In opdracht van minister Adriaansens (EZK) hebben prof. mr. dr. Arjan Schep (Erasmus School of Law) en dr. Cees-Jan Pen (Fontys Hogeschool) onderzoek gedaan naar welke rol het instrument BIZ speelt bij de organisatiegraad op bedrijventerreinen en bij de verduurzaming van bedrijventerreinen. Uit het onderzoek blijkt dat voor het realiseren van maatschappelijke doelstellingen waarbij het initiatief en het grootste belang van het behalen ervan bij de overheid ligt, is de BIZ-regeling niet bedoeld en ook niet geschikt. Dit vraagt om andere type instrumenten waarbij de overheid meer verplichtend optreedt.

Download hier het onderzoek 'Investeren in het organiserend vermogen en de verduurzaming van bedrijventerreinen met behulp van bedrijveninvesteringszones'

De BIZ is de enige specifieke wettelijke en landelijk geldende regeling die faciliteert dat de gemeente en ondernemers periodiek afspraken maken over de verbetering van de leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling van een bedrijventerrein. De totstandkoming van een BI-zone leidt volgens de onderzoekers tot:
- organisatievorming;
- een planmatige aanpak voor meerdere jaren, neergelegd in een activiteitenplan;
- actief op zoek gaan onder de pandeigenaren en/of ondernemers naar draagvlak voor gewenste activiteiten en gezamenlijke investeringen.

Uit het onderzoek blijkt dat de BIZ een springplank kan zijn voor het verwezenlijken van duurzaamheidsambities. De organisatie is op orde, er is veelal een parkmanagementorganisatie of parkmanager betrokken die de planvorming en ambities op het gebied van verduurzaming kan begeleiden. Ook zijn er lopende afspraken met de gemeente over het gebied. De BIZ is dus voorwaardenscheppend en kan een aanjaagfunctie vervullen bij de verduurzaming van het bedrijventerrein. De maatschappelijke urgentie op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie en circulariteit biedt kansen op bedrijventerreinen doordat synergie mogelijk is wanneer ondernemersbelangen samenvallen met de overheidsbelangen. Daarvoor is nodig dat bedrijventerreinen zich organiseren en de basis op orde hebben. Een BI-zone kan daarvoor een platform bieden.

Met het onderzoek en een kamerbrief reageert minister Adriaansens (EZK) op het advies 'Samen Werken: kiezen voor toekomstbestendige bedrijventerreinen' van de Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur (Rli). Dit advies gaat over hoe de verduurzaming van bedrijventerreinen en de bedrijven die er gevestigd zijn te versnellen.

Klik hier om de kamerbrief te lezen met de kabinetsreactie op het Rli-advies Samen Werken.

 

Beeld: iStock - bortescristian

03-04-2024
Nieuws
Van hittestress naar vergroening op bedrijvenpark De President
Van hittestress naar vergroening op bedrijvenpark De President

