Marktpartijen hebben de grootste verduurzamingsopgave in vierkante meters als het gaat om energielabels van kantoren. Dat blijkt uit onderzoek van het Kadaster naar de verduurzamingsopgave van de kantorenmarkt in Nederland. De aanleiding van dit onderzoek is de nieuwe regelgeving die kantoren vanaf 1 januari 2023 verplicht om minimaal energielabel C te hebben. 

Lees verder voor de belangrijkste inzichten uit dit onderzoek.
Of download het volledige rapport.

De opgave voor marktpartijen zit vooral in het verduurzamen van het aantal vierkante meters. Als het om het bezit met labels D en slechter gaat, gaat het om bijna 7 miljoen vierkante meter en kantoren met onbekende labels meegerekend gaat het om ruim 15 miljoen vierkante meter.

Groot deel bezit van marktpartijen heeft label C
Hoewel marktpartijen in absolute zin de meeste vierkante meters moeten verduurzamen, heeft deze partij in vergelijking met andere eigenaren al 71% van hun bezit op label C of beter. Voor zowel particulieren, overheidsbezit en overige eigenaren ligt dat aandeel wat lager, om en nabij de 60%.

Bij woningcorporaties is het aandeel het laagst, 52%. Zij hebben in vergelijking met de andere eigenaren weinig kantoren en veel ongelabeld bezit.

Kantorenvoorraad zonder label C-verplichting
De totale kantorenvoorraad in Nederland op 1 oktober 2022 bestaat uit 137.500 kantooradressen met een totale vloeroppervlakte van maximaal 144 miljoen vierkante meter. Voor deze adressen heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) indicatief bepaald of zij label C-plichtig zijn. Ruim 65.000 van deze kantooradressen zijn zeer waarschijnlijk label C-plichtig en bijna 28.000 zijn dat vermoedelijk. Ruim 44.500 van de totale kantorenvoorraad hebben volgens inschatting van de RVO geen label C-verplichting.

Regionale verschillen in verduurzaming
Buiten de Randstad en de grote steden zijn er vooral in de provincies Noord-Brabant, Limburg, Groningen en delen van Overijssel nog relatief veel vierkante meters te verduurzamen door marktpartijen. Overheidsbezit met label D of slechter is vooral geconcentreerd in de grotere steden, terwijl de opgave voor particulieren meer verspreid is over Nederland.

Label C-verplichting vanaf januari 2023
Vanaf 1 januari 2023 is een kantoor verplicht om een energielabel C of beter te hebben, anders mag het niet meer als kantoor gebruikt worden. De gemeente gaat in samenwerking met de omgevingsdienst toezien op deze labelverplichting. De eigenaar is verantwoordelijk voor het verduurzamen van het kantoor, zodat deze een energielabel C of beter krijgt.

 

Kadaster

Kadaster is sinds najaar 2014 kennispartner van SKBN. Kadaster houdt zich nadrukkelijk bezig met het onderwerp ‘Stedelijke Herverkaveling’ en verkent de mogelijkheden om te komen tot een wettelijk kader voor verstedelijkte gebieden.


088 - 183 22 00

Kadaster
card image

Event

19-04-2023
Studiereis: innovatieve werklocaties en campussen in Nederland en België

Event

19-04-2023

Studiereis: innovatieve werklocaties en campussen in Nederland en België

Het kabinet zet vol in op het stimuleren van innovatieve ecosystemen, als onderdeel van een groen en strategisch industriebeleid. De regio vormt hierbij een cruciaal schaalniveau, omdat het aansluit bij veel mechanismen achter innovatieprocessen bij bedrijven. Daarnaast werkt het kabinet aan maatregelen om de arbeidsmarktkrapte tegen te gaan.

Op campussen en andere innovatieve werklocaties komen beide opgaven samen. Het zijn dé plekken waar kennis, kunde en kapitaal elkaar kruisen, met belangrijke spin-off naar de regionale arbeidsmarkt en economie. De aanwezigheid van talent is voor bedrijven een belangrijk motief om zich op een campus te willen vestigen, naast voorzieningen en het ecosysteem.

Het is dan ook niet gek dat bijna elke gemeente of regio in Nederland haar eigen innovatieve werklocatie of campus wil hebben. Dat hoeft écht niet altijd een universitaire campus te zijn. Kennis en ondernemerschap zit immers overal!

Tweedaagse studiereis
Na succesvolle edities in 2020 en 2022, organiseren vakblad BT en TwynstraGudde op woensdag 19 en donderdag 20 april een nieuwe tweedaagse ‘Studiereis innovatieve werklocaties en campussen’.

Klik hier voor aanmelden.

