken in mijn werk."

Eigenaren zijn een onmisbare partner 

Suijkerbuijk: “Eigenaren zijn een onmisbare partij. Zij beslissen wat ze met hun grond en panden doen. De samenwerking met hen is dus erg belangrijk. Waar liggen kansen voor nieuwe bedrijvigheid of voor duurzaamheidswinst? Met wie heb ik te maken? Het Kadaster gebruikt data als hulpmiddel in gesprekken met eigenaren en gemeenten. Op basis daarvan stellen we een gedragen actieagenda op. Zo helpen we eigenaren en gemeenten in het toekomstbestendiger maken van de bedrijventerreinen.”

Data als bindmiddel 

“Inzicht dankzij data is een belangrijke stap in een proces om de publieke en private opgaven te verbinden. Met een stevige data-analyse als informatiebasis, ontstaat een waardevoller gesprek op basis van feiten waardoor nieuwe inzichten kunnen ontstaan. Wordt er bijvoorbeeld ruimte gebruikt door bedrijven die ook buiten het bedrijventerrein terecht zouden kunnen?"

"Waar liggen kansen voor nieuwe bedrijvigheid of voor duurzaamheidswinst? Met wie heb ik te maken? Het Kadaster gebruikt data als hulpmiddel in gesprekken met eigenaren en gemeenten."

Grip op ontwikkelkansen voor gemeenten 

“Het Kadaster start met het opstellen van een stappenplan. Dit plan bevat een data onderzoek van de ontwikkelingen van het terrein tot huidige situatie. Dit onderzoek gaat in op eigenaren, vastgoed en gebruik van de panden. Maar ook het ruimtegebruik en de verduurzaming van het terrein. Ook werkgelegenheidscijfers kunnen aan het onderzoek worden toegevoegd. Belangrijk is dat je hiervoor een overzichtelijk tijdvak neemt, bijvoorbeeld het komende jaar.
"Op de meeste bedrijventerreinen zijn de kavels al vanaf de oplevering uitgegeven aan bedrijven. Hierdoor hebben gemeenten beperkt grip op de ontwikkelingen. Als je naar de beschikbare data over bedrijventerreinen kijkt, zie je flinke wijzigingen. Welke lering kun je daaruit trekken en hoe kunnen deze data helpen om de terreinen toekomstbestendiger te maken?” 

Verduurzaming bedrijventerreinen

“Nu er steeds minder ruimte voor nieuwe bedrijventerreinen is, is slim ruimtegebruik, maar ook het slim omgaan met energie en duurzaamheid van groot belang. In dit geval gaat duurzaamheid niet alleen over de vraag hoe je op de langere termijn zorgt voor een economisch vitaal bedrijventerrein, maar ook bijvoorbeeld milieuaspecten als duurzame energievoorziening en klimaatadaptatie meeneemt in deze ontwikkeling.”

“Ook kijken we naar energieverbruik en optimale benutting van daken. In het gesprek luisteren we naar de ambities van eigenaren en gemeenten op duurzaamheidsgebied en ruimtegebruik. Iets is een kans als het zowel voor eigenaren als voor de gemeente van meerwaarde is. Doordat gemeenten en eigenaren van dezelfde informatie gebruik kunnen maken, is er een startpunt om tot een gesprek en mogelijk gezamenlijk perspectief te komen. Door beter aan te sluiten op de ontwikkelingen op het bedrijventerrein en de wensen van de eigenaren is het realiseren van gemeentelijke beleidsambities eenvoudiger haalbaar.”

Uiteindelijk besluiten eigenaren zelf 

Een realistische inschatting van de uitvoerbaarheid blijft noodzakelijk, stelt Suijkerbuijk. “Een toekomstbestendig bedrijventerrein ontstaat natuurlijk niet vanzelf. De gemeente kan plannen en ideeën hebben over verduurzaming, intensivering, herstructurering of transformatie. Maar heeft maar een beperkte invloed of en wanneer dat gebeurt. Uiteindelijk besluiten eigenaren over hun eigen vastgoed. Zij hebben de beschikkingsmacht over de panden en over een groot deel van de grond. Zij kunnen ruimte geven aan andere functies of aan duurzame ontwikkelingen. Een belangrijke stap zal dus altijd zijn om met de eigenaren in gesprek te gaan over de ontwikkelingen op het terrein.” 

Meer weten?

Meer informatie over het slim benutten van bedrijventerreinen? Lees dan de pagina Bedrijventerreinen slim benutten van het Kadaster.

Lees verder