Op bedrijvenpark De President, heeft PHB als aanjager van toekomstbestendige bedrijventerreinen, samen met ondernemers, parkmanagement en de gemeente, gezorgd voor een aanmerkelijke investering van bijna €900.000 in de vergroening van het bedrijvenpark.Na de succesvolle pilot hebben inmiddels meerdere bedrijven interesse getoondOndanks dat het bedrijventerrein destijds modern was ingericht, was het nog niet voorbereid op klimaatverandering. Door de intensieve bebouwing en beperkte groenzones liep de gevoelstemperatuur op warme dagen op tot wel 37–38°C, was er nauwelijks schaduw langs looproutes én voldeed minder dan de helft van de bedrijven aan de norm voor een koele plek binnen 300 meter. Kortom: het terrein was functioneel ingericht, maar bood op het gebied van klimaatadaptatie nog duidelijk ruimte voor verbetering, met kansen om het toekomstbestendiger en aantrekkelijker te maken voor werknemers, bezoekers en bedrijven. In 2023 gaf het Parkmanagement daarom opdracht om de problemen rondom hitte, groen en wateroverlast in kaart te brengen. De conclusie was helder: structurele verbetering kon alleen worden bereikt door openbare én private ruimte gezamenlijk te vergroenen.De impasse doorbreken De gemeente was in eerste instantie terughoudend over het vergroenen van het bedrijvenpark. Er waren al vaste plannen voor de uitstraling en strakke beheerbudgetten. Ook leek er weinig ruimte in de openbare omgeving door kabels en leidingen onder de grond. Parkmanagement besloot om een ‘aanjager’ via PHB in te schakelen, die zorgde voor gelijkwaardige gesprekken, waarin de verschillende perspectieven vanuit de betrokkenen werden besproken. Er ontstond tussen Parkmanagement, de deelnemende bedrijven en de verschillende afdelingen van de gemeente, begrip en een gesprek over wat mogelijk was. Door te kiezen voor een pilot benadering ontstond voor de gemeente, ruimte om op een andere manier naar ontwerp, beheer en kosten te kijken.Gezamenlijke inspectie in het gebied maakten kansen zichtbaar en creëerde enthousiasme.De bedrijven bleken over het algemeen bereid te investeren in hun eigen terrein, waarvan vijf bedrijven zich committeerden om hun eigen kavels ingrijpend te vergroenen. ‘Onze rol was om deze impasse te doorbreken.’ Nico Meester – PHBVan kansen naar concrete plannen Om snel inzicht te krijgen in haalbaarheid en kosten werd besloten een kansenanalyse te laten maken. Met behulp van een subsidie uit de provinciale regeling Ondersteuning Toekomstige Werklocaties werd €25.000 aan procesgeld toegekend, met 50% co-financiering. Opgebracht door parkmanagement, gemeente en PHB, ieder voor één derde deel. In totaal kwam er zo €50.000 beschikbaar.  Stichting Greendustry werkte vervolgens concrete plannen uit voor vijf bedrijfskavels en aangrenzende openbare ruimte, inclusief een begroting. In nauw overleg met alle partijen ontstonden realistische, gedragen ontwerpen.Ondernemers werden enthousiast en de gemeente ging van een afwachtende naar een actieve partner. ‘PHB speelde een belangrijke, aanjagende rol in het project en wist verschillende partijen met elkaar te verbinden.’ Hugo Kranenburg – GreendustrySubsidie als accelerator De totale investering voor de uitwerking van de vergroening bedraagt bijna €900.000.  Via de provinciale subsidieregeling Toekomstbestendige Bedrijventerreinen is 25% hiervan toegekend.  De uitvoering start in begin 2026 en bestaat onder andere uit: Groene bedrijfstuinen Wandelvriendelijke, schaduwrijke stoepen Vergroende gevels en koele verblijfsplekken De vergroening van de omgeving moet zorgen voor minder hittestress en wateroverlast en een fijne en aantrekkelijke werkomgeving.  ‘Door de korte lijnen met PHB en financiële ondersteuning is het project uiteindelijk ook in de uitvoeringsfase gekomen.’ Rob ten Bok – Parkmanager De PresidentSamen investeren in de toekomst Als deze case ons één ding heeft geleerd, dan is het dat samenwerking essentieel is. De gemeente en het bedrijfsleven moeten het samen doen en succes ontstaat wanneer ze beide eigenaarschap voelen. Nog meer learnings:  Betrek ontwerp, beheer én budgethouders vanaf het begin. Een gezamenlijke kijkronde breekt barrières af en maakt kansen zichtbaar en tastbaar Focus op de voordelen: mooiere uitstraling, meer comfort, hogere productiviteit, een koelere omgeving en minder wateroverlast. Wees helder over kosten en subsidiemogelijkheden Schetssessies stimuleren creativiteit en samenwerking.  Een integrale aanpak voor zowel openbare als private ruimte is cruciaal Een duidelijk integraal plan zorgt voor draagvlak en maakt uitvoering mogelijk De kracht van de bedrijvenvereniging van bedrijvenpark de President zit in samenwerken, duidelijke kaders, concrete cijfers, een gezamenlijke rekensom en heldere afspraken over wie wat doet. Juist een kleinschalige pilot bleek de sleutel tot blijvend draaglak en kansen voor opschaling. ‘De ervaringen die we met dit project hebben opgedaan, worden inmiddels meegenomen in projecten op andere werklocaties in de Haarlemmermeer.’ Ed Nieuwenhuizen – Procesbegeleider Duurzame Werklocaties,- Gemeente Haarlemmermeer Beeld: Bedrijvenpark De President, gemaakt door The Flying Dutchmen