De reis gaat door Nederland en België en voert langs:

  • Smart Campus Leerpark in Dordrecht, een mbo-campus die bedrijven naar zich toe haalt;
  • Open Manufacturing Campus (OMC) in Turnhout, een uit Philips voortgekomen bedrijvencampus met gedeelde (test)faciliteiten die succesvol is in het aantrekken van innovatieve maakbedrijven; de campus heeft de ambitie de meest productieve vierkante kilometer van België te worden;
  • Het Eindhovense Brainport Industries Campus (BIC), een duurzaam en innovatief werklandschap voor de hightechmaakindustrie. Hier innoveren en produceren bedrijven, overheden en onderwijsinstellingen onder één dak;
  • De Life Science Campus Pivot Park in Oss, die feitelijk uit een reddingsoperatie ontstond nadat medicijnfabrikant MSD zich gedeeltelijk terugtrok en de provincie Noord-Brabant, gemeente Oss en het ministerie van Economische Zaken MSD-onderzoekers in de gelegenheid stelden nieuwe bedrijven te starten in oude MSD-gebouwen. Inmiddels zijn en worden nieuwe gebouwen toegevoegd aan de campus, die onderdeel uitmaakt van een veel grotere lifescience-cluster, om in de vraag naar nieuwe bedrijfsruimte te kunnen voorzien. Provincie en gemeente staan nu voor de keuze om het campusvastgoed wel of niet te verkopen aan een externe investeerder.
     

Tijdens de reis, die onder inhoudelijke leiding staat van campusexpert Gregor Heemskerk (partner TwynstraGudde), onderzoeken we wat de leasons learned zijn van de bovengenoemde innovatiehotspots.

Centrale vraag is: hoe ontwikkel je een campus en wat komt daarbij kijken?
Op de campussen werken triplehelixpartners samen: het draait om kennisuitwisseling tussen bedrijven en onderwijsinstellingen, vaak gefaciliteerd door de overheid. Een belangrijke rol is daarbij weggelegd voor de campusorganisatie.

Wat doet zo’n campusorganisatie nu precies? En hoe wordt de campusorganisatie gefinancierd?
Aandachtspunt is dat de zeggenschap tussen productie, innovatie en onderwijs in evenwicht moet zijn. Als bedrijven gaan domineren, bestaat het risico dat het kortetermijnbelang gaat prevaleren. Maar als onderzoeks- en onderwijsorganisaties te veel invloed krijgen, dan is het risico dat er te weinig wordt doorgepakt.

Hoe zijn de vier hotspots met die spanning omgegaan?
Het bouwen van een campus vergt een lange adem. Het gaat dus om de kunst om community’s te vormen en te onderhouden, om bedrijven te trekken en om netwerken en ecosystemen te bouwen.

Welke instrumenten kunnen hiervoor worden ingezet? Hebben Dordrecht, Turnhout, Eindhoven en Oss hetzelfde handelingsrepertoire, of handelen zij toch weer net anders?

 

Dag 1 – woensdag 19 april 2023
Verzamelen achter Station Amersfoort Centraal (voor automobilisten is er een grote P+R)
Met de bus naar Dordrecht - Programma Smart Campus Leerpark
Lunch
Busreis naar Turnhout - Programma Open Manufacturing Campus (OMC)
Check-in hotel
Avondprogramma in Turnhout

Dag 2 – donderdag 20 april 2022
Busreis naar Eindhoven - Programma Brainport Industries Campus
Lunch
Busreis naar Oss - Programma Pivot Park

Een volledig programma met tijden volgt spoedig.

Tijdens de busreis wordt teruggeblikt op de inhoud. Deelnemers ontvangen een uitgebreid reisverslag met lessen


Facts & Figures
2-daagse campusreis
19 & 20 april 2023
Kosten: € 1450,00 (ex. btw)
Compleet verzorgd inclusief maaltijden, consumpties, overnachting, mogelijke entreegelden, vervoer en reisbegeleiding
Organisatie: BT, TwynstraGudde, SKBN
Aanmelden 

Lees verder
card image

Nieuws

Verduurzaming bedrijventerreinen: samenspel tussen gemeenten en eigenaren

Nieuws

05-01-2023

Verduurzaming bedrijventerreinen: samenspel tussen gemeenten en eigenaren

Bedrijventerreinen hebben een belangrijke functie binnen de Nederlandse economie. In een tijd waarin ruimte schaars is, bestaat de behoefte om extra ruimte te zoeken. Onder andere voor woningbouw, de energietransitie, maar ook voor werkgelegenheid. Hoe zorg je er als gemeente voor dat er voldoende ruimte op de bedrijventerreinen beschikbaar blijft? Tegen welke uitdagingen loopt bijvoorbeeld Gouda aan bij haar bedrijventerrein Gouwespoor? Sandra Suijkerbuijk is projectmanager Gebiedsontwikkeling bij het Kadaster. Ze laat zien hoe data bijdraagt aan verduurzaming van bedrijventerreinen. 