06-03-2026
Nieuws
Lage Weide slecht bereikbaar per fiets: ondernemers slaan alarm
Lage Weide slecht bereikbaar per fiets: ondernemers slaan alarm

Er moet een gedekt uitvoeringsprogramma komen om de bereikbaarheid en verkeersveiligheid van het Utrechtse bedrijventerrein Lage Weide te verbeteren. Dat staat in een brandbrief waarmee bedrijven georganiseerd invloed willen uitoefenen op het aanstaande coalitieakkoord van de gemeente. Sommige bedrijven bouwen fietsstimuleringsprogramma’s af, en bouwbedrijf Strukton herintroduceerde de shuttlebus naar station Maarssen. ‘Als je prettige werkplekken wilt maken, moeten mensen er ook prettig kunnen komen’, zegt Roeland Tameling, parkmanager van Lage Weide. Ondernemers investeren in vergroening en klimaatadaptatie, maar lopen vast op de openbare ruimte. ‘De verantwoordelijkheid voor fietsveiligheid en bereikbaarheid ligt bij de wegbeheerder: de gemeente’, verduidelijkt Tameling.Tameling noemt kruisingen waar vrachtwagens, fietsers en andere weggebruikers elkaar op korte afstand kruisen, met gevaarlijke situaties tot gevolg. Ook de Demkabrug is een bekend pijnpunt, zegt een woordvoerder van bouwbedrijf Strukton. ‘Een collega weigert eroverheen te gaan. Ze vindt het doodeng.'‘Wij vinden het heel belangrijk dat onze collega’s veilig op de fiets of met ov naar hun werk kunnen komen', aldus Michiel Muller, medeoprichter van online supermarkt Picnic. Picnic heeft meerdere locaties op Lage Weide. ’Voor werknemers heeft Lage Weide helaas hoge drempels om er te kunnen komen!'Te veel uitdagingenJohn Faas, Business Unit Manager van Stiho, herkent dit. ‘Ons grootste kapitaal als 100-jarig familiebedrijf zijn onze medewerkers. Voor collega’s die fietsen of met de bus komen zien wij nu te veel uitdagingen. Dat vinden wij zorgelijk.’Strukton, Picnic en Stiho zijn drie van de 900 bedrijven met een vestiging op Lage Weide die samen ruim 19.000 werknemers tellen. Het terrein is cruciaal voor bouw, logistiek, energie en circulaire economie. Bovendien is de verwachting dat het aantal banen de komende jaren met 4000 zal groeien. Juist daarom is bereikbaarheid volgens Tameling geen intern probleem van ondernemers, maar een stedelijke randvoorwaarde. Acht jaar plannen, weinig daadkracht Sinds 2018 ligt er een analyse die aantoont dat 40 procent van de werknemers op fietsafstand woont. Er volgden goede voornemens, overlegstructuren en de Bereikbaarheidsalliantie A2. Werkgevers gingen aan de slag met fietsstimulering, terwijl wegbeheerders zouden investeren in infrastructuur. Toch ontbreekt daadkracht. Fietsroutes zijn onveilig, openbaar vervoer is voor veel werknemers geen optie door onhandige aankomst- en vertrektijden, en looproutes vanaf haltes zijn op delen onaantrekkelijk of gevaarlijk, zeggen de bedrijven.Bedrijven op Lage Weide waren zelfs zo teleurgesteld dat werd overwogen om met een one-issuepartij aan gemeenteraadsverkiezingen deel te nemen. ‘Dat plan ging uiteindelijk niet door, toen de raad instemde met extra investeringen. Maar dat heeft er niet toe geleid dat alle problemen zijn opgelost.’ Investeringen noodzakelijkCees-Jan Pen, docent Duurzame stedelijke transformatie aan de Hogeschool Fontys en lid van de adviesraad van de kennisalliantie voor bedrijventerreinen SKBN, stelt dat de gemeente actie moet ondernemen. ‘De vorige gemeenteraad in Utrecht heeft het grote sociaaleconomische belang van Lage Weide voor de stedelijke economie en het vestigingsklimaat benadrukt. Waar moeten de bewoners van nieuw te bouwen huizen werken, en hoe komen ze op hun werk?’ De komende jaren zal honderden miljoenen in bereikbaarheid moeten worden geïnvesteerd, aldus Pen. ‘In het geval van Utrecht heeft de gemeente A gezegd, en is de oproep van Lage Weide logisch en noodzakelijk. Het is nu zaak B te zeggen door de nieuwe raad en dezelfde coalitiepartijen.’Een compleet en financieel gedekt plan brengt volgens Pen de basis weer op orde en versterkt het vertrouwen van ondernemers. ‘Dit helpt ook om verdere verduurzamingseisen aan gevestigde bedrijven te stellen en congestie op het wegennet te voorkomen.'Cofinanciering'Ook kun je deze investeringen gebruiken als cofinanciering richting EZ, I&W en VRO, die met stevigere verduurzamingsbudgetten voor werkgebieden moeten komen. De provincie en Ontwikkelmaatschappij Utrecht zullen dan ook eerder geneigd zijn te investeren, net als bedrijven in het gebied zelf.’ Dit sluit aan bij Utrechtse plannen voor ruimte voor circulaire bedrijven. Tameling beaamt dat de oplossing niet in kleine, losse ingrepen ligt, maar dat een groot investeringsplan nodig is. ‘Nu worden vooral cosmetische aanpassingen gedaan op korte stukken. Daarna belanden fietsers op aangrenzende wegen opnieuw in onveilige situaties.’ Lage Weide wil daarom een meerjarig investerings- en uitvoeringsprogramma. Coalitieakkoord beslissend De timing van de brandbrief is bewust gekozen: in Utrecht lopen de coalitiebesprekingen. Lage Weide wil dat het nieuwe college de bereikbaarheid van het bedrijventerrein vastlegt in het coalitieprogramma, inclusief financiële dekking en een uitvoeringspad. Volgens Tameling zijn de contacten met de gemeente goed, maar nog te vrijblijvend. In eerder overleg met wethouders Suzanne Schilderman en Senna Maatough wordt de noodzaak van verbeteringen erkend, maar onvoldoende opgevolgd door actie. De gemeente Utrecht wil voor nu enkel bevestigen de brief te hebben ontvangen en de zorgen van Lage Weide te herkennen. ‘Iets wat ook nadrukkelijk aan bod komt in de Omgevingsvisie Lage Weide die naar verwachting na de zomer ter besluitvorming aangeboden wordt aan de raad.’ ‘Graag zetten we de gesprekken met ILW en de bedrijven op Lage Weide voort en nemen we de signalen uit de brandbrief daarin mee.’Het verbeteren van de bereikbaarheid van bedrijventerreinen is een van de drie hoofdpunten in het huidige provinciale coalitieakkoord. Met ingang van december 2025 rijden er bijvoorbeeld meer bussen naar Papendorp en Lage Weide en is bedrijventerrein Broekweg-Langshaven bij Wijk bij Duurstede voortaan bereikbaar met openbaar vervoer.Bron: BT Online.nl

20-05-2026
Aanmelden nieuwsbrief