Gouwespoor

Een voorbeeld van een bedrijventerrein met kansen voor slimmer ruimtegebruik is Gouwespoor in Gouda. Het kent een rijke historie: begin jaren ‘60 vestigde zich hier een zuivelfabriek en vandaag de dag grenst het aan station Gouda. Suijkerbuijk onderzocht op basis van onder andere eigendomsgegevens, ruimtegebruik, benutting van bouwmogelijkheden, leeftijd van gebouwen en dakoppervlakten, of de ruimte op het terrein slimmer gebruik kan worden. Conclusie: er vond de afgelopen tien jaar een enorme intensiveringsslag plaats en daardoor is zelfs nog meer ruimte op het terrein. Demi van Weerdenburg is beleidsmedewerker economie en ruimte bij Gemeente Gouda. Van Weerdenburg: ”De analyse gaf hele praktische inzichten bijvoorbeeld waar mogelijkheden liggen voor klimaatadaptatie. Deze informatie kan ik direct gebruiken in mijn werk."

Eigenaren zijn een onmisbare partner 

Suijkerbuijk: “Eigenaren zijn een onmisbare partij. Zij beslissen wat ze met hun grond en panden doen. De samenwerking met hen is dus erg belangrijk. Waar liggen kansen voor nieuwe bedrijvigheid of voor duurzaamheidswinst? Met wie heb ik te maken? Het Kadaster gebruikt data als hulpmiddel in gesprekken met eigenaren en gemeenten. Op basis daarvan stellen we een gedragen actieagenda op. Zo helpen we eigenaren en gemeenten in het toekomstbestendiger maken van de bedrijventerreinen.”

Data als bindmiddel 

“Inzicht dankzij data is een belangrijke stap in een proces om de publieke en private opgaven te verbinden. Met een stevige data-analyse als informatiebasis, ontstaat een waardevoller gesprek op basis van feiten waardoor nieuwe inzichten kunnen ontstaan. Wordt er bijvoorbeeld ruimte gebruikt door bedrijven die ook buiten het bedrijventerrein terecht zouden kunnen?"

"Waar liggen kansen voor nieuwe bedrijvigheid of voor duurzaamheidswinst? Met wie heb ik te maken? Het Kadaster gebruikt data als hulpmiddel in gesprekken met eigenaren en gemeenten."

Grip op ontwikkelkansen voor gemeenten 

“Het Kadaster start met het opstellen van een stappenplan. Dit plan bevat een data onderzoek van de ontwikkelingen van het terrein tot huidige situatie. Dit onderzoek gaat in op eigenaren, vastgoed en gebruik van de panden. Maar ook het ruimtegebruik en de verduurzaming van het terrein. Ook werkgelegenheidscijfers kunnen aan het onderzoek worden toegevoegd. Belangrijk is dat je hiervoor een overzichtelijk tijdvak neemt, bijvoorbeeld het komende jaar.
"Op de meeste bedrijventerreinen zijn de kavels al vanaf de oplevering uitgegeven aan bedrijven. Hierdoor hebben gemeenten beperkt grip op de ontwikkelingen. Als je naar de beschikbare data over bedrijventerreinen kijkt, zie je flinke wijzigingen. Welke lering kun je daaruit trekken en hoe kunnen deze data helpen om de terreinen toekomstbestendiger te maken?” 

Verduurzaming bedrijventerreinen

“Nu er steeds minder ruimte voor nieuwe bedrijventerreinen is, is slim ruimtegebruik, maar ook het slim omgaan met energie en duurzaamheid van groot belang. In dit geval gaat duurzaamheid niet alleen over de vraag hoe je op de langere termijn zorgt voor een economisch vitaal bedrijventerrein, maar ook bijvoorbeeld milieuaspecten als duurzame energievoorziening en klimaatadaptatie meeneemt in deze ontwikkeling.”

“Ook kijken we naar energieverbruik en optimale benutting van daken. In het gesprek luisteren we naar de ambities van eigenaren en gemeenten op duurzaamheidsgebied en ruimtegebruik. Iets is een kans als het zowel voor eigenaren als voor de gemeente van meerwaarde is. Doordat gemeenten en eigenaren van dezelfde informatie gebruik kunnen maken, is er een startpunt om tot een gesprek en mogelijk gezamenlijk perspectief te komen. Door beter aan te sluiten op de ontwikkelingen op het bedrijventerrein en de wensen van de eigenaren is het realiseren van gemeentelijke beleidsambities eenvoudiger haalbaar.”

Uiteindelijk besluiten eigenaren zelf 

Een realistische inschatting van de uitvoerbaarheid blijft noodzakelijk, stelt Suijkerbuijk. “Een toekomstbestendig bedrijventerrein ontstaat natuurlijk niet vanzelf. De gemeente kan plannen en ideeën hebben over verduurzaming, intensivering, herstructurering of transformatie. Maar heeft maar een beperkte invloed of en wanneer dat gebeurt. Uiteindelijk besluiten eigenaren over hun eigen vastgoed. Zij hebben de beschikkingsmacht over de panden en over een groot deel van de grond. Zij kunnen ruimte geven aan andere functies of aan duurzame ontwikkelingen. Een belangrijke stap zal dus altijd zijn om met de eigenaren in gesprek te gaan over de ontwikkelingen op het terrein.” 

Meer weten?

Meer informatie over het slim benutten van bedrijventerreinen? Lees dan de pagina Bedrijventerreinen slim benutten van het Kadaster.

Lees verder